< Terug

Dorpskerken en leefbaarheid van het platteland

In de wisselrubriek ‘De promotie’ deze keer aandacht voor het proefschrift van Jacobine Gelderloos over de betekenis van dorpskerken voor de leefbaarheid op het platteland.

Promovendus Jacobine Gelderloos

Proefschrift Meaningful in the margins. Churches and quality of life in the Dutch countryside (‘Van betekenis in de marge. Kerken en leefbaarheid op het Nederlandse platteland’)

Promotie 6 september 2018

Universiteit Protestantse Theologische Universiteit, Groningen

Promotor Prof.dr. H.P. de Roest

Co-promotor Dr. M. van der Meulen

Stelling

Het is de kunst om als kerkelijke gemeente tot een perspectiefwisseling te komen, waarin de aandacht verschuift van organisatie en vragen over het voortbestaan van de kerkgemeenschap naar hoe de kerk van betekenis kan zijn waar maatschappelijke ontwikkelingen en leefbaarheidsvraagstukken in de directe omgeving het persoonlijk leven van mensen bepalen.

Kritiek

Het onderzoek brengt wel de relaties van de kerken met de buitenwereld in kaart, maar kijkt niet vanuit het ‘seculiere’ dorp naar de kerk of het naar het thema leefbaarheid. Wat wordt precies bedoeld met een contextuele benadering? Een theologische of theoretische onderbouwing van het begrip contextualiteit ontbreekt.

Meaningful in the Margins. Churches and Quality of Life in the Dutch Countryside is een onderzoek naar de betekenis van kerken voor de leefbaarheid van het platteland. Het onderzoek beweegt zich op het grensvlak van rurale theologie, gods dienstsociologie en sociale geografie.

Dit onderzoek voorziet in een lacune, omdat enerzijds praktisch-theologisch en godsdienstsociologisch onderzoek zich met name heeft gericht op kerken in een urbane context. Anderzijds valt op dat in leefbaarheidsonderzoek en -plannen weinig oog is voor de rol en betekenis van kerkgemeenschappen op het platteland.

De afgelopen vijftig jaar is zowel het plattelandsleven als het kerkelijk leven veranderd. Door toegenomen mobiliteit, vergrijzing, schaalvergroting en veranderingen in de landbouw is de leefbaarheid op het platteland onder druk komen te staan. Het begrip leefbaarheid is daarom niet alleen behulpzaam om de plattelandscontext van dorpskerken te schetsen, maar biedt ook een interessant perspectief om de rol van de dorpskerk als ontmoetingsplek en als gemeenschap in beeld te krijgen, waar verschillende voorzieningen geboden worden.

Waar eerder in een dorp meerdere kerken te vinden waren, omvatten kerkgemeenschappen nu vaak meerdere dorpen. Al decennialang vinden er processen van samenwerking plaats door fusies en het Samen-op-Weg-proces. Dit heeft de blik van kerken niet zelden naar binnen gericht. Bovendien lijkt er weinig oog te zijn geweest voor de ecclesiologische consequenties van samenwerking en schaalvergroting. Hoe ziet de relatie tussen kerk en dorp eruit? Hoe kun je als kerk van betekenis zijn in dorp(en)? Wat is je roeping als dorpskerk?

Twee case studies

Om deze vragen te kunnen beantwoorden heb ik etnografisch-ecclesiologisch onderzoek gedaan in twee protestantse gemeenten. De een in Asten-Someren in het zuidoosten van de provincie Noord-Brabant, de ander middenin Groningen: Schildwolde-Hellum-Overschild en Noordbroek. Waar Noord-Brabant een overwegend katholieke provincie is, is Groningen de meest seculiere provincie van Nederland met een geschiedenis van kerkscheuringen. Dat betekent dat er contextuele verschillen zijn. Protestantse kerken in Brabant zijn met name in grotere dorpen te vinden, terwijl er in Groningen tal van samenwerkingsverbanden zijn tussen dorpskerkgemeenschappen.

In beide case studies omvatten de protestantse gemeenten meerdere dorpen. Daarmee komt de relatie tussen kerk en dorp direct ter discussie te staan. Hoe verhoud je je als kerkgemeenschap tot deze verschillende dorpen? De Britse theoloog David Walker spreekt van verschillende modes of belonging (2004, 105-119). Mensen kunnen op verschillende manieren met kerk verbonden zijn. Walker onderscheidt tussen verbondenheid via mensen, via regelmatige activiteiten, via evenementen als Kerst en Pasen en via de plaats van het kerkgebouw.

Naast de schaalvergroting door processen van samenwerking, is de relatie tussen kerk en dorp ook veranderd door de differentiatie en secularisering van de samenleving. Dit heeft ertoe geleid dat het niet altijd meer duidelijk is wat kerk te maken heeft met zorg, onderwijs, huisvesting en werkgelegenheid, wat leidt tot kerkelijke verlegenheid. Anderzijds leidt een groeiende onbekendheid met kerk, geloof en religie tot religieus analfabetisme.

Raakvlakken

Door het etnografisch onderzoek kwamen enerzijds de vragen rondom hedendaags kerk-zijn in beeld. Jeff Astley’s concept ordinary theology (2013) is behulpzaam om in beeld te krijgen hoe de verwachtingen en ervaringen van mensen ten aanzien van de kerk de kerkge meenschap en hun persoonlijk welzijn bepalen. Het gaat dan om de betekenis van kerkdiensten, omzien naar elkaar en persoonlijke ontwikkeling van wereldbeeld en levenshouding.

Daarnaast blijkt dat kerkelijke betrokkenheid door de jaren heen fluctueert en dat verschillende vormen van verbinding elkaar kunnen afwisselen. Hoewel het kerkelijk leven en het dorpsleven in Groningen meer met elkaar verweven zijn dan in Brabant, lijken de vier Groningse dorpen ook vier stadia van een verdwijnende dorpskerk te vertegenwoordigen. Van een dorp met een kerkgebouw, kerkdiensten en kerkelijke activiteiten tot een dorp waar het kerkgebouw is afgestoten en een enkele keer nog een dienst plaatsvindt.

Anderzijds ontdekte ik tijdens het veldwerk dat het religieuze dorpsleven breder is dan het kerkelijk leven. In dorpen ontwikkelen zich alternatieve kerkplekken bij concerten, herdenkingsbijeenkomsten, in scholen en verzorgingshuizen waar mensen zoeken naar bezinning, ritueel en gemeenschap. Op die manier ontwikkelen zich raakvlakken tussen kerk en onderwijs, zorg en cultuur.

Daarnaast zien we de ontwikkeling van oecumenische initiatieven op liturgisch en diaconaal vlak. Dit gebeurt vooral rond gedeelde zorgen of verlangens die niet meteen het eigen voortbestaan aangaan. Op die manier ontdekken kerken en maatschappelijke organisaties dat ze – zij het op verschillende manieren – dezelfde idealen nastreven.

Perspectiefwisseling

Zo staat op allerlei manieren de vraag centraal hoe kerken zich willen en kunnen verhouden tot de moderne plattelandssamenleving. Ik bepleit een fundamentele perspectiefwisseling, waarin de ontwikkelingen op het platteland en de leefbaarheidsvragen als uitgangspunt worden genomen, waardoor vragen over organisatie en toekomst van het kerkelijk leven naar de achtergrond verdwijnen.

Kerk en leefbaarheid kunnen op verschillende manieren op elkaar betrokken worden. Ten eerste wordt het kerkelijk leven gevormd door ontwikkelingen op het platteland als vergrijzing, bevolkingskrimp en toenemende mobiliteit.

Ten tweede kan de vraag gesteld worden hoe kerken bijdragen aan verschillende aspecten van leefbaarheid als woonomgeving, sociale omgeving en voorzieningen. Maar een dergelijke analyse voldoet niet om de betekenis van het kerkelijk leven te doorgronden, omdat het de kerk beperkt tot sociaal-geografische termen en tekort schiet om de aard van kerkelijke en religieuze praktijken en de betekenis daarvan voor persoonlijk welzijn te bevatten.

Ten derde kunnen kerkgemeenschappen zich de vraag stellen hoe ze zich dienen te verhouden tot leefbaarheidsvraagstukken die dorpsbewoners raken in hun persoonlijk leven. Op die manier kan ook kerkelijke verlegenheid overwonnen worden en de noden van verschillende leeftijdsgroepen in beeld komen. Zeker als kerken ook het leefbaarheidsbegrip ter discussie stellen en de vraag oproepen of het voldoende recht doet aan hoe mensen zin en betekenis in hun leven vinden.

Intrigerende paradox

De deïnstitutionalisering van religie leidt tot een intrigerende paradox. Enerzijds is er een groeiende onbekendheid met kerk en religie, anderzijds verplaatsen religieuze praktijken zich naar andere domeinen in de samenleving als kunst, cultuur, onderwijs en zorg. Dat betekent ook dat het religieuze dorpsleven zich niet beperkt tot de dorpskerk en dat er raakvlakken ontstaan tussen kerk en andere domeinen. Hier ontstaan plekken waar besef van het heilige (sacred consciousness), een begrip van Nancy Ammerman (2014), in gemeenschapsverband wordt gecreëerd en in stand gehouden.

Doordat bij deze gelegenheden mensen van verschillende religieuze achtergrond met elkaar in contact worden gebracht, wordt bridging sociaal kapitaal gecreëerd. Tegelijkertijd doen zich hier discussies voor over toegankelijkheid en inclusiviteit. Op de kruisvlakken tussen kerk en andere terreinen als onderwijs en cultuur wordt duidelijk welke positie kerk en religie innemen in de samenleving en de betekenis van ritueel en reflectie voor leefbaarheid en welzijn.

Rurale theologie moet als uitgangspunt nemen hoe mensen op het platteland praten over de betekenis van kerk en geloof en waar zij sporen van God zien. Dat betekent voor dorpskerken dat het de moeite waard is om religieuze praktijken, behoeften en vragen in de plattelandscontext serieus te nemen, waardoor een liquid church (Ward 2002) in beeld komt. Het kerkelijke dorpsleven kent tal van verschijningsvormen: van kerkdiensten tot concerten, van vieringen op scholen tot diaconale platforms en van kerstkuiers tot kinderpaaswakes.

Een kerk biedt ruimte aan een geloofsgemeenschap en aan voorbijgangers en is een plek om te vieren, te dienen en te leren. En dat gebeurt niet alleen binnen de muren van het kerkgebouw. Overal waar een christelijke levensovertuiging mensen aanspoort en motiveert om anderen te ondersteunen, om protest aan te tekenen tegen misstanden, om te vieren, te herdenken en te bezinnen, kunnen sporen van God ontdekt worden.

Literatuur

Ammerman, N.T. (2014). Sacred Stories: Spiritual Tribes, Finding Religion in Everyday Life. New York: Oxford University Press.

Astley, J., Francis, L.J. (2013). Exploring Ordinary Theology, Everyday Christian Believing and the Church. Farnham: Ashgate.

Walker, D.S. (2012). Belonging to Rural Church and Society: Theological and Sociological perspectives. In: Leslie J. Francis, Mandy Robbins (red.), Rural Life and Rural Church: Theological and Empirical Perspectives (pp. 105-119). London: Equinox.

Ward, P. (2002). Liquid Church. Carlisle: Paternoster Press.

Jacobine (dr. J.K.) Gelderloos MA is projectleider Dorpskerkenbeweging Protestantse Kerk in Nederland (www.dorpskerken.nl).

< Terug