< Terug

Het schietincident in alphen aan de rijn

In dit themanummer gaat het over hoe kerken reageren op de coronacrisis. In zekere zin kunnen ervaringen bij andere crises ons leren en wijzen. Hier volgen de weergaven van twee interviews met predikanten over hún ervaringen: ds. Herma Kamphuis, predikant in Alphen aan de Rijn, waar het schietincident plaatsvond, en ds. Evert Jan Veldman, die de vuurwerkramp in Enschede meemaakte.

Herma en Meindert, predikantenechtpaar, drinken op een zaterdagochtend een kopje koffie op het balkon. Het zonnetje schijnt en ze overleggen wat ze zullen gaan doen dit—voor beiden—vrije weekend. Het wordt onrustig in de wijk. Helikopters vliegen over hen heen. Ze zien een paar buurvrouwen op straat elkaar in de armen vallen, ze zijn in tranen. Wat is er aan de hand? Meindert loopt naar binnen en kijkt bij de sociale media of hij daar wat informatie kan vinden. Hun vrije weekend kunnen ze wel vergeten.

Ik ben in gesprek met ds. Herma Kamphuis, een van de pastores van het kerkcentrum ‘de Bron’ in Alphen aan de Rijn. Herma vertelt, de herinneringen aan de crisis van die dag staan nog helder op haar netvlies.

Het is 9 april 2011. Een jongeman schiet in het wilde weg in het winkelcentrum Ridderhof in Alphen-Noord op mensen die daar winkelen; zes mensen worden doodgeschoten, zeventien zijn gewond. Daarna schiet hij zichzelf dood. Het winkelcentrum grenst aan ‘De Bron’, het multifunctionele centrum waar de Protestantse gemeente en Katholieke kerk hun samenkomsten hebben.

Als Meindert Burema, echtgenoot en collega, om 12.30 uur op de fiets stapt om te zien wat er aan de hand is in het winkelcentrum, treft hij een complete chaos aan. Hij moet bedenken wat te doen en gaat eerst weer naar huis. Herma en Meindert overleggen en besluiten in actie te komen om daar te helpen waar het nodig is. Als pastores van het kerkcentrum kunnen zij een rol vervullen.

Deze stap is belangrijk. In een plotselinge ‘openbare’ crisissituatie kunnen de kerkenraad en pastores besluiten op de achtergrond te blijven, maar dan wordt de expertise, die aanwezig is in de gemeenschap, niet ingezet. Gebleken is uit verschillende situaties dat pastores en de kerkgemeenschap een substantiële rol kunnen vervullen, die niet door anderen zomaar kan worden gedaan. Het is een ad hoc beslissing die een beweging in gang zet.

Meindert neemt als eerste contact op met het bestuur van het multifunctionele centrum, en zij komen meteen in actie. Daarna gaan Herma en Meindert de deur uit en zijn verder de hele dag in het kerkcentrum te vinden. Ze staan mensen bij die steun behoeven en proberen de rust te bewaren.

Wat gebeurt er allemaal?

Er is veel politie, de brandweer is ter plaatse en ambulances rijden af en aan.

In de ontmoetingsruimte vindt de eerste opvang plaats. De Bron wordt onderzoeklocatie voor de politie en opvangcentrum voor personeel van de winkels en het winkelend publiek. Alle winkels worden meteen gesloten, vanwege sporenonderzoek. Vooral het winkelpersoneel is ontredderd. Bijvoorbeeld:

Een kassière is in paniek, ze moet haar kassa nog afsluiten, dat is ze in de haast vergeten. Dat moet, anders wordt de bedrijfsleider boos. Het winkelcentrum is afgesloten. Herma praat met haar en zegt: je hebt het goed gedaan, je bent meteen weggegaan en dat was het beste wat je kon doen. Het is nu niet erg dat de kassa niet afgesloten is, de politie zal zeker op de spullen letten.

Naast deze directe hulp met een luisterend oor moeten ook die middag zaken geregeld worden. Collega pastores en de Raad van Kerken worden ingelicht en afspraken moeten worden gemaakt. Heel Alphen is in rep en roer en de pers uit het hele land zit erbovenop. Afgesproken wordt dat de pers te woord wordt gestaan door twee pastores van ‘de Bron’, de katholieke pastor en Meindert. Als duidelijk wordt dat de kerkdienst de volgende zondag niet kan doorgaan in ‘de Bron’, moet dat bekend gemaakt worden. Vrijwilligers worden opgetrommeld om die zondagmorgen bij de vier hoeken van de kerk te staan en de kerkgangers te vertellen dat ze naar de Goede Herderkerk kunnen gaan.

De Bron is maandenlang een ‘pastoraal open huis’ geweest

Het tumultueuze weekend heeft een lange nawerking. Herma herinnert zich de stappen die ze toen gezet hebben, samen met anderen. De Bron bleef hele dagen open tot 22.00 uur. Er was steeds een pastor aanwezig, pastores uit heel Alphen deden mee in het rooster van aanwezigheid. Veel mensen uit de buurt staken een kaarsje aan en wisselden met elkaar de gebeurtenissen van die zaterdag uit. Ook de politie ontving mensen om getuigen te horen, oor- en ooggetuigen. De Bron is maandenlang een ‘pastoraal open huis’ geweest.

Terugkijkend, wat had anders gekund?

  • De communicatie rond een herdenking verliep moeizaam. De gemeente hield religieuze organisaties op afstand bij de vormgeving van de herdenking. Het werd een vervreemdende herdenking: geen kaarsen, in een theater, buiten de wijk. In 2012 is er een handreiking ‘Herdenken’ verschenen, gemaakt door Impact (www.impact.arq.org). Daarin staan aandachtspunten voor het maken van een herdenking, met respectvolle aandacht voor religieuze inbreng.
  • De Raad van Kerken heeft nu een telefoonnummer beschikbaar, waardoor de gemeente makkelijk contact kan leggen met religieuze organisaties.

Gouden tips:

  • Het is belangrijk dat mensen hun verhalen kunnen vertellen. Bied gelegenheid waar mensen elkaar kunnen spreken of met een pastor of vrijwilliger kunnen praten. De kerk kan een centrum als ‘De Bron’ als ‘pastoraal open huis’ aanbieden.
  • Maak duidelijke afspraken wie met de pers communiceert. Het is lastig om goed met journalisten om te gaan, helemaal als niet alles verteld kan en mag worden.

Nelleke (mw. drs. C.A.) Boonstra is emeritus-predikant in de Protestantse Kerk in Nederland. Zij is lid van de redactie van Ouderlingenblad

< Terug