< Terug

Preekschets Jona 2:1

De Heer liet Jona opslokken door een grote vis. Drie dagen en drie nachten zat Jona in de buik van de vis.

  • Bijbelgedeelten: Jona 2:1-11; Matteüs 14:22-33
  • Preektekst: Jona 2:1
  • Thema: Gods trouw wereldwijd

Liturgisch kader

Deze preekschets kan bij de zondag in de nationale klimaatweek (in 2022 van 31 oktober tot 6 november): de kleur is dan groen. Thema is: ‘Gods trouw wereldwijd’. De schriftlezingen zijn gekozen op verzoek van de kerk, waar ik die zondag voorging, en waar in de kinderdienst aandacht gegeven werd aan Jona en aan water en weer in het algemeen.

Uitleg

De verhalen van Jona en van Jezus die op het meer wandelt, zijn overbekend. De thematiek bij Jona is vooral gehoorzaamheid aan de Thora vanuit Gods roeping als profeet. Profeten zijn geen toekomstvoorspellers, maar roepen op tot omkeer, waarbij onheil kan worden afgewend. Daarbij wordt gezegend, gewaarschuwd en is er belofte van redding.[1] Zonder gehoorzaamheid aan de Heer vervalt de wereld terug in chaos, volgens Joodse uitleggers die van de oervloed in Genesis 1. Vandaar de angst voor grote wateren zoals zeeën en zelfs meren, ook bij veel huidige orthodoxe Joden. Met andere woorden: het doen van wat de Heer zegt, heeft zowel een voorbeeldfunctie voor de wereld als een zegen voor wie die woorden volgt.[2]

Jona doet niet wat God zegt. Het beeld van de storm en de roepende zeelieden tot hun goden is een humoristische weergave, dat die goden niet meer zijn dan schepselen van mensenhanden en van menselijke ideeën. Eigenlijk moet het hele boekje Jona gelezen worden en niet alleen het poëtische gedeelte in Jona 2:1-11. [3] Let op de herhaling van allerlei Hebreeuwse woordstammen in het hele boekje. Het zijn woordstammen, die het boekje een verhalende novelle in de stijl van een midrash (leervertelling) geven met een boeiende en humoristische inslag, al is de figuur van Jona volgens sommigen ook een historisch figuur. Maar dit boekje is geen historisch verhaal in onze betekenis van het woord. Voorbeeld: gadol ‘groot, ra’a ‘kwaad’, o.a. in Jona 1:5, yare ‘vrezen’, alleen al in Jona 1 drie keer gebruikt. (Jona 1:5,10,16), tul ‘werpen’, een hifil (in zee werpen) enzovoorts. Nadruk op verzet bij Jona en het opgeslokt worden door de vis in Jona 1 en Jona 2, nadruk op Gods genadig handelen in Jona 3 en Jona 4.

Let ook op overeenkomsten met de Hizkia geschiedenissen in Jesaja 36-39: ballingschap, redding, JHWH is Eén, goden hebben geen macht. Vergelijk in Jona het bidden van de zeelieden bij de storm, de vis die als redder optreedt, opslokt, maar niet verslindt en verteert en uiteindelijk in opdracht van de Eeuwige (!) Jona weer op het land spuwt. Vergelijk Jona 1:15 en Jona 2:11. De vis wordt daarbij instrument van Gods goedheid.

Volgens Joodse uitleggers is ook die storm en de woelige zee vol betekenis. Ongehoorzaamheid aan de Eeuwige leidt onherroepelijk tot chaos, een herinnering aan Genesis 1: water, storm en oervloed. Vergelijk ook Genesis 6 en Genesis 7, waarin de aarde opnieuw door de vloed wordt verslonden, terug naar de chaos dus, maar via Noach en zijn gehoorzaamheid aan de Heer toch wordt gered.

De Psalm in Jona 2 is volgens sommigen ook een reflectie van Psalmen 130 en Psalmen 137, met het thema van de ballingschap. Vergelijk Jona 2:4,5. Daarmee is het ook een reflectie op de ballingschap.[5]

Het gaan naar Ninevé is daarmee een daad van gehoorzaamheid onder protest; het handelen van de Heer een daad van zijn soevereiniteit. Ook vijanden kunnen zich omkeren en tot de Heer roepen en Hij antwoordt met redding. Sommige Joodse uitleggers zien in dit boek ook een contrast tussen een nationalistisch georiënteerd Juda en een God die verlossing aanbiedt aan ieder die Hem aanroept. Er is ook een vergelijking met Naäman de Syriër, de heiden die gelovig, na verzet, de belofte van genezing aanvaardt en vervolgens de Eeuwige eert.  God zorgt dan ook voor wat Hij geschapen heeft en gaat om met wie Hem aanvaardt en zijn Thora volgt.[6]

Ook Matteüs 14: 22-33 gaat over woelige zeeën, en angstige leerlingen, over leren vertrouwen en over de wateren die tot rust komen wanneer de Heer spreekt en handelt. Petrus zonk door de golven heen, de Heer gaat door met zijn leven. Evenals de zeelieden bij Jona komen de leerlingen in de boot tot de erkenning, dat de Heer God is, en wordt Petrus gered. Niet de sheool, het dodenrijk wint, maar Gods orde die tot rust brengt. Niet ons klein geloof geeft de doorslag maar de genade van de Heer.[7]

Aanwijzingen voor de verkondiging

Het lijkt me van belang de nadruk te leggen op Gods reddende kracht ondanks de chaos. Niet onze ongehoorzaamheid en/of ongeloof geeft de doorslag, maar hoe de Heer handelt. Er mag best worden verwezen naar de Joodse achtergronden van deze beide verhalen: die angst voor de zee/meer was bij elke gelovige Jood ergens aanwezig: die staat voor oordeel, denk aan Genesis 6, het eerste boek van de Thora. Daar wordt een toon gezet, die van Gods heiligheid, en die van zijn genade die redding biedt en de weg wijst in omkeer en gehoorzaamheid, en die ook leidt tot geloof en vertrouwen, zoals zowel Petrus als Jona moesten leren.

Er kan ook een link gelegd worden naar de klimaatcrisis, die immers alles te maken heeft met uitbuiting van de schepping en maar heel weinig met rentmeesterschap. Die stormen en droogten van deze tijd kunnen dan ook verwijzen naar Jona: zijn ongehoorzaamheid en de storm op zee zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Pas in de vis ontdekt Jona het geheim van Gods trouw, boven hemzelf en boven Israël uit. Ondanks wat er nu gebeurt mogen wij ons gedragen weten door God, die genadig naar zijn schepping en naar ieder van ons persoonlijk omziet. Niet de chaos wint. Maar Zijn Rijk.

Let ook op de verwijzing van drie dagen in de vis naar de opstanding.[8] Een verwijzing die de Heer zelf gebruikt in een debat met de Farizeeën (tekst?). De chaos en dood worden overwonnen door het leven dat God schenkt. Door oordelen heen blijft het leven in stand.

 Liederen voor de kinderdienst

  • Alles wordt nieuw I,2 blz. 15 Lied van de Schepping
  • Alles wordt nieuw I, 12, blz. 25 Lied van Jona
  • Liedboek Zingen en bidden in huis en kerk 2013: Lied 178, Wie wil uit zijn hokje komen vers 1-6 en 7-9
  • ‘Kinderliedjes’ van Elly en Rikkert: Jona, Jona, ga naar Ninevé

Bij de eredienst

  • Liedboek Zingen en bidden in huis en kerk 2013: Psalm 90, vers 1 en 2, 8
  • Liedboek Zingen en bidden in huis en kerk 2013: Psalm 130a en andere varianten van deze Psalm, toepasbaar zowel op Petrus als Jona
  • Liedboek Zingen en bidden in huis en kerk 2013: Psalm 137 Thema ballingschap: naar deze Psalm wordt in Jona 2 verwezen
  • Liedboek Zingen en bidden in huis en kerk 2013: Lied 155, Zijt Gij mijn God, Het lied van Jona
  • Liedboek Zingen en bidden in huis en kerk 2013: Lied 911, Rots waaruit het leven welt: positieve duiding van water en rots. Prachtige hertaling van het oude ‘Vaste Rots’, van Willem Barnard.
  • Ook gekeken zou kunnen worden bij Jona 4 naar Opwekking 390 ‘Ik belijd.’ Berouw en Gods antwoord, of een bewerking van Psalm 103 van Huub Oosterhuis, in ‘Zangen van Zoeken en Zien’ nummer 215.

Geraadpleegd

  • Dr. W. Brüggemann, Theology of the Old Testament’ 2005
  • Dr. J. Ridderbos, De kleine profeten, deel II, Jona, Kampen 1949 (KV)
  • Dr. E. Rooze, Schepping, deel I, via Internet
  • Jopie Siebert-Hommes Jona in: De Bijbel literair ed. Fokkelman en Weren. Zoetermeer 2005
  • Peter Schmidt, Het Evangelie volgens Mattheüs in: De Bijbel Literair
  • Dr. Wim Weren, Mattheüs, ’s Hertogenbosch 1994
  • Dr. S. van der Woude, De prediking van het Oude Testament, Jona, Nijkerk 1978
  • The Annotated Jewish New Testament, Oxford 1999-2005
  • The Jewish Study Bible (Tenach), Oxford 1999-2005 (uitstekende inleiding op Profeten op Jona)
  • Naardense Bijbelvertaling, Nieuwe Bijbelvertaling 2021, Herziene Statenvertaling, Engelse Bijbel New International Version, Hebreeuws Jona met behulp van woordenboeken en grammatica en een Interlineaire versie, Grieks (bij Mattheüs), met Schlüssel; van Rienecker.
  • Internet publicaties o.a. via Academia, een aantal goede artikelen van Joodse afkomst over de Hebreeuwse tekst, o.a. over ‘water’ ‘oervloed’ en een vergelijking tussen Jona, Genesis 1 en Genesis 6-8.

Deze preekschets is geschreven door Johan Lotterman.

Voetnoten

[1] Vgl. de opmerking van Walter Brüggemann 2005 in: Theology of the Old Testament, blz. 639 over de kernprediking van de profeten ‘lawsuit, appeal for repentance, and promise’, ook  de samenhang tussen het doen van wat rechtvaardig is en daarmee de belofte van uitredding en hoop op blz. 644ff met talrijke citaten uit de profeten. Vergelijk ook Hoofdstuk VIII in: N.A. Schuman: ‘Gelijk om gelijk’, over intentie en oproep tot omkeer bij de Profeten.

[2] Vgl. de opmerking van Walter Brüggemann 2005 in: Theology of the Old Testament, blz. 639 over de kernprediking van de profeten ‘lawsuit, appeal for repentance, and promise’, ook  de samenhang tussen het doen van wat rechtvaardig is en daarmee de belofte van uitredding en hoop op blz. 644ff met talrijke citaten uit de profeten. Vergelijk ook Hoofdstuk VIII in: N.A. Schuman: ‘Gelijk om gelijk’, over intentie en oproep tot omkeer bij de Profeten.

[3] Van der Woude 1978 in: Jona, serie Prediking van het Oude Testament: blz. 11 … weloverwogen compositie met twee hoofddelen… (dus één verhaal: eigen interpretatie)

[4] Vergelijk ook de inleiding op Jona in The Jewish study Bible, blz. 1187

[5] Van der Woude blz. 31-39

[6] Dr. W. Weren, Mattheüs, den Bosch 1984

[7] Matteüs 12:40

< Terug