< Terug

Hoogsensitief is zo normaal als wat

Rosanne Vinke studeert kunstzinnige therapie als ze ontdekt dat ze hoogsensitief is. Een zelftest van de Amerikaanse psychologe Elaine Aron wekt haar nieuwsgierigheid. Maar brengt in eerste instantie teleurstelling, want de vragen gaan over ‘niets bijzonders’.


Kun je spreken van mensen ‘met een dunne huid’ als het om hoogsensitiviteit gaat?
‘Ik heb erover nagedacht’, zegt Rosanne. ‘Ons lijf wordt omgeven door onze huid, maar die is niet op alle plekken hetzelfde. Met je ellenboog kun je minder goed voelen dan met je vingers. De sensoren op je vingertoppen laten je heel kleine, subtiele verschillen waarnemen. Je vingers maken daardoor meer verbinding. Niet voor niets bestaat de uitdrukking: fingerspitzengefühl. Vingers en ellenboog horen allebei bij jou, maar werken anders.’

Zo is het ook bij hoogsensitiviteit: ‘Dat houdt in dat er meer informatie je hersenen binnenkomt en die wordt dieper verwerkt dan bij andere mensen die dit kenmerk niet hebben. Het komt al bij baby’s voor, ook bij dieren en evenveel bij mannen als bij vrouwen.’ Rosanne organiseerde een aantal jaren geleden in het kader van het studentenpastoraat een inloopavond. Het werd een drukke avond: ‘15 tot 20 % van de Nederlanders heeft het, dus is het niet uitzonderlijk, maar zo normaal als wat.’

‘Er komt meer door’


Hoogsensitief is een betere term dan hooggevoelig, dat ook wordt gebruikt, omdat hooggevoelig gemakkelijk als een gevoel wordt weggezet. Hoogsensitief roept meer ‘feitelijkheid’ op.
Is het zoiets als een filter dat niet goed werkt? ‘Ja, je kunt zeggen: er komt meer door dan bij andere mensen. Het is in feite een neutraal kenmerk. Maar de ervaring is dat herkenning en acceptatie ervoor zorgen dat je hoogsensitiviteit als iets positiefs kan ervaren. Als je het bevecht, als je het niet begrijpt of je gaat eraan voorbij, dan kan het negatief worden.’
Je moet ermee leren omgaan, zegt Rosanne. ‘Ik heb de behoefte om tijd in te plannen voor ontspanning als ik intensief ben bezig geweest. Ik kies bewust voor een pauze. Als ik lang in de trein zit, is dat veel voor mij, het vermoeit me. Daar moet ik wel bij stilstaan. Al is het niet uitzonderlijk: mensen die niet hoogsensitief zijn, hebben óók rust nodig.’
Waarmee ze maar wil zeggen dat je niet alleen hierdoor bepaald wordt. ‘Hoe je het labelt, welke betekenis je eraan geeft en hoe je omgeving reageert is van belang. Maar het is één van je persoonlijkheidskenmerken, die in verbinding en uitwisseling met elkaar jou tot jou maken. Jij bent jij, inclusief dit kenmerk.’

Walther Burgering is pastor-diaken in de parochiefederatie ‘Sint Franciscus tussen duin en tuin’ en redactielid van Open Deur.

 
Een Nederlandse zelftest, die een indicatie kan geven of je hoogsensitief bent, vind je hier.

< Terug