< Terug

Beste meneer Luther,

Ik schrijf u, omdat ik ergens mee zit. Ik hoop dat u uw licht erover kunt laten schijnen. Sola Scriptura – alleen door de Schrift. Woorden die u gebruikte om aan te geven dat u slechts de Bijbel als autoriteit beschouwde en niet de uitleg die de paus en de bisschoppen ervan gaven. U had wellicht het gevoel dat zij de bijbelse verhalen interpreteerden zoals het hen goed uitkwam. Om hun machtspositie zeker te stellen, of ter meerdere eer en glorie van zichzelf. U greep terug op de Schrift als enige bron van Gods Woord.

Maar nu is men een beetje aan de haal gegaan met uw woorden. Want wat ik verstaan heb tijdens mijn studie theologie en überhaupt op mijn weg door mijn protestantse leven, is dat God alléén door de Schrift tot je spreekt. Dat je God alleen kunt vinden in de woorden die mensen duizenden jaren geleden hebben opgeschreven. Dat je God alleen kunt vinden in een bibliotheekje van bijna 70 boeken – alsof er eerder, tegelijkertijd en later niet nog heel veel behartigenswaardigs over God geschreven is. Dat je God alleen kunt vinden in die letters op papier en niet, om maar eens iets te noemen, in jezelf, in een ander of in de schepping.

Begrijpt u wat ik bedoel? Uw woorden, die bedoeld waren om weer terug te gaan naar de kern, zijn in het protestantisme of in ieder geval in mij, geworden tot een begrensde ruimte waarbinnen het allemaal gebeuren moet. Alsof alles wat daarbuiten gebeurt, verdacht is. En daar worstel ik mee, beste meneer Luther. Want ik ervaar van alles in mijn innerlijke stilte, in een ander die zich opent, in de knoppen aan de bomen. Ik ervaar daar iets van God in. Maar mijn protestantse inborst zegt dat dat niet mag. Dus de Schrift als Woord van God – helemaal mee eens. Maar mag de ervaring ook?

Marga Haas is theoloog en redactielid van Open Deur.

< Terug