< Terug

Denken in milde concepten of volgens strenge methoden?

Gelukkig zijn velen inmiddels doordrongen van het feit dat kennis van het jodendom niet alleen voor de exegese van de bijbel van groot belang is. Wie zich echter zelfs vanuit deze beperkte invalshoek aan de lezing van Ottenheijms proefschrift zet, krijgt veel interessants voorgezet. We zitten dus in de tijd vlak voor en tijdens die van de auteurs van het Nieuwe Testament. De eerste vijf hoofdstukken bieden een knap overzicht van de belangrijkste voorvragen in de judaica. Aan bod komen zaken als de datering van halachische meningen, de reconstructie van de historische en sociale setting van de prerabbijnse en rabbijnse discussies, de samenhang tussen mondelinge en schriftelijke overlevering, het wegen van teksttradities, het gebruik van niet-rabbijnse literatuur, om slechts enkele kardinale kwesties te noemen. Daarnaast deinst Ottenheijm niet terug voor een rechtsfilosofische uiteenzetting over de status van de zogenaamde juridische fictie (een hypothetische casus om nieuw licht op bestaande wetten te werpen), evenals voor een uitstap op het gebied van de moderne handelingsfilosofie (verschillen tussen ‘opzettelijk’, ‘bewust’ en met ‘intentie’ handelen). De auteur komt over als een bruggenbouwer. De irenische schrijfstijl is opmerkelijk in de behandeling van al die zaken waarover in het algemeen in de literatuur de degens hardhandig gekruist worden.

Lees het hele artikel

< Terug