< Terug

Heil en redding in De kracht van het nu van Eckhart Tolle

Tijdens mijn pionierswerk in Amsterdam (2002-2017) kwam ik regelmatig mensen tegen die zichzelf beschreven als ‘niet-religieus maar wel spiritueel’. Het is niet zo eenvoudig om vast te stellen hoe groot deze groep mensen is, maar in 2013 schreef Joep de Hart dat er onder de Nederlanders van achttien jaar en ouder, naast de ruim vier miljoen kerkelijke gelovigen en ruim vijf miljoen personen zonder religieuze belangstelling, bijna twee miljoen zijn die wel belang hechten aan spiritualiteit, maar geen binding hebben met een kerkgenootschap of godsdienstige groepering.[1]

Is er iets te zeggen over de visie op heil en redding binnen deze groep mensen? Dat lijkt op het eerste gezicht niet waarschijnlijk, omdat het in deze groep gaat om een diverse en bont geschakeerde verzameling van denkbeelden, activiteiten en uitdrukkingsvormen. Sommigen spreken daarom liever over nieuwe spiritualiteiten (meervoud). Toch ziet Wouter Hanegraaff coherentie in dit diverse veld.[2] Volgens hem is de nieuwe spiritualiteit niet zo nieuw. Het maakt deel uit van de westerse esoterie, een wetenschappelijk onderzoeksveld dat diverse stromingen bestudeert, zoals de gnostiek in de hellenistische cultuur; magie, astrologie en alchemie in de Middeleeuwen; de opleving van het hermetisme in de Renaissance en de christelijke theosofie; groepen zoals de rozenkruisers, vrijmetselaars en occulte bewegingen, antroposofie, neopaganisme, wicca en sjamanisme in de moderne tijd.[3] Ondanks grote onderlinge verschillen gaat het in de westerse esoterie enerzijds om stromingen en fenomenen in de geschiedenis die (vooral sinds de Verlichting) naar de vuilnisbak zijn verwezen omdat ze niet verenigbaar leken met de normatieve concepten van religie, filosofie en wetenschap. Anderzijds is er in dit diverse veld een gemeenschappelijke kennisleer en wereldbeeld te ontwaren.

De nieuwe spiritualiteit wil, net als eerdere stromingen binnen de westerse esoterie, in haar benadering van kennis een ‘derde weg’ bieden tussen christelijk geloof en rationalisme.[4] Zij verzet zich tegen de rationaliteit en het reductionisme van de moderne wetenschap en ook tegen het geopenbaarde geloof vanuit de Bijbel zoals dat binnen het christendom een belangrijke rol speelt. Daarentegen zoekt ze de waarheid en kennis via de gnosis: de weg van de innerlijke ‘verlichting’ en persoonlijke ervaring. Ook in haar wereldbeeld zoekt de nieuwe spiritualiteit een derde weg. Ze verzet zich tegen een scheiding tussen God, wereld en mensheid zoals ze die in het Joods-christelijke denken meent waar te nemen. Ze is overtuigd van een universele verbondenheid en onderlinge verwevenheid van God, mens en wereld (holisme).[5]

Deze kennisleer en het bijbehorende wereldbeeld van de westerse esoterie, zijn goed zichtbaar in het boek The Power of Now: A Guide to Spiritual Enlightenment van Eckhart Tolle.[6] Sommige van de mensen in Amsterdam met wie ik in gesprek was, waren diep geraakt door dit boek. Zelf heb ik ook profijt van dit boek gehad. In dit artikel wil ik komen tot een kritische evaluatie van Tolles visie op heil en redding.[7] Om te komen tot een kritische evaluatie geef ik eerst een analytische beschrijving van zijn visie. Vervolgens positioneer ik zijn visie binnen het bredere veld van de nieuwe spiritualiteit en vergelijk ik zijn visie met mystieke parallellen in de christelijke geschiedenis. Ik sluit af met een theologische evaluatie.

Heil en redding in The Power of Now

Eckhart Tolle (1948) is een invloedrijk spiritueel leraar. De New York Times noemde hem de meest populaire spirituele auteur in de Verenigde Staten, mede door het podium dat Oprah Winfrey hem gaf.[8] Hij groeide op in Duitsland (vlakbij Dortmund), waar hij zich diepongelukkig voelde omdat zijn ouders veel ruzie hadden en uiteindelijk scheidden. Zijn tienerjaren bracht hij door met zijn vader in Spanje om vervolgens aan de Universiteit van Londen filosofie, psychologie en literatuur te studeren. Op 29-jarige leeftijd, toen zijn innerlijke angst, depressie en onrust tot een climax kwamen, kreeg hij een diepe ervaring van licht en vrede die zoveel impact op hem had dat hij de vijf maanden die erop volgden vooral zittend doorbracht op bankjes in Londen om te verwerken wat er met hem gebeurd was. Na deze verlichtende ervaring koos Ulrich Tölle de naam Eckhart Tolle, een verwijzing naar de andere Duitse mysticus ‘Meester Eckhart’ (ca. 1260-1328). Hij verhuisde in 1995 naar Vancouver in Canada en in 1999 verscheen zijn invloedrijke boek The Power of Now. Het is vertaald in 33 talen. Van de Nederlandse vertaling (De Kracht van het Nu) werden ruim een half miljoen exemplaren verkocht. In coronajaar 2020 steeg de verkoop met twintig procent.[9]

Hoe ziet Tolle heil in zijn boek? Voor hem bestaat heil in innerlijke vervulling, vrede en leven in al zijn volheid. Het is een staat van vrijheid: vrij van angst, van lijden, van compulsief denken, van negativiteit, van een gevoel van gebrek en daarom ook vrij van een behoeftig vastklampen aan alles wat je denkt nodig te hebben. Het is zijn wie je bent en het ervaren van een Tegenwoordigheid in jezelf. Het is ‘God kennen’, niet als iets buiten jezelf maar als je innerlijke essentie, een diepe bewustwording dat je zelf een inherent onderdeel bent van het tijdloze en vormloze Leven waar alles uit voortkomt (122).

Tolle spreekt soms over God in relatie tot heil, maar hij gebruikt dit woord spaarzaam omdat er volgens hem veel verkeerde beelden over God zijn die het ervaren van God verhinderen. Hij gebruikt liever woorden zoals ‘het ongemanifesteerde’, ‘bewustzijn’ of ‘Zijn’. Deze open concepten reduceren het oneindige en onzichtbare niet tot een eindig iets (11). Duidelijk is in ieder geval dat er in dit universum een diepe intelligentie aan het werk is die ver uitgaat boven het denken van mensen en dat de universele ervaringen van schoonheid, liefde, creativiteit, vreugde en innerlijke vrede uit deze bron voortkomen en niet vanuit de gedachten van mensen (14).

Waarom ervaren zo weinig mensen dit heil? Omdat er iets mis is met mensen, zegt Tolle. Ze hebben zich onbewust geïdentificeerd met hun denken, waardoor het ego ontstaat, het valse zelf, dat het Ware Zelf maskeert. Je wordt dan (in Jezus’ woorden) een rank die van de wijnstok is afgesneden (39). Mensen raken gescheiden van God als bron. Dit is wat het verhaal van Adam en Eva ons wil vertellen. Mensen zijn gevallen van een bewustzijn van eenheid met het goddelijke naar een illusie waarin ze zichzelf waarnemen als gescheiden van zichzelf, het goddelijke en de omringende wereld (94). Het kwijtraken van dit bewustzijn van eenheid is de eerste zonde. Je kunt het ook gebrek aan bewustzijn of waanzin noemen (91). Het valse zelf (ego) voelt zich kwetsbaar en onzeker en probeert dit te overwinnen door zich te identificeren met dingen buiten zichzelf: sociale positie, bezittingen, hoe je eruitziet, succes, maar ook geloofssystemen waarbij je zekerheid probeert te vinden in cognitieve overtuigingen (125). Deze pogingen zijn niet succesvol en daarom leeft het valse zelf steeds met angst, wanhoop, hebzucht, de strijd om te overleven, conflicten en geweld (91). Dit leidt tot collectief kwaad zoals oorlog, genocide en exploitatie. Ook veel ziektes zijn het gevolg van het leven vanuit dit valse zelf (150).

Maar er is goed nieuws. Er is redding. Je kunt namelijk volgens Tolle vrij worden van je denken. Dit is de ware bevrijding. Observeer je gedachten op een onpartijdige manier. Oordeel niet. Dan zal je je realiseren: daar zijn mijn gedachten en hier ben ik die ernaar luistert en ze observeert. Deze ‘Ik ben’-realisatie, dit besef van je eigen aanwezigheid, is niet een gedachte, maar ontspringt op een ander niveau (15). De sleutel tot deze bevrijding is in het heden, het nu, het huidige moment (19).[10] Het is juist de fundamentele fout van veel mensen dat ze redding zoeken in de toekomst. Er is geen redding buiten het hier en nu.

Je bereikt redding als je beseft dat je er al bent, je vindt God als je beseft dat je God niet meer hoeft te zoeken (122). Ons denken houdt ons juist weg van het hier en nu door ons te richten op het verleden (schuld, wrok, bitterheid, verdriet; allemaal vormen van nietvergevingsgezindheid) en op de toekomst (onbehagen, ongerustheid, stress, zorgen maken; allemaal vormen van angst). Er is geen redding binnen de tijd, want tijd is een illusie. Werkelijke verandering kan alleen plaatsvinden in het hier en nu. In het Nu kan je verleden zich oplossen en je toekomst veranderen (50-51). Pas als er een pauze komt in je mentale stroom van gedachten voel je de innerlijke stilte en vrede en de eenheid met het Zijn. Je ervaart een vitaliteit en alertheid. Je geeft je over aan het huidige moment en de flow van het leven. En als je nog dieper doordringt in dit gebied van niet-denken kom je in een staat van puur bewustzijn (16) en heb je een dieper ‘weten’. Deze diepgaande transformatie van je bewustzijn is nu beschikbaar voor je, wie of waar je ook bent (5).

Heil, redding, kennisleer en wereldbeeld

De nadruk die Tolle legt op ‘innerlijk weten’, kom je in de nieuwe spiritualiteit regelmatig tegen. Waarheid en kennis worden via de gnosis gevonden: via de weg van de innerlijke ‘verlichting’ en persoonlijke ervaring. Tolle belooft dat deze directe, individuele en intuïtieve perceptie (gnosis) voor iedereen toegankelijk zijn. Tolle laat hiermee zien dat hij te positioneren is binnen het bredere veld van de nieuwe spiritualiteit (westerse esoterie) en haar ‘derde weg’ met betrekking tot kennisleer. De ervaring van heil komt volgens Tolle niet via de ratio. Het denken is juist het hart van het probleem of, beter gezegd, het je identificeren met je gedachten en gedachtenconstructen of geloofsopvattingen. Ook openbaring vanuit de Bijbel, zoals centraal staat binnen het christelijk geloof, brengt dit niet. Tolle zegt dat er veel gelovigen zijn die met grote overtuiging over God spreken zonder ooit het gebied gezien of ervaren te hebben waar dit woord naar verwijst (11). De religies zijn zozeer verstrikt geraakt in allerlei dogma’s en rituelen dat de diepere en transformerende laag zo goed als verloren is gegaan (6). Zelfs de schrijvers van de canonieke Evangeliën begrepen de diepere en innerlijk (esoterische) betekenis van Jezus’ onderwijs niet (79).

Het belang van ‘innerlijk weten’ speelt een rol in de biografie van Eckhart Tolle. Hij ervoer een grote onrust, innerlijke angst en depressie en pas na zijn verlichting ervoer hij rust en vrede van zijn kwellende gedachten. Veel mensen herkennen deze ervaring. Ze beleven de westerse wereld als welvarend, maar tegelijkertijd heel erg gejaagd (ratrace). Paul Gilbert, pionier in het veld van mentale gezondheid, laat zien dat twee centra in ons brein constant gestimuleerd worden: het angst-centrum (bijvoorbeeld via het nieuws die veel aandacht geeft aan wat niet goed gaat) en het verlangen-centrum (bijvoorbeeld door reclame die ontevredenheid kweekt met wat we hebben en het verlangen aanwakkert naar meer). Echter, het tevredenheidscentrum in ons brein, waardoor we tot rust komen en ons verbonden voelen met anderen, krijgt weinig ruimte in de westerse wereld.[11] De onrust komt niet alleen door uiterlijke omstandigheden, maar ook omdat veel mensen moeite hebben de gedachten tot rust te brengen. Ik sprak eens iemand die tegen een burn-out aanliep en ik vroeg haar of ze niet eerst vakantie kon nemen. Ze zei: ‘dat heeft geen zin, want ik neem mezelf mee op vakantie’. Ze verwees daarbij naar de innerlijke kritische stem die ze niet meer uit kon zetten. Er is veel nieuw psychologisch onderzoek dat het inzicht van Tolle bevestigt, namelijk dat het luisteren naar en observeren van je eigen gedachten en gevoelens een belangrijke stap is om de tirannie van compulsieve gedachten en negatieve gevoelens te doorbreken.[12]

‘Innerlijk weten’ is een intuïtieve perceptie en ervaring. Echter, het wereldbeeld dat gebruikt wordt om deze ervaring te communiceren, is niet met de ervaring zelf gegeven. Tolle zegt in een interview dat nadat zijn transformatie had plaatsgevonden, hij zijn ervaring niet begreep en ook niet kon vertellen wat het betekende. Hij wist alleen dat er iets gebeurd was en dat hij nu een diepe vrede ervoer. Voor de vorming van een wereldbeeld om zijn ervaring te communiceren, had Tolle tijd nodig. Hij las het Nieuwe Testament, de Bhagavad Gita, de Tao Te Ching en Boeddhistische geschriften. Twee spirituele leraren hadden een diepe impact op hem:

I feel that the work I do is a coming together of the teaching ‘stream’, if you want to call it that, of Krishnamurti and Ramana Maharshi. […] I feel completely at One with them. And it is a continuation of their teaching.[13]

Beide leraren waren gevormd door de Hindoeïstische Advaita Vedanta-filosofie, een filosofie die een non-dualistische (monistische) manier van denken benadrukt, waarbij de hele werkelijkheid (mensen en natuur) terug te voeren zijn tot één spirituele realiteit. In India waar de Britten het publieke en materiële leven beheersten, benadrukte Ramana Maharshi de innerlijke, private en spirituele realiteit, het gebied voorbij het denken.[14] Deze nadruk is ook bij Tolle te vinden evenals de nadruk op non-dualiteit. Jiddu Krishnamurti sprak volgens Tolle niet over dit gebied, maar richtte de aandacht (net als de Boeddha) op het eigen denken en hoe daar de wortel van het lijden gevonden kon worden, om zo tot een nieuw bewustzijn te komen.[15] Tolles nadruk op overgave komt voort uit zijn overtuiging (geïnspireerd door Krishnamurti) dat alle weerstand tegen de werkelijkheid van het moment (‘wat is’) een vorm van ego is (149).

Het wereldbeeld van Tolle kan gepositioneerd worden binnen de nieuwe spiritualiteit (westerse esoterie). Volgens Hanegraaff zijn er twee groepen te onderscheiden. De eerste groep heeft een wereldbeeld dat omschreven kan worden als ‘metafysisch radicalisme’. De tweede groep heeft een wereldbeeld dat omschreven kan worden als ‘metafysische bemiddeling’. De eerste groep denkt sterk in of-of, de tweede meer in en-en. De eerste groep ziet de wereld als onderdeel van God (pantheïsme) of als iets dat ontvlucht en verworpen moet worden (manicheïstisch dualisme). De tweede groep probeert goddelijke krachten naar de wereld te bemiddelen en kanaliseren voor gezondheid en transformatie (bijvoorbeeld in magie, alchemie of astrologie).[16] Tolles wereldbeeld is dat van een metafysisch radicalisme in de pantheïstische variant. Volgens zijn filosofie van non-dualiteit moeten we, vanuit de wereld met diverse uitdrukkingsvormen, onze weg terugvinden naar de oorspronkelijke eenheid in ‘God’.

Net als leraren in de New Age-kringen na 1970 (Deepak Chopra, Fritjof Capra, A Course in Miracles, enzovoorts) onderwijst Tolle dat de wereld zoals wij die waarnemen een illusie is. Tijd is een illusie (40). Redding in de toekomst is een illusie (122). Het lichaam en de dood zijn een illusie (164). Het lijden en het kwaad zijn een effect van onbewustheid en daarom ook een illusie (168) en de wereld is slechts een reflectie van je eigen gedachten (181). De grote nadruk op non-dualiteit tussen God, mensen en de wereld, leidt dus tot een radicale doctrine van heil en redding die aanmoedigt om de indruk van de wereld als separate realiteit als illusie te verwerpen.

Mystieke parallellen in de christelijke geschiedenis

Tolle heeft veel te bieden voor mensen die onrust en de tirannie van de gedachten ervaren. Toch schrijft hij primair niet als psycholoog maar als mysticus. Als mysticus belooft Tolle niet alleen de ervaring van psychische verlossing, maar ook de ervaring van eenheid met ‘God’. Volgens Philip Sheldrake was de opleving van de mystiek in de periode van 1150-1450 (de periode waarin ook Meester Eckhart leefde) mede het gevolg van het feit dat de theologie in die periode meer rationeel, intellectualistisch en wetenschappelijk werd.[17] Zo is de openheid voor meer mystieke schrijvers (zoals Tolle) mogelijk het gevolg van het feit dat de moderne periode met grote nadruk op de ratio (‘ik denk, daarom ben ik’) nu verandert naar een postmoderne (of laat-moderne) westerse wereld met grotere nadruk op de ervaring.

Veel thema’s die Tolle bespreekt – loskomen van gedachten, je richten op het huidige moment, innerlijke stilte, de ervaring van vrede, het besef van de aanwezigheid van God in jezelf, overgave aan het moment – zijn thema’s die in ook in de meer mystieke stromingen van het christelijk geloof besproken worden. Bijvoorbeeld in het boek The Practice of the Presence of God van broeder Laurentius.[18] Laurentius benadrukt dat het erg belangrijk is om te erkennen dat God in ons aanwezig is (19), dat gedachten vaak de omgang met God bederven (13), dat complete overgave aan God nodig is (21) en dat de vrucht de ervaring van innerlijke vrede is.[19] Ook in het boek van Jean-Pierre de Caussade, The Sacrament of the Present Moment,[20] lezen we over de volmaakte vrede die geproefd kan worden (26) en over het belang van het nu:

The only condition necessary for this state of self-surrender is the present moment in which the soul, light as a feather, fluid as water, innocent as a child, responds to every movement of grace like a floating balloon (22).

De nadruk op stilte vinden we ook in de preken van Meester Eckhart:

In the midst of silence there was spoken within me a secret word. But where is the silence, and where is the place where the word is spoken? It is in the purest thing that the soul is capable of, in the noblest part, the ground… Indeed, in the very essence of the soul which is the soul’s most secret part. […] There must be a stillness and a silence for this Word to make itself heard. We cannot serve this Word better than in stillness and in silence: there we can hear it, and there too we will understand it aright – in the unknowing. To him who knows nothing it appears and reveals itself. […] What, then, is the essential prerequisite for the birth of Christ in my soul? It is detachment, self-abandonment.[21]

Meester Eckhart is echter regelmatig van dwaalleer beschuldigd, dus een parallel tussen hem en Tolle is niet voor iedereen veelzeggend. In dat opzicht zijn de parallellen tussen Tolle en Gregorius Palamas in zijn boek Holy Hesychia: The Stillness that Knows God mogelijk interessanter.[22] Palamas is een beroemd Oosters-orthodox theoloog die in het begin van de veertiende eeuw de stilte-benadering verdedigde tegenover de monnik Barlaam, die door Palamas gezien werd als een representant van de meer intellectuele westerse theologie.[23] Het hesychasme is een meditatieschool die via stilte, ademhalingstechnieken en het uitspreken van het Jezusgebed (Heer Jezus Christus, Zoon van God, ontferm U over mij, zondaar) tot een hoger niveau van bewustzijn probeert te komen. De wortels van deze benadering gaan terug naar de vierde eeuw. Verschillende concilies in Constantinopel (juni 1341, augustus 1341, augustus 1351) hebben bevestigd dat Palamas’ onderwijs tot de kern van het Oosters-orthodoxe geloof behoort.

Een paar jaar geleden las ik het boek van Palamas in dezelfde periode dat ik Tolle (nogmaals) las. Ik was verbaasd over de vele parallellen. Palamas legt de nadruk op het belang dat ons denken en voelen ondergeschikt moet worden gemaakt aan de ‘nous’. In Romeinen 12:2 is ‘nous’ soms vertaald met ‘denken’ (mind) maar volgens Palamas is de ‘nous’ het hoogste orgaan van onze psyche (of hart). Het is de plek van aandacht en observatie (bewustzijn), de troon van de genade waar God woont en die we benaderen met verwachtende stilte (52). Basilius van Caesarea zei dat de nous in stilte naar zichzelf kan terugkeren en zo tot de contemplatie van God kan komen (53). Daar ontvangen we geestelijke kennis (34), maar daartoe moet de identificatie met het denken gebroken worden (110). Juist dan kan er een bovennatuurlijke vrede geproefd worden (38).

De ervaring dat God in de menselijke nous aanwezig is, leidde de Oosterse-orthodoxie niet tot de claim dat wij de ‘Ik ben’ zijn (zoals Tolle claimt) maar het leidde tot een onderscheid tussen de energieën en de essentie van God. Dit onderscheid hielp hen om niet in een pantheïsme terecht te komen. Enerzijds hielden de orthodoxe theologen vast aan de overtuiging dat we de essentie van God niet kunnen zien en niet kunnen ervaren, omdat God transcendent is. Tegelijkertijd benadrukten ze dat God via Zijn energieën aanwezig is in de schepping en in mensen.[24] In de Oosterse-orthodoxie zijn de esoterische en exoterische dimensie met elkaar verbonden. Men ziet gnosis (ervaringsgerichte kennis) als een essentieel onderdeel van het christelijk geloof en het is dus op zichzelf genomen niet af te wijzen (zoals vermoed zou kunnen worden door de schijnbare verbinding van ‘gnosis’ en ‘gnostiek’).[25] Gnosis wordt in de Oosterse-orthodoxie niet aan de gnostici overgelaten. Vanuit dit perspectief kan men met Tolle zeggen dat het ervaren van iets van God mogelijk is, maar er blijft een terughoudendheid om te denken dat dit de essentie van God is. Gods essentie wordt namelijk geopenbaard in Jezus Christus.

Kritische evaluatie

Het boek van Eckhart Tolle spreekt tot de onrust en gejaagdheid in de westerse samenleving en doet dat vanuit een spiritueel perspectief. Hij benadrukt het belang van heil in het hier en nu. Dit accent kwam ook naar voren in een studie naar het concept van heil in niet-christelijke bestsellers en in populaire christelijke lectuur.[26] De westerse authenticiteitscultuur richt de aandacht van mensen op redding en heil in het hier en nu, op lichamelijke gezondheid en op psychisch welbevinden. Tolles boodschap van heil spreekt tot een behoefte aan psychische verlossing die breed wordt gevoeld.

Het is de vraag of de christelijke kerk het belang van dit thema voldoende adresseert. Veel zoekers die ik heb gesproken, vinden de christelijke kerk erg verbaal en gericht op activiteiten. Ze missen de stilte, rust en bezinning (natuurlijk geldt dit niet voor alle kerken in gelijke mate). In hoeverre worden mensen binnen de christelijke kerken geholpen om tot innerlijke rust en stilte te komen? In hoeverre worden ze geholpen om ook psychisch heil te ervaren?

De kracht van Tolle is bovendien dat hij mystieke inzichten in toegankelijke taal verwoordt. Door Tolles nadruk op desidentificatie, begon ik meer oog te krijgen voor het feit dat Paulus ook een soort desidentificatie met (zelfgerichte) gedachten en verlangens onderwijst (Rom. 6:11-13) gebaseerd op de ervaring/overtuiging van ‘Christus in mij’ (Gal. 2:20). Toegankelijke taal is belangrijk. Mystieke schrijvers zoals Meester Eckhart en Palamas zijn dat in veel mindere mate. Toch laat Tolle zien dat er in de huidige tijd een grote markt is voor mystiek. De katholieke theoloog Karl Rahner zei al lang geleden dat de christen van de toekomst een mysticus zal zijn, of hij zal niet zijn.

Tolle laat ook het belang van gnosis zien. Deze intuïtieve perceptie hoeft niet tegenover het (orthodoxe) christelijk geloof gezet te worden, maar kan er een onderdeel van uitmaken, zoals Palamas laat zien. In een tijd waarin spiritualiteit ‘van beneden’ centraal staat, is het belangrijk voor de christelijke kerk om juist verbindingen te zoeken tussen spiritualiteit ‘van boven’ en ‘van beneden’, een verbinding tussen openbaring en gnosis.

Tolle communiceert ook een wereldbeeld. Dat wereldbeeld komt niet direct voort uit zijn mystieke ervaring. Maar dat wereldbeeld heeft wel grote invloed op hoe iemand in het leven staat. Als christen is het belangrijk om met respect in gesprek te gaan met mensen die gevormd zijn door de Hindoeïstische Advaita Vedanta-filosofie. Maar daarbij hoeven we niet alleen te wijzen op mogelijke raakvlakken, maar mogen we ook aandacht vragen voor fundamentele verschillen. Een grondgedachte van Tolles wereldbeeld is het dogma van de non-dualiteit. Ik gebruik ‘dogma’ hier niet als scheldwoord, maar in de zin van een fundamentele overtuiging/principe (vergelijk Kol. 2:8). Natuurlijk staat het Tolle vrij om zijn ervaring te interpreteren met behulp van deze geloofsovertuiging, maar het wordt problematisch als hij claimt dat deze interpretatie hoort bij de esoterische dimensie van alle religies.[27] Dat is namelijk niet zo. In het christelijk geloof is niet non-dualiteit de grondgedachte, maar de incarnatie en de kruisdood/opstanding/hemelvaart van Jezus de Messias (Christus). Gregorius Palamas laat zien hoe diepe spirituele ervaringen van stilte, vrede en verlichting (zoals Tolle die heeft beleefd) vanuit deze ‘dogma’s’ geïnterpreteerd kunnen worden.

Een wereldbeeld is niet slechts een expressie van een ervaring, maar beïnvloedt ook de manier van leven van mensen. Een wereldbeeld heeft vormende invloed. Het zijn niet alleen christenen die vraagtekens zetten bij het wereldbeeld van Tolle en zijn relativering van (sociale) ethiek. De yoga-beoefenaar en sociale activist Be Scofield schrijft een scherpe kritiek op Tolle, omdat sociale en politieke inspanningen voor een rechtvaardiger wereld in Tolle worden gerelativeerd. Voor Tolle begint het allemaal met verlichting in het bewustzijn en als dat niet heeft plaatsgevonden, stelt het andere werk niet veel voor. Scofield laat echter zien dat verlichting niet altijd heeft geleid tot sociale en politieke transformatie en soms zelfs tot het tegendeel.[28] Boeddhist Christopher Titmuss vraagt zich of hoe het kan dat Tolle zo verlicht is, maar geen moeite heeft om zoveel geld te vragen voor zijn optredens terwijl hij geniet van toenemende welvaart.[29] Zenboeddhist Nathan Thompson legt zijn vinger bij het individuele perspectief van Tolle en het feit dat hij mensen met macht en invloed (die hij bereikt via zijn boeken) niet aanzet om kritische vragen bij de status quo te stellen.[30] Ook de leer dat tijd een illusie is, is niet ongevaarlijk, omdat het de link met de traditie en met toekomstige generaties relativeert of doorsnijdt. De Rooms-katholieke denker Mark Shea gebruikt scherpe woorden:

A people that loses its memory is a people that is ripe for destruction. […] An amnesiac civilization is a civilization that is begging for a tyrant to stampede it whithersoever he wants it to go, for his own purposes, using the tools of fear, appetite, and lies. New Age prophets like Tolle […] simply make that job easier.[31]

Mijn kritische evaluatie van Tolle heeft dus twee kanten: enerzijds positief over zijn uitnodiging tot stilte en mystiek, maar tegelijkertijd kritisch over het wereldbeeld dat hij onderwijst. Vanuit mijn perspectief zou Tolle op dit punt veel kunnen leren van de wijsheid in de Oosterse-orthodoxie. Daar wordt oefening in het stilte-gebed gecombineerd met morele reiniging en morele training.[32] Gemeenschap speelt een cruciale rol en niet zoals in Tolle slechts een ondersteunende (87-88). Innerlijke stilte en de gemeenschap rond het avondmaal zijn beide belangrijk, dus de esoterische en exoterische dimensies van de religie worden niet tegen elkaar uitgespeeld. Naast de nadruk op het Nu is er aandacht voor het verleden en de toekomst, geïntegreerd rond het avondmaal (1 Kor. 11:24-26; Hebr. 13:8). De band met zowel vorige generaties en de traditie als met toekomende generaties wordt niet doorgesneden. Het verhaal van het kruis maant tot realisme omdat pijn en de ervaring van Gods afwezigheid (nog) niet overwonnen kunnen worden. Het verhaal van de opstanding zorgt ervoor dat de eenwording met God meer als geschenk beleefd wordt en minder als de vrucht van techniek.

Tot slot

Natuurlijk zijn verschillende reacties mogelijk.[33] Sommigen binnen de kerk zullen veel kritischer zijn op Tolle dan ik hierboven ben geweest, anderen zullen mijn kritische gedachten verwerpen, omdat ze Tolle zien als christelijke mysticus.[34] Belangrijk is in ieder geval dat we deze groep mensen respecteren, dat we luisteren naar hun verlangen naar heil, dat we leren van hun inzichten en dat we ook met hen in gesprek gaan over onze ervaring van-en inzicht in Gods mysterie: Christus, in wie alle schatten van wijsheid en kennis verborgen liggen (Kol. 2:2-3).

Gert-Jan Roest is wetenschappelijk beleidsmedewerker bij de afdeling Missionair Werk van de Dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk in Nederland en universitair docent in de missionaire master van de Theologische Universiteit te Kampen.

Noten

[1] Joep de Hart, Zwevende gelovigen: Oude religie en nieuwe spiritualiteit, Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau 2013, 217.

[2] Hanegraaff is hoogleraar Geschiedenis van de Hermetische Filosofie en verwante stromingen aan de Universiteit van Amsterdam en was de eerste president (2005-2013) van de European Society for the Study of Western Esotericism (ESSWE).

[3] Hanegraaff, Western Esotericism: A Guide for the Perplexed , London/New York: Bloomsbury Academic 2013, 18-44.

[4] Wouter J. Hanegraaff, Western Esotericism, 1, 13; Wouter J. Hanegraaff, New Age Religion and Western Culture: Esotericism in the Mirro of Secular Thought, State University of New York Press 1998, 517.

[5] Hanegraaff, New Age Religion and Western Culture, 365-366; Hanegraaf, Western Esotericism, 69-85.

[6] Het verscheen in 1998 bij Namaste Publishing Vancouver, vervolgens 1999 in de Verenigde Staten bij New World Library en in Engeland bij Hodder & Stoughton. In dit artikel verwijzen de paginanummers naar de Engelse uitgave: Eckhart Tolle, The Power of Now: A Guide to Spiritual Enlightenment, London: Hodder& Stoughton 1999/2005. Voor een Nederlandse vertaling van het boek: Eckhart Tolle, De kracht van het Nu: Gids voor een bewust en gelukkig leven, Utrecht: Ankhhermes 2013.

[7] Ik kies het boek The Power of Now omdat zijn visie op heil en redding hierin het duidelijkst is uitgewerkt. In zijn boek New Earth: Awakening to Your Life’s Purpose (2008) trekt hij de lijnen door naar de grotere wereld en de toekomst.

[8] www.nytimes.com/2008/03/23/fashion/23tolle.html?_r=1.

[9] Rianne Oosterom, ‘We leven noodgedwongen bij de dag – en daar zitten voordelen aan’, Trouw 13 januari 2021.

[10] Eckhart Tolle gebruikt in plaats van ‘bevrijding’ ook woorden zoals verlichting, redding, ontwaking, en het nieuwe bewustzijn.

[11] Paul Gilbert, The Compassionate Mind: A New Approach to Life’s Challenges, Oakland: New Harbinger Publications 2009, 21-28. Dat de Oosterse wereld een andere instelling heeft, is goed in kaart gebracht door: F.S.C. Northrop, The Meeting of East and West: An Inquiry concerning World Understanding, Connecticut: Ox Bow Press 1946/1979.

[12] Ethan Kross, Chatter: The Voice in our Head and Why it Matters, New York: Crown 2021.

[13] http://www.inner-growth.info/power_of_now_tolle/eckhart_tolle_interview_parker.htm.

[14] Alan Edwards, Ramana Maharshi and the Colonial Encounter, Wellington: Victoria University 2012, 98. http://researcharchive.vuw.ac.nz/bitstream/handle/10063/2085/thesis.pdf?sequence=2. Dit denken past goed bij de westerse samenleving na de ‘subjective turn’, zie: Paul Heelas and Linda Woodhead, The Spiritual Revolution: Why Religion is Giving Way to Spirituality, Oxford: Blackwell, 2005, 77-94.

[15] Uit een interview met Eckhart Tolle voor het Deepak Chopra Centrum: https://chopra.com/articles/afew-moments-with-eckhart-tolle.

[16] Hanegraaff, Western esotericism, 69-85. 17 Philip Sheldrake, A Brief History of Spirituality, Oxford: Blackwell 2007, 93-94. 18 Brother Lawrence, The practice of the presence of God, Springdale: Whitaker House 1982.

[17] Philip Sheldrake, A Brief History of Spirituality, Oxford: Blackwell 2007, 93-94.

[18] Brother Lawrence, The Practice of the presence of God, Springdale: Whitaker House 1982.

[19] In de uitgave van de Epworth Press spreekt broeder Lawrence over innerlijke vrede en de vrede van het paradijs in de 2e en 14e letter. https://d2y1pz2y630308.cloudfront.net/15471/documents/2016/10/Brother%20Lawrence-The%20Practice%20of%20the%20Presence%20of%20God.pdf.

[20] Jean-Pierre de Caussade, The Sacrament of the Present Moment, New York: HarperCollins, 1982.

[21] Maurice O’C. Walshe (translation & editor), The Complete Mystical Works of Meister Eckhart (Revised by Bernard McGinn) New York: The Crossroad Publishing Company 2009, 29, 43, 19.

[22] Saint Gregory Palamas, Holy Hesychia: The Stillness that Knows God (Revised Translation & Commentary by Robin Amis), Wells: Pleroma, 2016. De eerste vertaling in het westen van de Griekse tekst is van John Meyendorff: Grégoire Palamas, Défense des saints hésychastes (2nd ed.), Spicilegium Sacrum Lovaniense, études et documents, fascicules 30 and 31, Louvain 1973.

[23] Zie de historische introductie van David Vermette in Holy Hesychia, 17-21.

[24] Timothy Ware, The Orthodox Church (new edition), London: Penguin 1993, 69.

[25] James S. Cutsinger, ‘Hesychia: An Orthodox Opening to Esoteric Ecumenism’, in: id. (ed.), Paths to the Heart: Suffism and the Christian East, Bloomington: World Wisdom 2002, 225-251.

[26] Harmen Jan Terwel, ‘Beelden van heil in bestellers rond zingeving en lifestyle’, in: Inspirare: Tijdschrift voor charismatische & evangelische theologie, 2.2 (2020), 29-39; Anneke Kloosterman-van der Sluys, ‘Dicht bij Jezus’: Rust en intimiteit voor drukke mensen op zoek naar verbinding’, in: Inspirare: Tijdschrift voor charismatische & evangelische theologie, 2.2 (2020), 40-49.

[27] Er zijn ook veel filosofische problemen met het godsbeeld van Tolle dat neo-Platonische trekken vertoont en voor grote problemen in het westerse denken heeft gezorgd. De Britse theoloog Colin Gunton heeft dit op een diepgaande manier blootgelegd: Colin Gunton, Becoming and Being, London: SCM Press 1978/2001; Colin Gunton, The One, the Three and the Many: God, Creation and the Culture of Modernity, Cambridge University Press, 1993; voor een analyse van Gunton’s theologie, zie: Gert-Jan Roest, The Gospel in the Western Context: A Missiological Reading of Christology in Dialogue with Hendrikus Berkhof and Colin Gunton, Leiden: Brill 2018, 174-198.

[28] Be Scofield, ‘Why Eckhart Tolle’s Evolutionary Activism will not save us’, http://www.tikkun.org/tikkundaily/2012/07/07/why-eckhart-tolles-evolutionary-activism-wont-save-us/.

[29] Christopher Titmuss, ‘Eckhart Tolle is on the Rich Man’s List: Is this the price of enlightenment?’, www.christophertitmussblog.org/eckhart-tolle-is-on-the-rich-mans-list-is-this-the-price-of-enlightenment.

[30] Nathan Thompson, ‘The Failure of Now: How Eckhart Tolle coddles the Status Quo and Why it Matters’, https://buddhistpeacefellowship.org/the-failure-of-now-how-eckhart-tolle-coddles-thestatus-quo-and-why-it-matters/.

[31] Mark Shea, Christ vs. the Power of Now, Catholic Exchange, July 21 st , 2010, https://catholicexchange.com/christ-vs-the-power-of-now.

[32] Metropolitan of Nafpaktos Hierotheos (translated by Effie Mavromichali), The Illness and Cure of the Soul in the Orthodox Tradition, Levadia: Birth of the Theotokos Monastery, 137-151.

[33] Voor een inleiding in het vraagstuk van de contextualisatie, zie: Gert-Jan Roest, Contextualisatie: Theorie & Praktijk, https://www.protestantsekerk.nl/download25442/Artikel%20Contextualisatie.%20Theorie%20en%20praktijk.pdf.

[34] Vergelijk Richard Rohr: https://progressivechristianity.org/resources/eckhart-tolle-and-the-christian-tradition/.

< Terug