< Terug

De fanatieke Paulus

IJver kun je zien als een deugd, fanatisme als iets gevaarlijks. En toch liggen ze dichter bij elkaar dan je denkt. In het woordenboek bijvoorbeeld staan ze bij elkaar. Ook de vertalers van de NBV maken van de ijverige Paulus een fanatieke Paulus.

Kijk je in het woordenboek van Van Dale onder ‘fanatiek’ of ‘fanatisme’, dan vind je in de omschrijving het woord ‘ijver’. Bij ‘fanatiek’ staat: door een blinde ijver (voor het geloof of idee) gedreven. En bij ‘fanatisme’ lees je: felle, hartstochtelijke ijver voor iets, gepaard gaand met onverdraagzaamheid jegens andersdenkenden. Kijk je vervolgens naar Paulus, dan zie je het woord ‘ijver’ verschillende keren bij hem voorkomen. De aanduiding boven dit artikel ‘De fanatieke Paulus’ klopt dus. Ga je verder op zoek, dan zie je dat het woord ‘ijver’ bij Paulus op twee manieren voorkomt. Hij gebruikt het woord zelf in zijn brief aan de Filippenzen, in hoofdstuk 3, vers 6, waarin hij aangeeft dat hij alle reden heeft om vertrouwen te stellen op het vlees. Dan noemt hij verschillende zaken zoals zijn besnijdenis en zijn farizeeërschap. En daartussenin zegt hij dat hij de gemeente ‘fanatiek vervolgd heeft’, zoals de Nieuwe Bijbelvertaling vertaald heeft. Letterlijk staat er: ‘naar ijver: een vervolger van de gemeente’. De zin staat hier ingeklemd tussen ‘naar de wet: een Farizeeër’ en ‘naar gerechtigheid: in de wet onberispelijk’. Mij gaat het nu met name om het feit dat Paulus hier zichzelf tekent als een fanatiek vervolger van de christelijke gemeente. Zo kennen we hem ook uit het boek Handelingen. Lucas tekent Paulus eigenlijk al direct vanaf het begin dat hij zijn naam noemt, als vervolger van de christelijke gemeente. Lees het begin van Handelingen 8 maar. De terechtstelling van Stefanus is nog niet voorbij, of je hoort dat er een zware vervolging plaatsvindt, en even later lees je dat Paulus de gemeente verwoestte. ‘Vervolgen’ en ‘verwoesten’ zijn de twee woorden waarmee Paulus in Handelingen getypeerd wordt. Deze twee woorden gebruikt hij zelf in zijn brief aan de Galaten, direct in het eerste hoofdstuk, vers 13: ‘Want u hebt gehoord van mijn wandel eertijds in het jodendom, dat ik bovenmate de gemeente Gods vervolgde en haar verwoestte.’ In de NBV komt u hier opnieuw het woord ‘fanatiek’ tegen: ‘(…) dat ik de gemeente van God fanatiek vervolgde en haar probeerde uit te roeien’, maar het woord ‘ijver’ (zêlos) ontbreekt hier in het Grieks. De NBG-vertaling heeft ‘bovenmate’. In het Grieks staat er: kath’ huperbolên.

Fanatiek in het joodse geloof

Bij Paulus komt het woord ‘fanatiek’ ook nog op een andere manier ter sprake, en wel als het gaat om de manier waarop hij in het joodse geloof (letterlijk: in het judaïsme) staat. Ook dan zegt hij dat hij daarin een fanatiekeling was. In een van zijn eigen brieven, in die aan de Galaten, spreekt hij over zichzelf – direct nadat hij gezegd heeft dat hij de gemeente Gods bovenmate vervolgde en verwoestte – als volgt, even heel precies weergegeven: ‘overvloedig een ijveraar zijnde van mijn vaderlijke overleveringen’. Wat Paulus wil laten weten, is dat hij zich altijd zeer nauwgezet en fanatiek aan de joodse tradities heeft gehouden. Dat laat Lucas ook weten in Handelingen. Hij laat het daar uit Paulus’ eigen mond klinken, in een van de twee redevoeringen waarin Paulus terugkomt op zijn bekering waarover in Handelingen 9 wordt verteld. In een lange redevoering voor het volk zegt hij dat hij is ‘opgeleid aan de voeten van Gamaliël, met nauwgezette inachtneming van de wet onzer vaderen, een ijveraar voor God evenals u allen heden zijt’ (Hand. 22:3). Elders is wel sprake van ijveren voor de wet, hier van ijveren voor God. Ze horen bij elkaar: als je de wet van onze vaderen nauwkeurig in acht neemt, dan toon je dat je een ijveraar voor God bent. De NBV heeft hier (Hand. 22:3) niet vertaald met: ‘dan toon je dat je een fanatiekeling voor God bent’; dat vond ze blijkbaar toch iets te veel van het goede. In plaats daarvan staat er: ‘een vurig dienaar van God’.

Gestoord in zijn fanatisme

In die fanatieke vervolging nu wordt Paulus gestoord, waar hij zelf eerder als stoorzender functioneerde, toen het over Stefanus ging. Aan het slot van Handelingen 7 en het begin van hoofdstuk 8 is te zien hoe Pauluszinnetjes de gang van zaken rond Stefanus steeds verstoorden/doorbraken. De hemel komt er nu zelf aan te pas om Paulus te stuiten als hij op weg is naar om de leden van de christelijke gemeente naar Jeruzalem te brengen om ze in het gevang te stoppen. Dan klinken er die woorden: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je mij?’ Jezus laat horen dat als je de gemeente vervolgt, je hem vervolgt. Het zijn woorden die ooit eerder klonken, uit de mond van David, toen hij door (die andere) Saul werd vervolgd (1 Sam. 26:18, vgl. 24:15). Lucas laat zijn hoorders dus via de naam associëren: Saul vervolgt David > Saul(us) vervolgt (de mensen van) Jezus die aan het begin van het evangelie ‘zoon van David’ was genoemd. Wat deze Saulus moet inzien, als hij zo bezig is, is dat hij lijkt op de verworpen koning Saul. Toch wordt hij nu verkozen. Dat wordt in het vervolg gezegd, als hij deze woorden van Ananias te horen krijgt: ‘Ga, want deze is een uitverkoren werktuig om mijn naam te dragen (…)’ (Hand. 9:15). Van vervolgde wordt hij tot verkondiger, en als verkondiger moet hij weten dat ook hij zal lijden, zo krijgt hij er direct achteraan te horen: ‘want Ik zal hem tonen hoeveel hij lijden moet ter wille van mijn Naam’ (9:16).

Fanatiek na zijn bekering

Paulus mag dan in zijn fanatieke vervolging vanuit de hemel gestoord zijn, maar is daarmee aan heel zijn fanatisme een eind gekomen? Dat zou je bijna denken als je ziet dat het woord ‘ijver’ nadien niet meer voorkomt. Maar kijk je naar alles wat hij daarna heeft gedaan en gezegd, dan zie je nog steeds een gedreven mens, nu in dienst van de zoon van David.

< Terug