< Terug

De eerste roze dominee van nederland

Een predikant voor lesbiennes, homo’s, biseksuelen en transgenders

Na twee jaar overleg en afwachten deed ik in 2016 intrede als LHBT-predikant in de Protestantse Kerkte Amsterdam. Het Gay en Lesbian Klassiek Koor Amsterdam (Galakoor) zong en ik ontving een bijzondere zegen van drie voorvrouwen uit de brede LHBT-beweging.

Ds. W. Elhorst, gemeentepredikant in Bussum (Centrum), is LHBT-predikant in Amsterdam en projectmanager voor de LCC Plus Projecten, gericht op de sociale acceptatie van homoseksualiteit in christelijke kring

Het was zondag, 19 juni 2016. De Keizersgrachtkerk zat vol met LHBT’s uit alle ‘walks of life’. Midden onder hen mocht ik het ‘bijzonder predikantschap voor de LHBT-gemeenschap’ met vreugde aanvaarden. In de aanloop naar de dienst en ook daarna is mij geregeld de vraag gesteld of zo’n predikantschap echt nodig is en wat een ‘roze dominee’ nu eigenlijk doet.

In dit artikel komt u veelvuldig de afkorting LHBT tegen. Met deze afkorting wordt een grote groep mensen aangeduid: Lesbiennes, Homo’s, Biseksuelenen Transgenders. Kortom: LHBT.
Een lange weg: LHBT’s in de kerken

Zolang de kerk bestaat, zijn er onder de leden van de kerk ook LHBT’s geweest. Eeuwenlang waren zij echter praktisch onzichtbaar. Nog in de achttiende eeuw werden homoseksuele mannen in Nederland vervolgd en stond op homoseksueel gedrag de doodstraf. Ook in de kerk sprak men in besmuikte termen over het ‘crimen nefandum’: de zonde waarover je maar beter kunt zwijgen.
Pas in de twintigste eeuw begon het tij te keren. In de jaren ’60 was er een aantal geestelijke leidslieden die in het openbaar bepleitten homo’s en lesbiennes niet langer te zien als zondige of zieke mensen. In een maatschappelijk klimaat dat nog erg homovijandig was, durfden mensen als ds. Alje Klamer, ds. Martin Brussaard en pater Joop Gottschalk hardop te zeggen dat homo’s en lesbiennes hun eigen verhaal moesten kunnen doen, zonder angst voor veroordeling.

Daarna is het vrij snel gegaan. Er verschenen kerkelijke rapporten over homoseksualiteit en het geloof. De grote protestantse kerken als de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Nederlandse Hervormde Kerk besloten dat homo’s en lesbiennes in de kerk niet ongelijkwaardig mochten worden behandeld, ook niet in de kerkelijke ambten. In de grotere kerken konden homo’s en lesbiennes zich steeds veiliger gaan voelen. Er ontstonden in ons land tal van organisaties voor christelijke LHBT’s (in 2016 ongeveer vijftien) die zowel binnen als buiten de kerk van zich lieten en laten horen. En er werd steeds meer ‘roze’ gevierd, zowel binnen als buiten het directe verband van de kerk. Nu vinden er jaarlijks tientallen roze vieringen plaats in Nederland, niet alleen in Amsterdam, maar ook in vele grote en kleinere steden in Nederland. De LHBT is hoe dan ook niet langer ongezien in de meeste Nederlandse kerken.

Werken aan emancipatie en sociale acceptatie

Al is het in de afgelopen vijftig jaar voor LHBT’s in Nederland snel de goede kant opgegaan, we zijn er nog lang niet. Er is veel wetgeving die mogelijk maakt dat LHBT’s net als iedereen volwaardig kunnen participeren. Maar wetgeving is nog niet hetzelfde als sociale acceptatie. Wetgeving maakt nog niet dat ‘gewone’ Nederlanders LHBT’s ook in hun hart sluiten. Dat geldt zowel voor niet-kerkelijke als kerkelijke Nederlanders. Juist dit krijgt vanuit de brede LHBT-beweging nu volop de aandacht. Ook vijf christelijke LHBT-organisaties dragen hier sinds 2008 aan bij door het uitvoeren van verschillende projecten. Op dit moment zijn dat er drie en aan deze projecten is het bijzondere predikantschap van de LHBT-predikant verbonden. Dit werk strekt uiteraard veel verder dan de stad Amsterdam en is ook niet alleen bedoeld voor gemeentes die tot de Protestantse Kerk in Nederland behoren. De projectmanagers van wie de LHBT-predikant er een is, werken met vele vrijwilligers aan (1) een grotere zichtbaarheid van LHBT’s in de traditionelere geloofsgemeenschappen, (2) aanhet begeleiden van christelijke scholen die willen werken aan voorlichting over seksuele diversiteit en voor al hun leerlingen een veilige school willen realiseren en (3) aan een project dat wil bijdragen aan een groter bewustzijn over transpersonen in geloof en kerk. Emancipatie en sociale acceptatie gaan in deze projecten hand in hand.

LHBT-predikantschap

Naast het projectenwerk kent het LHBT-predikantschap ook een stukje Amsterdams werk. Dit werk bestond al vóór de roze dominee er was. Het gaat hier met name om drie bijzondere vieringen: de Gay Pride Kerkdienst, de Pink Christmas Kerkdienst en de IDAHOBIT-wake (IDAHOBIT staat voor: Internationale Dag tegen Homofobie, Bifobie en Transfobie, ieder jaar op 17 mei).

Deze activiteiten worden nu door de LHBT-predikant begeleid en worden door tientallen tot honderden mensen bezocht. Daarnaast was er in de zomer van 2016 speciale aandacht voor allerlei religieuze activiteiten tijdens EuroPride, het jaarlijkse Prideevenement voor LHBT’s dat steeds een andere stad in Europa bezoekt. Aan meer dan de helft van alle wijkgemeentes van de Protestantse Kerk Amsterdam wapperde de regenboogvlag om de duizenden bezoekers welkom te heten en dat is niet onopgemerkt gebleven. En tussen alle bedrijven door is er een luisterend oor van de LHBT-predikant voor iedere LHBT die zit met vragen rond geloof, de Bijbel en de kerk en die daarmee niet bij zijn/haar eigen pastor of in zijn/ haar geloofsgemeenschap terecht kunnen.

Emancipatie en sociale acceptatie gaan hand in hand

De kerk is zonder LHBT’s niet compleet

De kerk zou voor alle mensen een vrijplaats moeten zijn: een plek waar je je verhaal kunt doen en waar je op verhaal kunt komen. Gelukkig is de kerk in een groeiend aantal gevallen zo’n plek. Maar er valt ook nog veel te bereiken.

Dat er juist onder gelovige LHBT’s meer jongeren zijn die aan suïcide denken, stemt tot ernstige reflectie. De vele roze vieringen die er in Nederland zijn, zijn voor LHBT’s van dit soort vrijplaatsen. Ook veel LHBT’s die in hun eigen kerk welkom zijn, gaan er graag naar toe. Indeze vieringen is er herkenning en staan de eigen levensthema’s van LHBT’s centraal, de ingewikkelde en de positieve. In een ‘gewone’ kerkdienst gebeurt dat weinig en kun je je als LHBT al snel alleen voelen. Niet zelden is een roze viering een plek van waaruit LHBT’s hun plek in hun eigen gemeenschap weer in kunnen nemen. Het zijn plekken van inspiratie waar LHBT’s zich hoe dan ook niet onveilig hoeven te voelen en zij in wie zij zijn worden aangesproken. Om deze vieringen heen ontstaan eigen (gebeds)teksten en liederen die langzamerhand uitgroeien tot een ‘roze canon’. Zijn dit soort ontwikkelingen nu gewenst of ongewenst? In ieder geval zijn ze tot op de dag van vandaag noodzakelijk. De roze vieringen maar ook de vele programma’s en bijeenkomsten die door christelijke LHBT-organisaties worden georganiseerd, zijn plekken waar mensen op adem kunnen komen. Daarnaast zijn al deze plekken en activiteiten ook een appèl aan alle Nederlandse kerken. Het wijst ze op een tekort, of positiever geformuleerd: het geeft zicht op de eigen bijdrage die LHBT’s aan de kerken hebben. Zonder die bijdrage is de kerk als de bonte stoet achter Jezus aan niet compleet. Dit zichtbaar te maken is ook één van de taken van de LHBT-predikant. Een voorbeeld daarvan passeerde zojuist al: de eigen canon van (gebeds)teksten en liederen. Ook worden in roze vieringen en in andere activiteiten de eigen verhalen van LHBT’s opgetekend, die vertellen over de manier waarop zij hun weg in geloof en kerk hebben gevonden. Van LHBT’s, in het bijzonder van transpersonen, kan worden geleerd wat het eigenlijk betekent een vrouw of een man te zijn. Daarbij lijkt veel minder vast te liggen dan mensen soms denken. En wat te denken van de nieuwe familieverbanden die ontstaan in het groeiende aantal regenboogfamilies. Kennis nemen van de verhalen en levens van LHBT’s kan de kerk veranderen in een kerk waar echt iedereen bij kan horen en die veilig is voor àlle mensen.

Risico durven nemen

Ik ben bijzonder dankbaar dat de Protestantse Kerk in Amsterdam het heeft aangedurfd een

LHBT-predikant te beroepen. Het getuigt van lef. Ook in de kerken van Amsterdam wordt verschillend gedacht over seksuele diversiteit en genderidentiteit. En toch heeft de kerk gezegd: wij nemen het risico. We willen laten zien dat we midden in de LHBT-gemeenschap willen staan en dat we de verhalen van LHBT’s en hun levens serieus willen nemen. Ook in deze gemeenschap hebben mensen elkaar lief, gaan zij verbindingen met elkaar aan, zien zij om naar elkaar. Daarin zijn sporen van God zelf te ontdekken die op een eigen wijze bijdragen aan wat het betekent in Haar te geloven en de ander als naaste te dienen. Dat ik als predikant in de LHBT-gemeenschap spoorzoeker mag zijn en het leven van LHBT’s dat ook mijn eigen leven is, mag verbinden met de verhalen uit de christelijke traditie, vind ik een hoge eer. Ik hoop er mensen in voor te mogen gaan, Gods liefde gestalte te geven in de stad (het motto van de Protestantse Kerk Amsterdam) en in het land. Daarbij mag ik ook geregeld de grens over. Een predikant te ontmoeten die de LHBT-gemeenschap dient, is voor mensen in bijvoorbeeld Centraal-en Oost-Europa een teken van hoop zijn, in levende lijve laten zien dat het allemaal goed kan komen.

Kerkelijke rapporten over homoseksualiteit en het geloof

Zoveel mogelijkheden

Een LHBT-predikant kan niet overal zijn. En dat hoeft ook niet gelukkig. Kerkelijke gemeentes kunnen zelf veel doen om seksuele diversiteit en genderidentiteit ter sprake te brengen: organiseer zelf een roze viering, nodig een voorlichter uit van het COC in de kerkenraad, maak gebruik van geschikt catechesemateriaal (onder andere van JOP) of nodig christelijke LHBT’s en hun organisaties eens uit in je eigen kerk. Als LHBT-predikant wijs ik graag de (roze) weg.

< Terug