Over naar het wereldwijde web

Inzichten van een internetpastor

Een van de meest ingrijpende transities van onze tijd is de digitale revolutie. Deze biedt voluit nieuwe kansen aan kerk en christelijk geloof, waarbij marketing essentieel is en oecumene een welkome vrucht blijkt. Pioniers balanceren tussen oud en nieuw, digitaal en fysiek, individu en gemeenschap.

Sinds 2009 noem ik mij internetpastor. Ik werk samen met drie andere professionals en tientallen vrijwilligers. We produceren dagelijks podcasts, video’s en tekstmateriaal. Naast ons gebedsaanbod maken we ook een webmagazine over geloof en cultuur en ontwikkelen we vormingsmateriaal rond Ignatiaanse spiritualiteit en christelijk geloof in het algemeen.

Onze kantoren zijn in Amsterdam, maar we maken deel uit van een wereldwijd netwerk waarmee we intens samenwerken, zowel inhoudelijk als technisch. Qua doelpubliek mikken wij niet lokaal, wel landelijk en internationaal. Deze bijdrage is geschreven vanuit dit perspectief.

Van de verschillende jezuïeteninitiatieven in de Lage Landen is ons internetpastoraat het werk dat veruit het meeste mensen bereikt. Aan geen enkel van onze andere initiatieven werken zoveel jezuïeten van alle generaties mee, van transitie gesproken. Dit is maar één voorbeeld van de algehele digitale transitie die onze samenleving kenmerkt. Ook in de digitale omgeving speelt het gegeven ‘gemeenschap’ een belangrijke rol.

In het eerste deel van deze bijdrage omschrijf ik enkele aspecten van de huidige context van christelijke gemeenschappen. Vervolgens noem en illustreer ik een aantal dynamieken van het internet. In het tweede deel ga ik in op twee wellicht onverwachte aspecten van gemeenschapsopbouw in de digitale omgeving: marketing en oecumene.

Diepe crisis

De digitale transitie doet zich voor op een ogenblik waarop in de Lage Landen vele christelijke gemeenschappen door een diepe crisis gaan. Het is niet zo dat christenen hier te lande niet langer geloven in het belang van gemeenschap en verbondenheid. Wel is de secularisatie zo sterk geworden dat talrijke fysieke gemeenschappen verdampen of uiterst zwak en kwetsbaar worden.

Voor de individuele gelovige kan dit leiden tot vereenzaming en isolement. Denk aan bejaarde gelovigen met beperkte mobiliteit of aan jongeren die de enige christen zijn in de klas en voor wie het moeilijk is om aansluiting te vinden bij christelijke generatiegenoten.

Een ander gevolg van de secularisatie is dat de traditionele netwerken waarlangs de communicatie verliep nauwelijks nog functioneren. Tot voor enkele decennia konden de kerken hun gelovigen makkelijk bereiken via eigen scholen, gemeentes, parochies en andere christelijke organisaties.

Dit is in belangrijke mate verleden tijd. Concreet: als vandaag in een dorp of stad een belijdende christen overlijdt, is de begrafenisondernemer hier vaak sneller van op de hoogte dan de predikant of de pastoor. Waar vroeger de christelijke scholen op vanzelfsprekende wijze samenwerkten met de plaatselijke kerken en namen en adressen doorgaven, is dit nu om privacy-redenen vaak niet meer toegestaan. Anders gezegd, het wordt voor kerken steeds moeilijker om in contact te komen en te blijven met hun mensen, laat staan om nieuwe mensen te bereiken.

Het internet, met zijn enorm communicatiepotentieel, biedt veel mogelijkheden om op een nieuwe wijze met deze leemte om te gaan. Ook in de digitale omgeving bestaat (christelijke) gemeenschapsvorming, zij het dat die verschillend is van de gemeenschap in de fysieke omgeving.

Gemeenschap sui generis

De digitale gemeenschap is een gemeenschap ‘van zijn eigen soort’, sui generis. De vrijblijvendheid is groot, er is doorgaans weinig interpersoonlijk contact. De gemiddelde christelijke surfer waakt over zijn digitale privacy.

Tegelijk blijkt uit de talrijke reacties dat onder de 18.000 mensen die deelnamen aan onze digitale adventsretraite 2020 een reële verbondenheid bestond. Het besef dat zovelen dagelijks met dezelfde teksten bidden werd ervaren als een steun. Het gastenboek om reflecties te delen werd druk bezocht. Honderden mensen namen op zaterdagmorgen samen deel aan de geleide Zoom-meditaties met de schrijver van de retraite. Duizenden keken er later naar op YouTube.

Die verbondenheid lijkt in te slapen met de laatste gebedsmail op kerstdag om opnieuw geactiveerd te worden op aswoensdag, bij het begin van de veertigdagenretraite.

De ervaring leert dat het hard werken is om de surfer de stap te laten zetten van digitaal naar fysiek. Een belangrijke reden hiervoor is uiteraard dat de digitale gemeenschap diffuus is, verspreid over het hele taalgebied, terwijl de fysieke gemeenschap per definitie lokaal is.

Verloren in de chaos van het internet

Dit belet niet dat dit voor ons een permanent aandachtspunt is. In het christelijk geloof is de fysieke dimensie constitutief. Christenen hebben er recht op dit te ervaren. Het is daarom een plicht voor pastores in de digitale omgeving hier blijvend aandacht voor te hebben.

In ons netwerk stel ik vast dat die doorstroming wel degelijk gebeurt, zij het langzaam en met mondjesmaat.

In ons bezinningscentrum in Drongen (België) komen steeds meer Nederlanders en dus ook protestanten.

Er is een gestage verjonging van de retraitanten. Velen sijpelen door via het internetpastoraat.

Persoonlijk contact

De vrijblijvendheid van de digitale anonimiteit trekt aan. Tegelijk is er behoefte aan persoonlijk contact.

Daarom is het wenselijk dat in de sociale media niet alleen de relatief onpersoonlijke organisaties aanwezig zijn, maar ook fysieke personen met een naam en een gezicht.

Als internetpastor krijg ik nogal wat indringende vragen toegestuurd. Veel christenen hebben weinig of geen plaatsen en personen waar ze met hun persoonlijke (geloofs)vragen terecht kunnen. Af en toe leiden die digitale contacten tot ontmoetingen in de fysieke omgeving. Het zou me weinig moeite vragen dit soort begeleidingswerk sterk uit te breiden.

Ruimer merk ik dat veel christenen verloren lopen in de chaos van het internet. Ook op geloofsvlak wordt in de social media veel nonsens geproduceerd. Het is een belangrijk dienstwerk kwaliteitsmateriaal te ontwikkelen in de digitale omgeving en het vervolgens zo aan te bieden dat het ook daadwerkelijk gevonden wordt.

Vloeken in de kerk

Dit brengt ons bij andere aspecten van het belang van gemeenschap in de digitale omgeving.

De eigen logica en de concrete werking van het internet zijn sterk op de individuele surfer gericht. Wie surft op het wereldwijde web staat centraal. Als gebruiker bepaalt de surfer zelf wat hij waar en wanneer doet op het internet. Het subject is de baas.

Tegelijk is ook gemeenschap een cruciale factor in de werking van het internet. Het volstaat niet goede inhoud aan te bieden. Het internet is een bikkelharde omgeving met sterke concurrentie, waarin 1.7 miljard websites dingen naar de aandacht van de surfer. Het is de kunst en de uitdaging een gemeenschap op te bouwen van mensen die regelmatig je websites bezoeken. Al te veel uitstekende christelijke content op het internet blijft onopgemerkt, omdat men verzuimt werk te maken van een digitale gemeenschap waaraan ze kan worden aangeboden.

Marketing

Dit verklaart waarom marketing een sleutelgegeven wordt voor de efficiëntie van het digitale pastoraat. Het gebruik van het woord marketing in christenland klinkt als vloeken in de kerk. Toch lijkt het me niet meer dan een toepassing van het aloude principe van de inculturatie: het gebruik maken bij de evangelisatie van de eigen middelen die de cultuur van bestemming biedt.

In onze eigen organisatie hebben wij besloten om de komende 5 jaar van marketing onze prioriteit te maken. We werken nu niet zozeer aan een verbreding van ons bestaand digitaal aanbod. We streven er wel naar de digitale gemeenschappen die bestaan rond onze producten te versterken. Zo wordt de kans groter dat, in de wildernis van het internet, een groeiende groep mensen zich met ons verbonden weet. Voor het bestaand aanbod garandeert dit een vaste groep bezoekers. Voor nieuwe producten maakt dit dat we niet telkens een nieuwe digitale gemeenschap hoeven op te bouwen, wat uiterst arbeidsintensief is.

Ik zal kort de drie vormen van marketing bespreken die wij gebruiken.

Alle drie dragen ze bij tot het onderhouden en uitbreiden van de digitale gemeenschap.

Nieuwsbrieven

De eerste en meest eenvoudige vorm van digitale gemeenschapsopbouw verloopt via nieuwsbrieven.

De digitale nieuwsbrief wérkt. Voor velen functioneert hij als de telkens terugkomende uitnodiging onze websites te bezoeken. Er zijn verschillende nieuwsbrieven voor onze verschillende websites. Eerst maakte elke nieuwsbrief enkel publiciteit voor de eigen producties. Nu kiezen we er voor, over en weer, ook nieuwe inhoud van de andere websites aan te kondigen. Dit versterkt het gemeenschapsgevoel. De bezoekcijfers tonen dat dit werkt.

Sociale media

Een tweede vorm van marketing betreft de sociale media: Facebook, Twitter en Instagram. Regelmatige berichten lokken de surfer naar onze websites of herinneren eenvoudigweg aan ons bestaan. Een beperking is dat je dreigt steeds in dezelfde vijver in te vissen.

Rond specifieke initiatieven voeren we daarom soms betaalde Facebook-campagnes. Het rendement hiervan is niet erg groot. De surfer stelt het steeds minder op prijs dat hem allerhande producten via advertenties worden opgedrongen. Hij wil zélf beslissen waarheen te surfen. Een voordeel is dan weer dat surfers die anders nooit in contact komen met christelijke waar, die nu wel kunnen zien verschijnen in hun tijdlijn via vrienden die christelijke berichten delen.

Google ads

Een derde marketingvorm speelt rechtstreeks in op het verlangen van de surfer zelf het roer in handen te houden: Search engine optimisation (SEO) en meer in het bijzonder Google ads. De efficiëntie ervan is groot.

Deze techniek haakt in op de vragen die de surfer zelf stelt aan Google.

Anders gezegd, je gaat als aanbieder niet proberen de gebruiker iets aan te praten. Je gaat veeleer inspelen op wat de zoeker zelf aangeeft als zijnde het voorwerp van zijn verlangen.

Concreet zorgen Google ads ervoor dat op het scherm van wie in Google bijvoorbeeld ‘dagelijks bidden’ intikt, onze website biddenonderweg.org verschijnt bij de eerste tien zoekresultaten. Dat vergroot de kans dat de surfer die actief op zoek is naar gebedsmateriaal op onze website terechtkomt.

Voor kerkverantwoordelijken is digitale marketing niet langer een exotische luxe. Talrijke, vaak peperdure, commerciële bedrijven bieden thans producten van spiritual wellness aan.

Zij nemen snel de levensbeschouwelijke markt over, niet in het minst omdat zij die marketingtechnieken efficiënt hanteren.

Anders gezegd, marketing kan een reele bijdrage leveren aan onze zending om de Blijde Boodschap te verkondigen. Daarmee bereiken wij niet alleen onze vertrouwde kuddes, maar ook de ruimere kudde van zoekende mensen.

Geen muren

Een ander kenmerk van de digitale omgeving is dat internet geen muren kent. Ook niet, of steeds minder, tussen christenen van verschillende kerken. Onze eigen websites worden bezocht door zowel katholieken als door protestanten en evangelicalen.

Nochtans zijn de producten die wij aanbieden geïnspireerd door een spiritualiteit die uitgesproken van katholieken huize is. Dit steken wij niet onder stoelen of banken. Tegelijk kiezen we ervoor ons aanbod, in trouw aan onze eigen traditie, zó te ontwikkelen dat ook andere christenen er zich welkom kunnen voelen.

Enkele voorbeelden om dit te illustreren.

In onze gebedspodcast biddenonderweg.org kondigden we aanvankelijk de Bijbellezing enkel aan met een verwijzing naar het Bijbelboek waaruit die genomen was. Voor katholieke christenen is dit ruimschoots voldoende.

Protestantse en evangelicale gebruikers vroegen ons ook het hoofdstuk en het beginvers te vermelden. Die willen namelijk wel eens in hun eigen Bijbelvertaling de tekst nalezen of vinden het zinvol om de verzen ervoor en erna te lezen. Dit hebben we meteen en graag aangepast.

Op ignatiaansbidden.org bieden we in de advent en tijdens de veertig-dagentijd elk jaar een ignatiaans geïnspireerde retraite aan. De meeste van die retraites worden geschreven door jezuïeten. Maar de teksten van de veertig-dagenretraite van 2020 werden geschreven door een vrouwelijke predikant. Een van onze stafmedewerkers, hoofdredacteur van ons igniswebmagazine.nl, is een belijdend protestant.

Het concrete gevolg hiervan is dat uit dit katholiek initiatief een feitelijk oecumenische digitale gemeenschap is gegroeid. Deze oecumene aan de basis wordt door de overgrote meerderheid van de gebruikers positief gewaardeerd.

Deze ontmoeting en uitwisseling beperken zich niet tot de digitale omgeving. We stellen vast dat er een groeiende doorstroom is van protestantse en evangelicale christenen vanuit onze digitale omgeving naar ons aanbod in de fysieke omgeving. Dat betreft residentiële retraites, persoonlijke begeleide gebedstrajecten volgens de Geestelijke Oefeningen, opleidingen voor geestelijke begeleiding of voor het geven van de Geestelijke Oefeningen, samen bidden en vieren, samen studeren, samen onderscheiden.

Wij ontkennen hierbij de verschillen niet. Soms vraagt de verscheidenheid over en weer creativiteit, soepelheid en geduld. De vreugde van de ontmoeting en de wederkerige verrijking bevestigen ons in de authenticiteit van deze evolutie.

Een overzicht van onze belangrijkste websites: biddenonderweg.org, ignatiaansbidden.org, gewijderuimte.org, igniswebmagazine.nl, verderkijken.org, inalledingen.org, jezuieten.org.

Nikolaas Sintobin is een Vlaamse jezuïet en internetpastor. Hij is actief blogger en webmaster van verschillende Ignatiaans geïnspireerde websites.

Meer Kerk en wereld