< Terug

De waarheid is vele tinten grijs

Luther was een gedreven man die schold op iedereen die het niet met hem eens was. Maar hij had ook een andere kant.

Trinette Verhoeven is predikant van de Lukaskerk in Den Haag en voorzitter van de evangelisch-lutherse synode van de Protestantse Kerk in Nederland.

Luther was radicaal. Hij werd gedreven door een groot innerlijk vuur: het geloof. Met felle hanenpoten schreef hij de ene brief na de andere, en brochures en boeken. Ik heb in de universiteitsbibliotheek in Amsterdam met een geschreven tekst in handen gestaan. Hier was een gedreven mens aan het werk: zijn schrift spreekt van woede. We weten dat Luther in zijn gedrevenheid over de schreef kon gaan. Hij schold op iedereen met wie hij het niet eens was, of die het maar niet eens met hem wou worden: de paus, de doopsgezinden, de Joden. Je kan Luther wegzetten als radicaal. Maar voor mij is daar niet alles mee gezegd.

NIET DWINGEN

Als Luther verborgen zit op de Wartburg, ver weg van het gewoel, om aan een pauselijke veroordeling te ontkomen, schrikt hij van het bericht dat in Wittenberg de reformatie met ferme hand wordt doorgevoerd. Mensen worden gedwongen bij de viering van het avondmaal niet alleen van het brood te delen, maar ook van de wijn te drinken. Van schrik vallen er mensen flauw. Op dat moment besluit Luther met gevaar voor eigen leven de Wartburg te verlaten en naar Wittenberg te gaan om het een en ander recht te zetten. Dwingen moest je de mensen niet. Je moest rustig de tijd nemen, mensen laten wennen aan nieuwe ideeën.

In de preken die hij in Wittenberg houdt, laat Luther liet zijn gematigde kant zien. Hij is radicaal en tegelijkertijd gematigd. Het past een beetje bij zijn theologie die hem in paradoxen leerde denken: de mens is zowel zondaar als gerechtvaardigd. Luther leerde: als je naar de mens kijkt en naar zijn daden, dan kan hij niet voor God staan. En toch is dat maar één deel van het verhaal. Want kijk je met de ogen van God naar de mens, dan zie je de mens die er mag zijn, die gerechtvaardigd is. Zo geldt dat ook voor hem. Je kan nooit zeggen: zo is het. Je moet altijd verder kijken. Als Luther op zijn best is, dan weet hij radicaliteit te paren aan een gematigdheid en besef dat de waarheid niet zwart of wit is maar vele tinten grijs. Jammer dat hij dat niet altijd volhoudt.

Aflaten

In de late middeleeuwen werd het leven sterk getekend door angst, boven alles voor het vagevuur (waar je ziel ‘gezuiverd’ zou worden voor je in de hemel kwam) en de hel. De Kerk bood ‘aflaatbrieven’ die het mogelijk maakten je leven in het hiernamaals veilig te stellen, als je geld betaalde aan de Kerk of relikwieën (overblijfselen van heiligen) vereerde. Alleen de Kerk kon zonden vergeven. Dat doorbrak Luther met zijn theologie waarin iedere gelovige in een directe relatie tot God staat.

95 stellingen

Op 31 oktober 1517 rebelleerde Maarten (Duits: Martin) Luther – monnik, priester en hoogleraar theologie aan de universiteit in de Duitse stad Wittenberg – tegen de rooms-katholieke kerk. In een pamflet met 95 stellingen wees hij een aantal van de belangrijkste religieuze beginselen uit zijn tijd af, zoals de mis, de paus als hoogste religieuze autoriteit, het doen van goede werken en het kopen van ‘aflaten’ als voorwaarden om in de hemel te komen. Luther vond deze beginselen onbijbels. In 1520 werd Luther door de paus geëxcommuniceerd (uit de kerk gezet) en het jaar daarna werd hij door de Rijksdag in Worms vogelvrij verklaard. Daarna leefde hij onder de schuilnaam ‘jonker Jörg’, vermomd met een baard en lange haren, op de middeleeuwse burcht de Wartburg. Hij schreef daar veel en vertaalde onder andere het Nieuwe Testament vanuit het Grieks in het Duits – in elf weken tijd.

Katharina von Bora

Omdat haar moeder jong overleed, ging Katharina op haar zesde jaar al naar een kloosterschool. Op haar zestiende legde ze haar gelofte af en werd non. In de nacht voor Pasen in 1523 vluchtte ze met elf andere nonnen uit het klooster. Om aan de doodstraf te ontkomen, trokken de nonnen naar Wittenberg. Luther ondersteunde ze. De meesten vonden een manier om in hun levensonderhoud te voorzien, trouwden of kregen onderdak bij familie. Men probeerde ook Katharina aan de man te brengen, maar ze weigerde daarop in te gaan. Ook de rector van de universiteit wilde ze niet. Uiteindelijk vertelde ze Nicolaus van Amsdorf, een van Luthers beste vrienden, dat ze een huwelijksaanzoek van hem of van Luther zelf niet zou weigeren. Luther weigerde eerst, maar stemde toen toch in en ze trouwden in juni 1525. Daarna leefden ze samen in het voormalige klooster van de augustijnen. Katharina zorgde ervoor dat het klooster afgebouwd werd en ontplooide allerlei activiteiten: ze richtte een bakplaats in, een kruidentuin, brouwde bier, en hield zich met fruit-en veeteelt bezig; ze zorgde zo grotendeels voor het gezinsinkomen. Maarten en Katharina kregen zes kinderen, van wie twee jong stierven. Daarnaast namen ze elf wezen op. En verder was het klooster vol met personeel, gasten en studenten.

Reformatie

Reformatie komt van het Latijnse woord ‘reformatio’, dat ‘verbetering’ betekent. Oorspronkelijk was het een politiek begrip dat sloeg op de noodzaak om naar het ideale verleden terug te keren. Luther sprak zelden over reformatie, en als hij het woord gebruikte, bedoelde hij daarmee een vernieuwing van de kerk. Dáar was Luther op uit.

< Terug