< Terug

Preekschets Lucas 5:32

Lucas 5:32

Zesde zondag na Epifanie

Ik ben gekomen (..) om zondaars aan te sporen een nieuw leven te beginnen.

Schriftlezing: Lucas 5:27-32

Uitleg

Nadat in de verzen 1-11 en 17- twee levensechte voorbeelden duidelijk is geworden wat de ontmoeting met de Verlosser kan betekenen, komt Lucas in het slot van zijn vijfde hoofdstuk tot de kern. Deze keer laat Jezus zich rechtstreeks uit over zijn bedoeling. Zijn komst naar de aarde is erop gericht om zondaars aan te sporen om een nieuw leven te beginnen.

Deze perikoop begint met de mededeling waarmee de eerste perikoop binnen dit hoofdstuk was geëindigd: ‘En hij liet alles achter, stond op, en volgde Hem’ (vs. 28; vgl. vs. 11). Een terugkerend thema is dat van farizeeën en schriftgeleerden die vraagtekens zetten bij het handelen van Jezus (vs. 30; vgl. vs. 21).

Voor wat betreft de afbakening van de perikoop zien we een verschil tussen de nbg en de nbv. Die weergave laat zien dat er over die afbakening discussie is tussen diverse exegeten. Wij hebben hier de keuze gemaakt om te lezen tot en met vers 32, vooral omdat de evangelisten Matteüs en Marcus deze geschiedenissen ook meer apart weergeven. De verzen 33 tot en met 35 passen overigens thematisch gezien echter prima bij deze perikoop, terwijl de daaropvolgende verzen op zichzelf uitleg en prediking behoeven.

‘Een tollenaar die Levi heette’ (vs. 27) – Levi is Matteüs de evangelist die de geschiedenis ook in zijn eigen ooggetuigenverslag opgenomen heeft (Mat. 9:9, 10). Zijn naam betekent: ‘hij die aanhangt’. Tollenaars werden gezien als zondaars bij uitstek: zij bedrogen God en mensen door belastinggeld achterover te drukken. Bovendien speelden ze onder één hoedje met de Romeinse bezetter. Van een aanhanger van zijn werkgever wordt Levi een aanhanger van Jezus Christus.

‘Richtte een groot feestmaal aan’ (vs. 29) – Jezus spreekt de tollenaar niet alleen aan. Hij maakt ook tijd en ruimte in zijn leven voor Levi en zijn vrienden. De maaltijd met elkaar gebruiken betekende in die dagen ook de band met elkaar versterken. Levi neemt zijn vrienden kennelijk ook mee naar Jezus en brengt zo ook anderen dicht bij Hem. Waar de Heer verschijnt, worden zondaars tezamen gebracht om met Hem de maaltijd te gebruiken.

‘Zitten… stond op’ (vs. 27/28) – Levi komt letterlijk en figuurlijk in beweging op Jezus’ woord.

‘Morrend tegen zijn leerlingen’ (vs. 30) – Opnieuw tonen de farizeeën en schriftgeleerden zich kritisch (vgl. Luc. 5:21). De kritiek wordt echter geuit aan de leerlingen van Jezus en niet aan Jezus Zelf. Toch geeft Jezus hun antwoord.

‘Geneesheer’ (vs. 31) – Opnieuw zien we hier de link tussen ziekte/zonde en genezing/vergeving (vgl. preekschets van 12 februari). De Heer bedoelt hier niet te zeggen dat de farizeeën en schriftgeleerden geen zondaars zouden zijn. Zij zijn zich echter niet bewust van hun tekort voor God. Alleen die mensen die zichzelf als zondaar hebben leren kennen, zullen ten volle de heerlijkheid van het evangelie kunnen bevatten. Zoals je pas naar een arts gaat als je aan jezelf merkt dat je ziek bent, en je je realiseert dat je hulp nodig hebt – zo is de Here Jezus Geneesheer voor allen die lijden onder zonden en gebrokenheid. ‘But Jesus does not go to offer placebos’ (D.L. Bock). Bij vergeving verwacht Jezus ommekeer (vgl. Zacheüs, Luc. 19). Levi maakt die ommekeer door ‘alles’ (lees: zijn tolhuis, zijn baan, zijn rijkdom, zijn oude leven) achter te laten en achter Jezus aan te gaan.

Aanwijzingen voor de prediking

Streefgetallen en bedrijfsmotto’s bepalen het ritme van de dag in een maatschappij waarin alles steeds efficiënter moet. Zelfs de kerk van onze dagen ontkomt niet aan een zeker maakbaarheidsdenken. Boeken met titels als Doelgericht leven en Doelgericht jongerenwerk (R. Warren) doen het goed. Bezuinigingsrondes in plaatselijke kerkelijke gemeenten dwingen tot herbezinning. Creatieve beleidsplannen worden gesmeed, ideaalbeelden voor ogen gesteld.

Boven alles leeft de kerk echter van de missio Dei! Waaruit die bestaat, wil deze evangelietekst duidelijk maken. Lucas 5:32 geeft kernachtig weer wat de Heer Jezus als Verlosser op aarde komt doen. Dit is het opschrift boven al zijn werk, zijn mission statement.

De opbouw daarvan valt op. Twee delen verhouden zich tot elkaar als de beide polen van een magneet. ‘Niet voor de rechtvaardigen komt Hij’ – de prediker op dit punt de uitleg kwijt over de rol van de farizeeën en schriftgeleerden in deze geschiedenis – ‘maar voor zondaars’. De prediker en zijn gemeente lezen bij dat laatste natuurlijk Levi, die als tollenaar bij uitstek het toonbeeld van een zondaar was.

Het mission statement van Jezus valt verder op, omdat het zo geheel eigen is in zijn soort. Is deze werkwijze van de Heer wel zo efficiënt? De farizeeën en schriftgeleerden zijn als geen ander gekneed in ‘doelgericht geloven’ en kennen ieder wetje tot op de millimeter. Op basis daarvan verwerpen zij Jezus’ manier van werken als vreemd, godsdienstig inadequaat en zelfs incorrect.

Maar Jezus laat in woord en daad zien dat Hij de Verlosser is. In de omgang met Levi en zijn vrienden maakt Jezus concreet en tastbaar wat de werkwijze van het Koninkrijk is. Voor hen die beseffen dat zij nooit uit zichzelf aan de werkelijke zin van het leven kunnen voldoen – de zondaars – is Hij gekomen!

De goede Herder werkt niet met streefgetallen, maar werkt net zo lang tot het honderdste schaap dat Hem behoort binnen is. Daarvoor zet Hij zijn leven in. Wat naar de ogen van de wereld een inefficiënt, mislukt reddingsplan lijkt is voor God de beste en hoogste weg die zijn Zoon kon gaan. Het minste bleek in Hem het meeste, het kleinste het grootste. Wat geen mens kon verzinnen, deed Hij. De dwaasheid van zijn liefde voor zondaars blijkt Gods grote plan (1 Kor. 1:27)!

Daarom gaat ook in Levi’s leven alles op z’n kop. Niet meer de wetten van de economie of het virus van de hebzucht beheersen zijn leven. Het zoeken van het Koninkrijk wordt de grondwet van zijn bestaan, en al het andere komt bovendien (Mat. 6:33). Eeuwige overvloed is er voor hen die zich bekeren tot Jezus Christus.

Liturgische aanwijzingen

Deze preekschets zou goed passen bij de viering van het heilig avondmaal. Aan de maaltijd van de Heer schuiven we aan als zondaar Levi, om er als evangelist Matteüs weer vandaan te lopen.

Gezang 170:2 (‘Arts aller zielen’) of elb 362 (vgl. de doxologie op de Messiasparadox in vs. 2) zijn passend. Psalm 34:1-4 zou men bij wijze van anachronisme als het ware Levi in de mond kunnen leggen. Vers 2 spreekt van het schaamrood op de kaken dat door de verlossing mag verdwijnen. En prachtig dat vers 4 zingt: ‘Komt nader, smaakt en proeft (,..)/des Heren goedheid.’ Ik hoor het Levi zeggen tegen zijn vrienden, bij Jezus aan tafel!

< Terug