< Terug

De top? Eigenlijk moet je daar niet zijn.’

Bergen fascineren Ina Hoogendijk. Vooral geïsoleerde, alleenstaande bergen als de Kilimanjaro. Aart Mak vroeg Ina naar haar ervaringen met het beklimmen én met het bereiken van de top.
Aart Mak is pastor bij Radio Bloemendaal, het omroeppastoraat van Kerk zonder Grenzen, en redactielid van Open Deur.

‘Als ik op reis ben, geniet ik van de totaal andere wereld. Ik zie dat de wereld zoveel groter is dan mijn wereld. En elke keer weer verrassen mensen mij. Toen ik in 1992 thuis kwam van mijn eerste grote reis, vroeg mijn vader mij: ‘Wat heb je geleerd?’ Ik zei: ‘Dat je altijd op mensen kunt vertrouwen.’ Toen knikte hij alleen maar. Mijn vader was een heel gesloten man. Hij had mij nog nooit zoiets gevraagd. Twee weken na dat moment overleed hij.

EEN ANKER

Bergen fascineren me, vooral bergen die zich geïsoleerd in het landschap bevinden. De Kilimanjaro bijvoorbeeld. Als kind zag ik die berg al op foto’s: helemaal alleen, los van alles, met sneeuw erop, midden in Afrika. Vijftien jaar terug heb ik hem beklommen. Het was fantastisch. Wat een berg als deze zo bijzonder maakt, is dat hij zo onveranderlijk is. Er gebeurt van alles in de wereld: landverhuizingen, overstromingen, machtswisselingen. Maar de berg blijft. Ik vind dat zo imponerend.

In meditaties helpt dat beeld van de berg mij ook. Want ook al verandert er in mijn leven het nodige, ik blijf wie ik ben. Het beeld van de berg is dan als een anker.

DICHT BIJ DE OORSPRONG

Ik wil de top van een berg niet bedwingen. Ik wil hem wel bereiken. Voor mij is dat een overwinning op mijzelf. Ik kan het. En natuurlijk, de top bereiken is prachtig. De wind, het uitzicht, het gure klimaat daar, de ijle lucht. Net als bij een woeste zee weet je dat je heel voorzichtig moet zijn. Eigenlijk moet je er niet zijn. Je voelt je als mens nietig. Dat is een diepgaande ervaring. Maar ik heb zo vaak gemerkt dat de weg naar de top even belangrijk en vaak mooier is dan de top. En ik wil ook niet heel hoog de kou in.

Maar die vulkaan in Indonesië zou ik graag nog eens beklimmen. Vooral bij het beklimmen van zo’n vulkaan ervaar ik het eerste begin van de aarde. Dat heb ik ook in de woestijn. Je bent dicht bij de oorsprong. Inmiddels weet ik dat ik daar steeds naar op zoek ben. Het reizen naar bergen en door woestijnen is voor mij eigenlijk: willen weten hoe de wereld eruit zag voordat de mens zich aandiende. De puurheid, dat is het.’

‘Je bent dicht bij de oorsprong’

< Terug