< Terug

Overwin je vermoeidheid

Mensen die als familieleden, vrienden of collega’s aan elkaar toegewijd zijn, komen soms in een fase waarin het enthousiasme wat minder is. Dan is het zwaar om in het dagelijks leven betrokken op elkaar te blijven. Vermoeidheid steekt de kop op.

Wie wil niet eventjes ontsnappen uit de patronen van zijn leven? Dat verlangen kan op melancholieke momenten de vorm aannemen van een verlammende vermoeidheid. Die kenden ook de vroege monniken al. Ze noemden haar de ‘middagdemon’ (acedia). Je hebt overal je buik van vol.

Evagrius Ponticus, een Egyptische monnik uit de vierde eeuw, schrijft over die volle buik: ‘De oververzadiging betekent een opwelling van woede en begeerte. De woede richt zich op wat voorhanden is, de begeerte op wat er juist niet is. De demon van de middag overvalt de hele ziel en verstikt onze geest.’ Woede en begeerte maken moe. Maar ze kunnen ons ook juist dichter bij de ander brengen wanneer ze ons optillen en een drijfveer worden. Om daar ruimte voor te maken, moet je het gevecht met de middagdemon, de motivatiecrisis, de schijnbare zinloosheid, aangaan. Voor de woestijnmonniken zijn gevoelens als woede en begeerte zondig en brengen de liefde en daarmee de (mede-) mens in gevaar. Als je de vermoeidheid de baas kunt worden, dan zullen ook dat soort oprispingen je niet meer van het pad van de toewijding afbrengen.

Wat moet je dan uit liefde doen? Een authentiek liefdesgebod dat we moeten volgen, kan niet inhouden dat we onze gevoelens moeten onderdrukken.

RITUELEN

Om de vermoeidheid te kunnen overwinnen moet je de woede en de begeerte juist een plek geven. Daarvoor heb je een structuur nodig die genoeg ruimte laat, zonder dat je van de weg van de toewijding afdwaalt. Het omgekeerde geldt ook: je kunt de structuur, die orde van elke dag, alleen oprecht leven als je je neigingen niet wegdrukt. De orde bloedt dood zonder gevoelens, maar gevoelens zijn dodelijk wanneer ze niet in orde komen, letterlijk en figuurlijk. Hoe doe je dat? Door rituelen te vinden die je door de vermoeidheid en de opwelling heen dragen. Toewijding bestaat alleen maar bij gratie van het volhouden. Je moet juist niet wegvluchten uit de rituelen van elke dag. In het klooster gebeurt dat vanzelf. Wie de dagorde daar naar eigen goeddunken steeds maar weer verandert als hij hem beu is, zal een veel lelijker vorm van de middagdemon tegenkomen: de totale uitputting door een voortdurende sprint naar het volgende avontuur, de volgende afwisseling en ook de volgende teleurstelling. Niet alleen in het klooster hebben mensen dit soort rituelen, ieder mens heeft er behoefte aan.

Pas door de eindeloze herhaling sta je ook in een relatie echt open voor verandering. Dat is weer zo’n paradox die je alleen maar kunt begrijpen door er serieus werk van te maken.

BLIJVEN DOEN

Routines kunnen tot rituelen worden wanneer je er een betekenis in ontdekt die bij je eigen kern hoort. Wat op het eerste gezicht vermoeiend lijkt, kan gaandeweg heel zinvol blijken te zijn. Denk aan samen eten. Dat is niet altijd gezellig, maar het kan steeds weer een bron van toewijding zijn – als je het maar blijft doen. Of samen stil kunnen zijn. Stilte kan ongemakkelijk en vermoeiend zijn, maar bij tijd en wijle dringen we samen met de mensen om ons heen door tot onze diepste bezieling. Toewijding groeit in je innerlijk waar God altijd op je wacht. Wanneer de vermoeidheid toeslaat, moet je juist weer naar binnen gaan. Soms duurt het even om de sleutel te vinden, maar het liefdesgebod klinkt elke dag: Overwin je vermoeidheid!

 

OM VERDER TE LEZEN: THOMAS QUARTIER, ‘LIEFDESGEBODEN. GEVOEL IN HET KLOOSTER VAN JE LEVEN’ (BAARN: ADVENIAT 2019.)

Thomas Quartier osb is monnik van de Sint Willibrordsabdij in Doetinchem. Hij is directeur van het Benedictijns Centrum voor Liturgische Studies aan de Radboud Universiteit Nijmegen en hoogleraar Monastieke Studies aan de KU Leuven.

< Terug