< Terug

Een betraand, bebloed gezicht

Een oude christelijke legende over Veronica brengt ons terug naar de dag dat Jezus gekruisigd werd.

Veronica had Jezus’ tranen gezien: tranen van pijn en verdriet, tranen die de pijn en het verdriet van alle mensen weerspiegelden. Met haar zweetdoek zou Veronica Jezus’ gezicht hebben afgeveegd. Op wonderlijke wijze bleef in die doek een afdruk van diens gelaat achter. De legende is virtuoos naverteld door de Zweedse schrijfster Selma Lagerlöf in haar bekende bundel Christuslegenden. Veronica is in haar versie een oude vriendin van de Romeinse keizer Tiberius, de keizer ten tijde van Jezus’ kruisiging. Hier volgen een paar fragmenten uit het verhaal, vrij naverteld.

Zieke keizer

Keizer Tiberius was ernstig ziek. Hij meende dat hij vergiftigd was en had zich afgekeerd van alle mensen. Hij zag er monsterlijk uit, met een opgezwollen gezicht en half verteerde vingers en tenen. Hij liep niet meer, hij kroop. Veronica wist welke ziekte hij had: hij was melaats. Zij vertelde de keizer dat een profeet uit de stad Nazaret haar ooit van deze ziekte genezen had. Veronica bood de keizer aan die profeet te gaan zoeken en hem naar de keizer te brengen zodat hij hem ook zou kunnen genezen. De keizer stemde toe, maar uit zijn ogen spraken wantrouwen en ongeloof.

Medelijden

Veronica trok met een klein gevolg naar Jeruzalem. Ze had gehoord dat de profeet daar zou zijn vanwege het Paasfeest. Veronica drong zich door de nauwe straten van Jeruzalem. Ze werd opgehouden door een langstrekkende stoet soldaten, die een gevangene wegvoerden om gekruisigd te worden. Veel omstanders scholden hem uit. Enkelen huilden. De man die gekruisigd zou worden, bezweek haast onder de last van het kruis op zijn schouders. Veronica verwonderde zich erover dat hij een purperen mantel droeg en een kroon van doornen. Ze werd door groot medelijden bevangen.

Veronica liep op de gevangene toe terwijl de tranen haar over de wangen stroomden. De gevangene kroop naar haar toe, sloeg de armen om haar knieën en drukte zich tegen haar aan zoals een kind bij zijn moeder vlucht. Veronica sloeg haar arm om zijn hals, droogde met haar zweetdoek zijn tranen en veegde het bloed van zijn gezicht.

Beeld: iStock.com/nmartucci

U bent de mens

Veronica keerde terug naar Tiberius. Tijdens haar afwezigheid was zijn ziekte veel erger geworden. Hij was niet meer om aan te zien. Ze vertelde over de man met het kruis. Tiberius reageerde onverschillig. Veronica begreep dat Tiberius nooit had geloofd in genezing door die profeet.

Ze legde haar zweetdoek voor de keizer neer. Vaag was er een gezicht te zien. Tiberius boog zich voorover en zag de bloeddruppels op het voorhoofd, de doornenkroon, het bebloede haar. Hij boog zich verder naar de doek. Het gezicht leek steeds helderder te worden, alsof het op geheimzinnige wijze leefde. De keizer staarde naar het gelaat en vroeg: ‘Is dit een mens?’ Tranen begonnen over zijn wangen te stromen . ‘Ik betreur uw dood’, fluisterde hij en viel op zijn knieën. ‘Ik en de andere mensen zijn wilde dieren, maar u bent de mens!’ De keizer raakte nu met zijn gezicht het doek: ‘Erbarm u over mij, onbekende. Als u in leven was gebleven, zou alleen al uw aanblik mij hebben genezen!’

Genezen

Toen de keizer zich oprichtte, was zijn gezicht weer helemaal als vroeger. Zijn ziekte, die geworteld was in haat en verachting voor mensen, was geweken, nu er liefde en medelijden voor in de plaats waren gekomen.

De legende eindigt er niet mee dat Tiberius lachte. Maar de paaslach had hem na zijn genezing niet misstaan.

Stephan de Jong is predikant van de Protestantse Gemeente Oudemirdum-Nijemirdum-Sondel en redactielid van Open Deur.

< Terug