< Terug

De verbeelding

Omgaan met de dood in onze cultuur

Over het sterven en de dood denken en praten we meestal niet makkelijk. In de geschiedenis, in de cultuur, hebben vooral kunstenaars wel altijd hún gedachten in beelden weergegeven. Daarnaar kijkend en luisterend komen we op eigen gedachten… en woorden…

De uitvaartbranche biedt sinds kort een bijzondere wandelstok aan: de Tolad genoemd. De wandelstok dient nabestaanden om de as van hun dierbare in te doen. Tijdens het wandelen verliest de stok telkens bij het aanraken van de grond een beetje as. Stap voor stap wordt de as verstrooid en laten de nabestaanden hun dierbare los. Hun pad en dat van de as van de geliefde raken verstrengeld. Cultuur en dood komen samen in een wandelstok!

Overal om je heen

Dagelijks komen we de dood tegen. In overlijdensberichten, bij natuurrampen en ongelukken, in ziekenhuizen, in onze straten en wijken, soms in je eigen huis. De dood is om ons heen. Hij is zo dichtbij en we praten niet graag over hem. We drukken hem liever naar de achtergrond. Echter, er zijn ook mensen (kunstenaars, musici, etc.) die juist bewust nadenken over de dood en hun gedachten creatief vormgeven.

De dood als cultureel thema

Als predikant merk ik geregeld hoe moeizaam we naar de dood kijken. Op mijn boek Denkend aan de dood kom ik tot leven, een bezinning op mijn eigen dood, kreeg ik veel reacties. Die tonen dat er wel belangstelling voor de verhalen van anderen is. Alleen, niet voor het verhaal van de eigen dood. Nou hoeft dat ook niet per se. Wel meen ik dat bezinning op je eindigheid het leven kan verrijken. Ruwweg op twee manieren is de dood met de cultuur verbonden.

Overlijdensberichten weerspiegelen wat gaande is in onze cultuur

Allereerst door de cultuur zelf, als we ook natuur daartoe rekenen. Naturalis, het natuurhistorisch museum in Leiden, heeft in een van de zalen de dood ‘tentoongesteld’. In een soort doolhof wandel je door de zaal en ontdek je hoe dood en leven samenkomen. Je kijkt in de vele gezichten van de dood en na het bezoek besef je nog sterker: leven en dood horen tot de kringloop van de natuur.

Nadrukkelijk is de dood aanwezig in de cultuur door inbreng van de mens. De mens zelf geeft op creatieve en expressieve wijze uiting aan de dood. Die uitingen van de dood door kunstenaars brengen de diepste menselijke gevoelens en gedachten in beeld. Zij verstaan de kunst en hebben de durf om te verbeelden waartoe de meesten van ons niet in staat zijn. Soms zie je een schilderij of hoor je een lied, en je denkt: dat gaat over mij. Kunstenaars laten zien, voelen en horen wat er over dit thema in ons gaande is. Zij zijn onze vertolkers. Wat vanuit de cultuur tot ons komt, is daarom waardevol. Ook hetgeen op het eerste gezicht aversie oproept. Laten we enkele cultuuruitingen noemen.

Kunst en literatuur

Stap een museum van kunst binnen. Loop daar een poosje rond en zoek in beelden en schilderijen naar verbeelding van de dood. Je zult versteld staan hoe vaak dit thema zich aandient. In oude en nieuwe kunst. In de dorpskerk van het Franse Le Mas D’AGENAIS hangt het schilderij waarin Rembrandt (1631) het sterven van Jezus aan het kruis uitbeeldt. Verschillende facetten van sterven zijn weergegeven: angst, pijn, eenzaamheid. Donker en tegelijkertijd licht omhult de gekruisigde. Alsof de schilder zegt: het licht zal hem redden.

De dood in verschillende gedaanten: als vreemd en gewoon, als vijand en vriend, als bron van verdriet en van verlossing

Met ‘moeder met dood kind’, waarop een wanhopige moeder haar dode kind tegen zich aandrukt, weet Käthe Kollwitz (1945) ons tot tranen toe te raken. Hetzelfde zien we in de literatuur. Zowel in fictie als in non-fictie. Denk recentelijk aan Tonio van A.f.th. van der Heijden; aan Contrapunt van Anna Enquist; aan Na Emma van Joost Prinsen. In verschillende gedaanten gaat de dood zijn weg. Als vijand en vriend, als bron van verdriet en als bron van verlossing. Als iets vreemds en gewoons. Zie ook de poëzie, waarin de dood en liefde elkaar nogal eens veronderstellen.

Muziek en film

Een ander terrein binnen de cultuur is muziek. Denk aan de klassieke begrafenismarsen en requiems. Als het koor in het requiem van Verdi zingend vraagt aan de Heer om de eeuwige rust voor de gestorvene, raakt dat diep. Zelfs als je niet gelooft in het paradijs, voel je je bij het horen van deze muziek gedragen. En we kennen de cantates van Bach, waarin lijden en dood onweerstaanbaar worden opgevoerd. Ach, er is zoveel te noemen en te ondergaan. De moderne muziek van de laatste decennia weet evengoed het thema dichtbij mensen te brengen.

Om in ons eigen land te blijven: Stef Bos met ‘papa’, Frans Bauer met ‘zonder vaarwel’, André van Duin met ‘voor altijd’. Claudia de Breij weet met ‘mag ik dan bij jou?’ velen te ontroeren; het eindigt met:

Als het einde komt,
en als ik dan bang ben,
mag ik dan bij jou?
Als het einde komt,
en als ik dan alleen ben,
mag ik dan bij jou?

En er is de film. De Japanse film ‘departures’, uit 2008, gaat over een man die gaat werken in de uitvaartbranche. We zien allerlei rituelen rondom het verzorgen van overledenen, maar ook de taboes die er zijn. Het is een leerzame verbeelding van het omgaan met de dood in een andere cultuur. Gevoelige beelden van liefde en dood vertoont de kinderanimatiefilm ‘up’, uit 2009. De beelden ontroeren en wekken ook de lach op. In ‘the Life of Death’, uit 2012, komen leven en dood elkaar heel nabij. Maar hoe die twee zich tot elkaar verhouden, laat zich niet eenvoudig vertellen.

Media

Ook de media schenken geregeld aandacht aan de dood. Wie kranten en tijdschriften volgt, zal onmiddellijk beamen dat zij er veel over publiceren. Evenmin schuwen radio en tv de dood en ze zijn niet bang taboes te doorbreken. Zoals het tv-programma ‘de kist’. De interviewer gaat met een houten doodskist op bezoek bij een bekende landgenoot om te praten over de dood. Veelal onthullende gesprekken. Kortgeleden was er de tv-serie ‘leven voor de dood’. Vijf jonge mensen vertellen dat ze een doodswens hebben, in de verwachting dat de dood voor hen verlossing brengt. Op zondagmorgen zond de VPRO op Radio 1 dit jaar de serie ‘kassiewijle’ uit. Onverbloemd komen sterven en dood-zijn aan de orde. Wie wil ontdekken hoe de dood zich in onze cultuur manifesteert, moet overlijdensberichten lezen. Zij weerspiegelen wat er gaande is.

Leven en dood horen tot de kringloop van de natuur

Zijn er grenzen aan verbeelding?

Als de klok van Arnemuiden

Drie jaar geleden moest ik een uitvaartdienst leiden van een 87-jarige man, in zijn werkzame leven visser. De kinderen wilden ‘als de klok van Arnemuiden’ zingen. Ik voelde weerstand bij dit voorstel, maar sprak dat (nog) niet uit. Beter is om eerst te luisteren naar wat erachter schuilgaat. Ze vertelden dat dit lied hun vader altijd aangreep. Vanaf zijn vijftiende was hij visser. Wat hem steeds wat deed, was het terugkomen in de haven. Altijd dat gevoel van dankbaarheid. Twee keer had hij meegemaakt dat een vissersschip uit het dorp niét terugkwam. Vreselijk. De hele gemeenschap had gerouwd. Die herinneringen hadden zich vastgezet in zijn levensverhaal. Wanneer het refrein klonk, greep hem dat aan:

Als de klok van Arnemuiden welkom thuis voor ons zal luiden, wordt de vreugde soms vermengd met droefenis, als een schip op zee gebleven is.

Mijn einde schept ander nieuw leven, niet alles is verloren!

Toen de kinderen dat deelden, zag ik bij hen grote ontroering. Mijn verzet ebde weg na het horen van dit levensverhaal. Dat verhaal was authentiek, evenals de beleving van de kinderen daarbij. Precies daar gaat het om bij het afscheid nemen. In onze cultuur treffen we teksten en beelden aan om geleefd leven voelbaar en hoorbaar te maken. Die zich meestal laten verbinden met christelijke tradities. In de afscheidsdienst zongen De Havenzangers, begeleid door accordeons, vaders lied. Menigeen werd geraakt, ook ik.

Balans

Wat mij aanspreekt of niet aanspreekt, hoeft niet voor anderen te gelden. De afgelopen decennia doet ‘seculiere’ muziek nadrukkelijk haar intrede bij de uitvaart. Naast vertrouwde kerkmuziek. Ik ken stemmen die zeggen dat die twee met elkaar vloeken. Maar neem nu ‘vaste rots van mijn behoud’ en leg daar ‘you want it darker’ van Leonard Cohen naast. Hoor je de overeenkomsten? Ja, als je daarbij de belevingsverhalen hoort van hen die van het ene of het andere lied ofwel van beide houden. Van belang is om alle betrokkenen recht te doen. Dat zijn de overledene, de nabestaanden, de belangstellenden en de kerkelijke traditie (als er een kerk bij betrokken is). Primair is dat we op het ultieme moment van afscheid elkaar nabij zijn met beelden, woorden en muziek die kunnen landen in de ziel. Zo doen we recht aan elkaar. Door open en bewogen met elkaar om te gaan is dat meestal te bereiken. Mits we durven buigen naar elkaar.

Als ik aan mijn eigen dood denk

Onlangs fietste ik door Twente. Rijdend op een landweggetje langs weilanden en bomen trof me een landschapstafereel. Tussen het groen van gewas en bomen, stond een dode boom (zie foto). Mijmerend keek ik naar de boom, die ooit leefde, omringd door ander leven. Nu was hij dood. Zoals we aan de onderkant van de stam al zien, zal hij vergaan. Het leven rondom het dorre hout gaat verder. Links van de dode stam staat een picknicktafel. Die verstoort het beeld een beetje. Ik snijd de foto niet bij. In gedachten zie ik mensen daar zitten. Het zegt me: het leven gaat door. Iemand heeft op de stam een afbeelding van Maria bevestigd. Dor hout dat de moeder Gods en het Christuskind draagt. Moeder en kind die dor hout dragen. Ontroerend.

Overal kun je taferelen vinden of scheppen die de dood verbeelden. Dit cultuurbeeld troost me: op een dag houdt mijn leven op, ik heb gegeven en ontvangen. Mijn einde schept ander nieuw leven. Ik hoop nog jaren te leven, maar als het einde komt, is daardoor niet alles verloren!

Piet Schelling is emeritus-predikant van de Protestantse Kerk in Nederland. Hij publiceerde boeken over uiteenlopende thema’s. Recentelijk verscheen Denkend aan de dood kom ik tot leven, een persoonlijk boek over het levenseinde.

< Terug