< Terug

Preekschets 2 Koningen 18:32c

Luister toch niet naar Hizkia, die u valse hoop geeft met zijn bewering dat de HEER u zal redden.

2 Koningen 18:32c

Schriftlezing: 2 Koningen 18:13-37 (HSV)

Zie ook

Het eigene van de zondag

Het is de zondag kort na Hervormingsdag en Dankdag. Een dag waarop we uitgedaagd worden om een antwoord te geven op de vraag naar wie we luisteren en op wie we ons vertrouwen stellen. Is het op de Heere die we hebben leren kennen als een genadig God en die ons voorziet van ons dagelijks brood of stellen we ons vertrouwen op iets of iemand anders, zoals de economie of op eigen kracht? In dit krachtenspel kan het geloof flink aangevochten worden.

Uitleg

De kennis rond deze geschiedenis putten we niet alleen uit ons Schriftgedeelte en uit Jesaja 36-39, maar ook uit het prisma van Sanherib. De eerste is in 1830 gevonden door Colonel Taylor en wordt bewaard in het Brits Museum. Twee anderen zijn in Chicago (1919) en Jeruzalem (1970). Vanuit Assyrisch standpunt wordt in kolom II, r. 34 verteld over de veldtocht tegen Hizkia van Juda en de belegering van Jeruzalem.

Aanleiding voor de geschiedenis is het zich afdoen van het juk van Assyrië door niet langer de schatting te betalen. Hizkia geeft zich deze vrijstelling door zijn vertrouwen op de Here God.

Bedreiging (vers 13)

In 701 v. Chr. dringt Assyrië na de inname van het koninkrijk Israël ook het koninkrijk Juda binnen. Alle versterkte steden worden ingenomen.

Reactie Hizkia (vers 14-16)

Hizkia beoordeelt zijn afvalligheid van Assyrië als zonde en wil genoegdoening betalen. Wezenlijk is dat hij hiermee onderstreept dat hij Sanherib had moeten gehoorzamen. Verliest hij hier het vertrouwen op de God van Israël?

Topoverleg (vers 17-18)

De koning van Assyrië is nog niet tevreden en stuurt drie van zijn hoogste ambtenaren. De tartan, de rabsaris en de rabsake en met hen een geweldig leger. Hizkia zet het hoofd van de hofhouding, de schrijver en de kanselier hiertegenover.

Vertrouwen (vers 19-25)

Kern van het spreken van de rabsake is het woord vertrouwen. Direct helder gemaakt in de eerste vraag. Waarop berust het vertrouwen van Hizkia. Een vraag die de rabsake in drieën beantwoordt. De gevechtskracht, Egypte en de God van Israël. Het tweede en derde punt kapittelt hij direct. Het vertrouwen op Egypte is zinloos, want die zullen Juda onderwerpen. Het vertrouwen op de Here veegt hij als zinloos van tafel op grond van het verwijderen van de offerhoogten en in vers 25 door de “profetie”, dat de Here tegen Sanherib gezegd heeft tegen het land op te trekken en het te gronde te richten. Sanherib zegt hiermee dat de God van Israël aan zijn kant staat. In vers 23 weerlegt hij het vertrouwen op de gevechtskracht. Hij spot ermee om aan te geven dat die marginaal is. Zo wordt Hizkia duidelijk gemaakt dat opstand onverstandig en zinloos is.

Moed verloren, al verloren (vers 26-35)

De vraag om Aramees en geen Judees te spreken raakt de kern van het doel van de rabsake. Hij wil de zinloosheid van hun vertrouwen benadrukken. Iets dat hij verder wil ondermijnen door met stemverheffing de mannen op de stadsmuur toe te spreken.

Hij wijst op hun ellende (vers 27) en toont hun het paradijs (vers 32). Al is dit paradijs niet het door de Here beloofde land, maar Assur. Hij doet de woorden van Hizkia over vertrouwen af als bedrog (vers 29-30) en benadrukt dit door de machteloosheid van andere goden (vers 34-35).

Vers 31 is een verwijzing naar 1 Koningen 4:25 en Micha 4:4. Iets dat ook terugkomt in Zacharia 3:10.

Zwijgen en rouwen (vers 36-37)

Het volk is Hizkia nog trouw en zwijgt gehoorzaam. De drie topambtenaren rouwen. Ontzet door de woorden komen ze met gescheurde kleren bij Hizkia aan.

Aanwijzingen voor de prediking

Het vertrouwen stellen op God is de kern van deze geschiedenis. Of beter gezegd het aangevochten worden van dit vertrouwen. Belijdenis doen van het geloof is één, maar het volharden in dit geloof is heel wat anders. Dit zal iedere prediker en hoorder herkennen. In de Here Jezus zijn Vader leren kennen en belijden als een genadig God is mooi, maar uit zich dit in dankbaarheid en tevredenheid voor wat God geeft of gaan we het vertrouwen toch verleggen naar iets of iemand anders.

Hizkia begint geweldig, maar de inname van de versterkte steden doet hem de knieën al lichtelijk buigen voor Sanherib. Hij geeft hem de mogelijkheid een voet tussen de deur te zetten en Sanherib is iemand, als je die één vinger geeft, dan neemt hij de hele hand. Zo wordt het vertrouwen van Hikzia nog meer onder druk gezet. In de prediking kan dit zo neergezet worden dat het de hoorders bekend in de oren klinkt. Vanzelfsprekend kan opgeroepen worden bij het volharden in het geloof wanneer tegenslag om de hoek komt kijken. Tegelijk kan ook de worsteling hiermee verwoord worden. Zo wordt de prediker een tegenover en iemand die naast de hoorder staat.

De tegenslag beeldt de rabsake uit als enorm groot, maar hij biedt ook een uitweg. Knielen voor de koning van Assyrië en het paradijs staat voor je open. Hoe aanlokkelijk is dit? Het klinkt als de stem van de slang in de hof van Eden. Is dit herkenbaar? Een leugen, een diefstal, overspel, ontrouw zijn aan God, omdat dit een weg opent die aantrekkelijk is. Richting dankdag is de vraag of wij ons buigen voor de economie en gericht zijn op een leven in luxe en welvaart of dat we dankbaar zijn voor wat de Heere geeft en de bereidheid kennen om te delen met wie niet heeft. De vraag is naar wie we willen luisteren. Klinkt de stem van God in ons hart of krijgen andere stemmen er een plaats? In de brief aan de Filippenzen lezen we dat Jezus God gehoorzaam is geweest tot in de dood. Is dit een bemoediging en aansporing om ook zelf te volharden als capitulatie en het bewandelen van de brede weg vanzelfsprekender lijkt?

De bijbelse geschiedenis laat het antwoord vooralsnog achterwege. Het volk zwijgt en kleren worden gescheurd. Zo kan ook de preek open eindigen. De worsteling duurt voort. Misschien wel een leven lang. De (geloofs)vraag heeft nog geen antwoord gevonden. Zo is voor velen de dagelijkse ervaring. Toch zal er niet alleen bij de prediker, maar ook bij de hoorder iets knagen. Het geloof dat uiteindelijk God vertrouwd kan worden en dat wie in hem gelooft, niet beschaamd zal worden. Durven we die stap in het geloof te zetten? Bereid om de smalle weg te gaan.

Ideeën voor kinderen en tieners

Voor kinderen valt te denken aan het stiekem pakken van een snoepje of een soortgelijk voorbeeld. Bij oudere jongeren kan winkeldiefstal of iets op school meepikken gebruikt worden. Wie stevig wil binnen komen kan ook denken aan het geld verdienen door xtc verkoop. Het kan heel aantrekkelijk zijn om bepaalde dingen te doen en daarvoor het geloof in God opzij te zetten.

Liturgische aanwijzingen

  • Tijdens de dienst kan uit het liedboek van Israël gezongen worden psalm 25:1en 5; psalm 31:1; psalm 37:2; psalm 62:1,4,5; psalm 84:6

  • Uit het Liedboek voor de kerken kan gedacht worden aan LB 314:1; LB 399:6.

  • Andere te zingen liederen zijn OPW 42; OPW 184; OPW 785

Geraadpleegd

  • Gispen, W.H. (red.), Taylor, cilinder van, in: Bijbelse Encyclopedie

  • Prisma van Sanherib. Geraadpleegd op 14 juni 2018 via Wikipedia

  • Paul, M.J. (2007). Bijbelcommentaar 2 Samuël. 1 Koningen, 2 Koningen, Studiebijbel Oude Testament 4, Veenendaal

< Terug