< Terug

In Nederland ben je levenslang vreemdeling

Hij kan er niet onderuit. Hij heeft gezien wat het effect van racisme op mensen is en wat het met hemzelf doet. ‘We zijn allemaal dragers van racisme. Van daaruit handelen we. Het raakt de daders en de slachtoffers. Er zit diepe pijn. Zowel slachtoffers als daders kunnen er niet snel mee in het reine komen.’

Godian Ejiogu groeide op in Nigeria, studeerde theologie in Nederland en ging als pastor en migrant werken in een witte kerk. In 2018 verscheen van zijn hand het boek Mijn droom, waarin hij het gesprek aangaat over racisme en discriminatie en zoekt naar een rechtvaardige en vreedzame samenleving. ‘We zijn allemaal slachtoffer van onze vorming door het onderwijs en door onze opvoeding. Waar je ook in de wereld bent, we zitten vastgebakken in een mentale vorm. Bewustwording van de beeldvorming die we hebben meegekregen, erkenning geven aan mensen die hier last van hebben, dat is de weg om met elkaar te gaan.’

‘Het gaat om encountering, ontmoeting. Niet om meeting, vergaderen. In een vergadering bespreken we wat we met elkaar kunnen doen. Encountering is een ander niveau van bij elkaar binnenkomen, het niveau van het hart. Ontmoeting van binnenuit.’

We zijn meer racistisch dan we willen toegeven, vertelt Godian. ‘Racisme moet bespreekbaar worden om geestelijke mishandeling tegen te gaan en te voorkomen.’ Dit proces van praten en luisteren kost tijd. En het doet pijn. Het duurt heel erg lang voordat mensen kunnen veranderen. In Godians eigen vriendenkring spreken ze al vijf jaar in alle openheid over racisme, en hij constateert toch: ‘Nu pas dringt het bij sommigen van mijn vrienden door.’

JE ACHTERNAAM IS BEPALEND

Als migrant zoek je een plek in de nieuwe samenleving. Godian: ‘Onze premier kan wel zeggen dat je je plek moet bevechten, maar uiteindelijk moeten andere mensen je de ruimte geven om er te zijn.’ Als zwarte pastor in een witte kerk is Godian in meerdere opzichten een minderheid. ‘Er wordt veel onbewust gedacht en gehandeld. Als migrant ben je niet vertrouwd. Dan zegt de kerk bijvoorbeeld: om toegang te krijgen tot een noodpotje, moet je een officiële brief schrijven. Die kan beter worden ondertekend door een vrijwilliger met een Nederlandse naam, dan door de pastor met een migrantenachternaam. Het is natuurlijk goed bedoeld, maar uiteindelijk niet goed.

Je slikt het in, praat er niet over en langzaam bouw je negatieve gevoelens op. Jouw achternaam belemmert het doel dat je wilt bereiken; niet jouw kennis doet ertoe, maar jouw naam. Het is een miskenning van de mens die er schuilgaat achter de naam. Dat is wel te verdragen, maar het eet je ook stukje bij beetje op. Je beseft dat je je niet geheel uit kunt spreken, ook niet in de kerk.’

Waarom moeten wij onze plek in de Nederlandse samenleving bevechten, vraagt hij zich af. ‘In mijn cultuur hoor je bij een familie als je daar één nacht hebt doorgebracht. Ergens één nacht slapen betekent aanwezig zijn op het meest kwetsbare moment in 24 uur tijd. De volgende ochtend is het voor jou een veilige plek geworden. Maar de ontvangende, gastvrije familie weet ook dat je geen kwaad in de zin hebt. Er is wederzijds vertrouwen. Saamhorigheid.’

‘Je blijft altijd vreemdeling. Maar we zijn ook allemaal beeld van God. Dat is voor mij hét criterium om mens te zijn, gezien en gehoord te worden. Niet de afkomst, statuur of huidskleur. Kijk naar de mens. Die is drager van God. Zijn opdracht is om een bijdrage te leveren aan de verbetering van de samenleving. Als we daarnaar kijken komen we een heel eind. Dan heeft iedereen zijn of haar zin van het leven en kunnen we onze talenten inzetten.’

Walther Burgering is pastor-diaken in de parochiefederatie ‘Sint Franciscus tussen duin en tuin’ en redactielid van Open Deur.

‘Mijn droom’ van Godian Ejiogu verscheen bij KokBoekencentrum in 2018 en is nog als e-book te koop.

< Terug