< Terug

Dom en wijs

Wie is dom, wie is wijs? Wie moet je geloven en volgen, en van wie leg je de beweringen naast je neer? In tijden van nepnieuws en samenzweringstheorieën zijn deze vragen dringender dan ooit. Hoe kun je het kaf van het koren scheiden?

Mannen zien er intelligenter uit dan vrouwen, in de ogen van onbekenden.

Met een bril op lijk je slimmer.

Gelooft u mij? Grote kans van wel. Het staat gedrukt, in een tijdschrift dat al een tijdje meegaat. Oecumenisch bovendien. En de schrijver is dominee, die worden sowieso verstandig gevonden.

Fijn dat u mij dat toedicht, want zelf voel ik me vaak dom. Volgens de tests is dat niet nodig, maar het overkomt me toch. Een vriendin, die schooldecaan is, legt het uit: juist mensen met een heel goed verstand hebben ook inzicht hoe oneindig groot het terrein is waarvan ze niets weten of begrijpen. Slimme mensen hebben dus vaker het gevoel dat ze dom zijn.

Een beetje dom

Dom is een scheldwoord dat we niet gemakkelijk gebruiken voor een ander. Jezelf uitschelden mag wel, al is het niet slim. Van stress en afkeuring functioneert je verstand minder goed. Alleen een allernaaste kun je bij uitzondering een keer dom noemen. Maar wel voorzichtig, zoals Maxima dat deed. ‘Een beetje dom’, dat legt de vinger heel zachtjes op een grote zere plek. Slim was dat van haar, haar charmante opmerking leidde iedereen af van de blunder van haar verloofde.

Onwijs dom

De tijd dat dom gewoon werd gebruikt voor mensen die niet goed konden leren of onverstandige dingen deden, ligt ver achter ons. Inmiddels, zo lees ik in de krant, is het onder jongeren juist een teken van waardering als ze iets of iemand dom noemen. Net als ‘wreed’ is het een woord dat in korte tijd een totaal tegenovergestelde betekenis heeft gekregen in hun taal. Iets vergelijkbaars is trouwens ook gebeurd met dat andere woord: wijs werd on-wijs en dat werd een aanduiding voor ‘heel veel’.

Goochelen met wijs en dwaas

Nieuw is dat niet. In zijn brief aan de Korintiërs speelt de apostel Paulus al met het woordenpaar wijs en dwaas. Over de gekruisigde als toonbeeld van de kracht van God zegt hij: dat is voor niet-gelovigen een dwaasheid. En inderdaad: Jezus was dan wel in de kracht van zijn leven, aan het kruis oogde hij machteloos en nietig. Paulus ziet dat juist als het bewijs van Gods vernuftigheid: ‘het dwaze van God is wijzer dan mensen’ en ‘wat in de ogen van de wereld dwaas is, heeft God uitgekozen om de wijzen te beschamen’.

Paulus goochelt hier zo behendig met woorden, dat hij zelf heel intelligent overkomt. Dat hij daarmee zijn geloofwaardigheid op het spel zet, voelt hij goed aan. Niet voor niets gaat hij even verderop uitgebreid in op zijn persoonlijkheid. Hij benadrukt zijn angst en onzekerheid en zijn gebrek aan wijsheid en welsprekendheid. Ook dat is weer heel slim: kraak jezelf een beetje af en anderen zullen je vol bewondering tegenspreken. En je juist geloven, omdat je zo eerlijk bent.

Onderzoek alles

Wie is dom, wie is wijs? In de Bijbel zijn het vaak de mensen waar niet veel verstand aan toegeschreven wordt die als voorbeeld van inzicht en wijsheid worden neergezet. Kinderen, eenvoudigen van geest, ouderen. Als je twijfelt wie je moet geloven, ga dan niet alleen op je eerste indruk af. Geloof niet alles wat gedrukt staat. Geef het de tijd om er over na te denken. En zet daarbij je volle geestkracht in, verstand en gevoel. In een andere brief zegt diezelfde slimme Paulus dat zo: ‘Onderzoek alles, behoud het goede’.

Beate Rose is dominee in de Protestantse Kerk en werkt als geestelijk verzorger.

< Terug