Wat fijn dat je er bent!

Hoe verwelkom je nieuwe leden? Elke gemeente krijgt nieuwelingen op de stoep, toevallige passanten of mensen die ‘in het dorp zijn komen wonen’. Voor gemeenteleden zelf zijn de dingen vaak vertrouwd. Een buitenstaander dient ingewijd te worden in de woorden, gebruiken en gewoonten.

LENNART AANGEENBRUG
De heer L.M. Aangeenbrug MA is gemeentepredikant in Hellendoorn, vader van 3 kinderen en actief met fotografie en computers. Hij sloot zijn studie af met een onderzoek naar gastvrijheid in één specifieke gemeente.

Introductie

Hoewel de kerk krimpt, is het goed om eens stil te staan bij de verwelkoming van nieuwelingen. Hoe geef je nieuwe mensen een warm welkom? Het zal de kwaliteit van de gemeente ten goede komen. Een gemeente die voor zichzelf werkt aan haar eigen kwaliteit, heeft al half werk gedaan. Exacte antwoorden hoe je nieuwe mensen verwelkomt, zijn niet te geven. Elke kerkplek leeft en kerkt in een andere situatie. Daarom schets ik een aantal lijnen en vragen, waar een ieder zelf mee aan de slag kan. Deze lijnen werk ik gelaagd uit: van eerst een blik naar binnen naar steeds meer naar buiten toe.

Jezus maakte contact met mensen, zocht de actualiteit en bleef scherp

De ontmoetingen die Jezus had

We beginnen bij Christus, naar wie we heten. Tijdens zijn werkzame leven trok Jezus rond door Israël. Hij maakte steeds contact met andere mensen. Drie patronen vallen op. Hij raakte niet (zo snel) van slag van de mensen die op zijn pad kwamen. Daarnaast zocht Hij aansluiting bij de actuele situatie. Zo zijn de gelijkenissen voorbeelden uit de dagelijkse praktijk om iets uit te leggen over het geloof. En tenslotte bleef Jezus scherp. Als kerk mogen we ergens voor staan. De boodschap van God hoeven we niet weg te moffelen omdat er toevallig een vreemdeling langskomt. Zoals bij een bakker brood wordt verwacht, mag bij een kerk over Gods Woord gesproken worden voor en tussen mensen.

Zou je jezelf meenemen naar je eigen kerk?

Het helpt soms om van een afstandje te kijken naar jezelf. Doordat je vertrouwd bent met het gebouw, de taal en de gebruiken zullen bepaalde zaken niet snel opvallen. Naast ingesleten gewoonten is er de vraag hoe trots gemeenteleden zijn op hun eigen kerk. Zou je een gast met een gerust hart in gesprek laten gaan met andere gemeenteleden? Gezonde spanningen tussen groepen is niet erg, maar helaas zijn verhoudingen soms beschadigd. Daarom is het goed om je ook eens te realiseren hoe verhoudingen bewust of onbewust aanwezig zijn en hoe deze op een nieuweling zouden kunnen overkomen. Probeer voor zover mogelijk spanningen en/of conflicten in de gemeente op te lossen. Missionair- en evangelisatiewerk kan een vlucht zijn om niet bezig te zijn met de interne problemen in de gemeente. Door als vrijwilliger aan de slag te gaan met bijvoorbeeld koffieochtenden in de buurt of ontmoetingsdiensten ontloop je misschien wel pittige discussies in de kerkenraad. De problemen worden niet opgelost. Een nieuwkomer wordt dan hartelijk welkom geheten, maar zal na een eerste kennismaking al snel merken dat er iets scheelt.

In het kader van mijn afstuderen schreef ik een scriptie over een gastvrije gemeente (Masterthesis ‘Een thuis voor de gast – practice what you preach’). Eén conclusie verraste me. De gemeente had een wervende kracht in de wijk; tegelijk was de gemeente daar niet heel actief mee bezig. De meeste energie ging op aan het verbeteren van de ‘interne kwaliteit’.

De eigen mensen hebben vaak niet door hoe hun woorden, gebruiken en verwachtingen ingesleten zijn

Dat wil zeggen: kwaliteit in aanbod, ruimte voor initiatieven vanuit de gemeente en een goede sfeer van verbondenheid. De kerkenraad fungeerde zo veel mogelijk alleen als facilitator, het werk werd waar mogelijk aan vrijwilligers overgelaten. Daarmee werd het gemeentewerk iets van de leden zelf en werden ze trots op wie ze als gemeente waren. Het is een zegen als gemeenteleden het aandurven een introducé mee te nemen.

Ben je zelf weleens gast geweest?

Een goede tip is om een keer als gast naar een onbekende kerk te gaan. Hoe word je ontvangen, welke zaken vallen op en wat valt er te verwachten? In de sociologie wordt verschil gemaakt tussen de ‘eigen groep’ en de ‘buitenstaander’. De mensen van de eigen groep hebben vaak niet door hoe hun woorden, gebruiken en verwachtingen ingesleten zijn.

Hoe snel gaat men uit van verwachtingen? Laat ik het met een voorbeeld illustreren. In de zomervakantie waren we in een toeristisch gebied te gast in een Duitstalige kerk. De halve kerk zat vol met Nederlanders. Men was gewend aan toeristen. Tijdens de dienst waren er diverse stappen in de liturgie die ik niet zag aankomen: een antwoordgebed, een gezongen antwoord, een onverwacht bidden van het Onze Vader en ga zo maar door. Het zorgde ervoor dat ik de dienst niet goed kon meebeleven, maar mijn energie nodig had om alert te zijn wat er allemaal gebeurde. Een goede voorganger probeert zijn of haar kerkgangers zo veel mogelijk te laten vergeten dat er een liturgie is en neemt ze mee de inhoud in. Zoals je wordt meegezogen in het kijken naar een TV-scherm en de rest eromheen vergeet. Pas aan het einde van de dienst ontdekte ik dat in de zangbundel zelf een blauwdruk van de liturgie was opgenomen. Dat verbaasde me. Deze gemeente had er wel degelijk over nagedacht om iets aan gasten aan te bieden. De kosteres, die ons vriendelijk begroette en zelfs een zangbundel overhandigde, vergat nog te zeggen dat we op de eerste pagina in de bundel moesten kijken voor de orde van dienst.

Kerkgang voor gasten

In de protestantse traditie is de kerkdienst een scharnierpunt in het gemeenteleven. De meeste introducés zullen vroeg of laat in een dienst langskomen. Als het gaat om de kerkdienst, zijn er 3 soorten gasten te onderscheiden. De toevallige passant, zoals een vakantieganger of iemand die meekomt met een begrafenis. De zoeker, op zoek naar een kerkplek. En de ‘verhuisde’: iemand die door verhuizing in het dorp is komen wonen, niet zozeer op zoek gaat naar verschillende kerken maar wel even kijkt hoe het loopt in de lokale kerk. Een gast heeft behoefte aan duidelijke informatie. In deze tijd is dan de eerste stap een bezoek aan de website. Ik stip het maar kort aan, omdat er online veel over te vinden is. Hoe duidelijk is op uw website één van de volgende zaken aangegeven:

• Een duidelijke agenda met kerkdiensten en andere activiteiten.
• Een knop om lid te worden.
• Wat is het adres van de kerk en waar kan geparkeerd worden?
• Wat gebeurt er tijdens een kerkdienst?

Na een bezoek aan een website volgt vaak een bezoek aan een kerkdienst. De koster of nog beter de welkomstcommissie dient alert te zijn op nieuwe gezichten. Van nature lopen we eerder af op een bekende om te vragen hoe het met hem of haar gaat. Laat de onwennige vreemdeling merken dat hij of zij gezien is; of hij of zij openstaat voor een verder gesprek, hangt helemaal van de gast af.

Wees een sherpa

Of, om het bijbels te zeggen, een herder die een nieuw schaap de nieuwe kudde inbrengt. De voorbeelden hierboven gingen over vreemdelingen die zelfstandig de gemeente bezochten. Veel vaker worden mensen door een gemeentelid geïntroduceerd. De neiging kan zijn om de nieuweling zo snel mogelijk te koppelen aan de bestaande vrijwilligers en/of predikant. Als voorganger krijg ik bijvoorbeeld regelmatig de vraag of ik een contact wil verdiepen met een nieuweling. Eén keer kreeg ik de vraag of ik mee wilde doen met de buurtbarbecue, om zo contact te leggen met mensen die niet mijn buren waren. Het eerste contact tussen gemeentelid en de nieuweling is het meest waardevol. De kerkganger fungeert als gids. Daarom een beeld van een sherpa: een bewoner van het land, die vertrouwd is met de wegen in en rond de berg die beklommen gaat worden. Als twee mensen in contact komen met elkaar, dan ligt er vertrouwen in dat eerste contact. Het hoeft niet perfect te zijn, niet alle vragen en antwoorden worden getoetst als die van een Ware Gelovige. Echtheid is waardevoller dan perfectie.

Wees een sherpa met een kaart

Een betrokken gemeentelid kent de gemeente. Een gast moet alles ontdekken. Wie nieuw binnenkomt, heeft zeker een jaar nodig om een beetje door te krijgen wie wie is, en waar je moet zijn voor dit of dat. Het is daarom aan te bevelen om als gemeente en als kerkenraad eens goed na te denken wat je nieuwe leden kunt aanbieden. Naast een gemeentegids, een foldertje over hoe kerkdiensten verlopen, zijn er nog wel meer creatieve ideeën te bedenken. Daarbij is een pro-actieve houding van verschillende gemeente-onderdelen nodig. Een kindernevendienst of club die uitnodigingskaartjes verstuurt, een ouderenvereniging die activiteiten communiceert in het lokale verzorgingstehuis of een welkomstpakket voor nieuwe leden met kerksnoep en een boekje over geloof. In veel gemeenten brengt een contactpersoon een bloemetje. Maar is er ook een contactmoment na, zeg maar, 3 maanden? In het bedrijfsleven kent men de term follow-up: om na een bepaalde periode nog eens na te vragen aan een klant of hij ergens behoefte aan heeft.

Kerk-zijn in de wijk

Tenslotte, na lijnen steeds verder naar buiten getrokken te hebben, de laatste cirkel: die van de lokale zichtbaarheid. Dit raakt het missionaire werk. Vanuit het perspectief van een gemeente(lid) is alles wel duidelijk. Maar ook voor de buitenstaander? Organiseer eens gesprekken in de wijk en luister alleen maar eens: hoe kijken mensen tegen ons aan, wat zien ze van ons? Dan ontdek je al snel welke verhalen er de ronde doen en hoe er tegen de kerk wordt aangekeken. Juist door het horen van de zwaktes kun je actief op zoek naar een oplossing om duidelijk(er) te communiceren.

Is er ook een contactmoment na 3 maanden? Als een follow-up…?

Drempelloos

Een nieuw lid is altijd welkom. Verwachtingen zijn verschillend en onbekendheid niet altijd zichtbaar. Het is daarom goed om de vraag te blijven stellen, of iemand zijn of haar plekje heeft gevonden, of dat er nog iets uitgelegd kan worden. De antwoorden zullen over het algemeen niet lastig zijn, het beginnen met vragen is vaak de drempel. En die willen we voor gasten juist weghalen.

Tags:

Meer Kerkopbouw & Missionair