< Terug

Mystery Worshipper

De mystery worshippers van Laetare lieten een tijdje niet van zich horen. Toch hebben ze wel degelijk rondgereisd, vakkundig vermomd als gewone kerkganger. hier is een verslag uit het ‘oude normaal’.

Wie, wat, waar?

Kerk: St. Nicolaasbasiliek
Plaats: Amsterdam
Denominatie: rooms-katholiek
Datum: 26 januari 2020
Voorgangers: drs. Eric Fennis (priester) en drs. Rob Polet (diaken)
Musici: er was een schola.
Aantal bezoekers: 200 tot 30, een goed gevulde kerk. Gemiddelde leeftijd tussen 60 en 70 jaar. het merendeel (tachtig procent?) was autochtoon, hetgeen in het centrum van Amsterdam toch wel opmerkelijk is. Er zijn ongeveer 20 kinderen.
Mystery Worshipper: man, 68, rooms-katholiek.

Sfeer vóór de dienst
Als je vanaf het drukke stationsplein de kerk binnengaat, krijg je de indruk een gewijde ruimte te betreden. Dit heeft te maken met het gebouw zelf, een kruisbasiliek met een koepel in barokke stijl die vol met schilderingen zit, maar ook met het feit dat je wordt gevraagd in het gebouw stil te zijn. Hier wordt wel op een ontspannen manier mee omgegaan. Mensen groeten elkaar, maar zonder woorden. Daarna gaan ze rustig op hun plaats zitten zonder met elkaar te babbelen. Daardoor ontstaat een sfeer van rust en contemplatie waarvan de hele viering is doortrokken. Onder andere hierin bespeurt men de invloed van de monastieke, benedictijnse traditie waardoor de hele stijl van liturgievieren uitdrukkelijk is geïnspireerd.

Openingswoord
De diaken meldt dat op deze zondag de Week van Gebed voor de Eenheid van de christenen wordt afgesloten en dat dit jaar op deze dag ook voor de eerste keer in de rooms-katholieke liturgie de Zondag van het Woord wordt gehouden die door paus Franciscus is ingesteld. Daardoor kan de eenheid onder de christenen bevorderd worden en ook de band met het jodendom worden versterkt. Hoewel de viering een uitdrukkelijk rooms-katholiek karakter heeft, wordt deze zo toch in een breder perspectief geplaatst.

Gezangen
Afgezien van enkele meerstemmige composities die op bepaalde momenten a capella door de schola worden uitgevoerd, worden alleen vaste gezangen (Heer ontferm U, Lofzang et cetera) – in het Nederlands – en psalmen in de vertaling van Ida Gerhard en Marie van der Zeyde gezongen. De melodieën zijn afkomstig uit het Abdijboek. Koor en ‘allen’ wisselen elkaar daarbij steeds af. De samenzanggedeelten (met name refreinen) worden alleen door een aantal gelovigen nogal aarzelend en mondjesmaat meegezongen. Opmerkelijk is dat het in veel katholieke kerken zo populaire strofelied – dat door de hele gemeenschap wordt gezongen – volledig ontbreekt (in ieder geval op deze zondag). Het enige instrument dat wordt bespeeld, is het orgel. De teksten van alle liederen staan in een goed verzorgd liturgieboekje afgedrukt.

Vorm en structuur
De viering verloopt geheel volgens de structuur van het vernieuwde Romeins Missaal. Er wordt nergens van afgeweken. Informele momenten – met ruimte voor een grapje of anekdote – heb ik niet kunnen ontdekken. Ook de bewegingen en houdingen waren sterk gestileerd. De grote nadruk op vorm kwam desondanks op mij niet over als vormelijk of stijf, maar eerder als geconcentreerd en aandachtig. Het maakt voor mij ook nog eens duidelijk dat het heel goed mogelijk is om binnen het kader van de vernieuwde Romeinse liturgie een gestileerde en zelfs sacrale liturgie te vieren. Het is absoluut niet nodig om daarvoor terug te keren naar de zogenaamde Tridentijnse liturgie of daar elementen uit op te nemen…

Preek
De preek duurt 8 à 9 minuten. Lang genoeg om een samenhangend betoog op te zetten en kort genoeg om onnodige herhalingen te voorkomen. De grote lijn van de preek is uitstekend te volgen. Wel verbaasde mij de keuze van het thema enigszins. De lezingen boden daartoe meerdere aanknopingspunten. De oudtestamentische eerste lezing en het evangelie gingen over het volk dat in duisternis zit en een groot licht zal aanschouwen (Jesaja 8,23-9:3 en Matteüs 4,12-23). Het thema van de preek was ontleend aan de tweede lezing waarin Paulus te kampen heeft met verdeeldheid in zijn gemeente en een richtingenstrijd in de gemeente van Korinthe: de een beroept zich op Apollos, de ander op Paulus enzovoort (1 Korintiërs 1,10-13). Dit werd in verband gebracht met de – toen vermeende(?) – verschillen van inzicht tussen paus Benedictus en paus Franciscus. Op die manier werd wel aardig ingespeeld op de actualiteit, maar het kwam op mij toch wat binnenkerkelijk over. Had de preek zich niet wat meer op de buitenwereld, op die van het stationsplein en het Damrak, kunnen richten?

Beweging
Wat ik als weldadig ervaar, is dat de liturgie niet een sit-in, een sessie is, dat ik niet vijf kwartier zit. Een aanzienlijk deel van de tijd sta ik: bij het zingen, maar ook tijdens de lezingen en tijdens het hele eucharistische gebed, vanaf de prefatie. Ik merk dat ik daardoor fysiek en mentaal alert en wakker blijf en het bevalt mij ook beter dan dat ongemakkelijke knielen op die houten banken (dit gebeurt alleen tijdens de voorbede). Gelukkig staat ook duidelijk aangegeven waar men verondersteld wordt te gaan staan, zonder de irriterende toevoeging ‘als u dat kunt’. Als ik die riedel hoor, ga ik mij oud voelen. Wie moeite heeft met staan, blijft gewoon zitten. Dat spreekt vanzelf.

Bij welk onderdeel voelde je juist niet in de hemel?
Die momenten zijn er eigenlijk er niet.

Opmerkelijke onderdelen
De gaven van brood en wijn worden tijdens de offergang in een soort processie naar voren gebracht en er wordt de mogelijkheid geboden om onder twee gedaanten te communiceren (door drinken uit de beker). De vernieuwde Romeinse liturgie biedt die mogelijkheden; ze kunnen de participatie van de gelovigen aan de eucharistieviering bevorderen. Beide liturgische handelingen zijn onlangs nog door paus Franciscus in zijn catechese over de eucharistieviering aanbevolen, maar ze worden nauwelijks nog in een rooms-katholieke liturgieviering gepraktiseerd. Goed dat het hier wel gebeurt.

Na de dienst
Er is gelegenheid om in de zijbeuken koffie te drinken. Een aantal mensen doet dit. Uiteraard werd onder de koffie wel gepraat. Zo heilig was de gewijde ruimte nu ook weer niet.

Reden om niet meer terug te komen
Is er niet.

Reden om weer te gaan
Hiervoor zijn meerdere redenen. Deze abdijliturgie heeft een eigen karakter dat ik weet te waarderen. Het heeft te maken met de nadruk op stilte, rust en meditatie, met de keuze van de gezangen, de kwaliteit van het koor en het orgelspel, de voordracht van de lezingen. 

Langs de meetlat

Sfeer [0 = ons-kent-ons; 10 = warm welkom]: 7
Muziek [0 = kromme tenen; 10 = zalig]: 9
Preek [0 = nietszeggend; 10 = inspirerend]: 7
Verzorging [0 = rommelig; 10 = ordelijk]: 8
Mystagogie [0 = niet verheffend; 10 = hemels]: 8
Opnieuw gaan [0 = één keer is genoeg; 10 = beslist elke keer]: 7

< Terug