< Terug

Preekschets Ontdekzondag – Naar Gods beeld

Bij Genesis 3, Psalm 8, Matteüs 25: 14-30 en 1 Korintiërs 12

De Ontdekzondag is een jaarlijkse themazondag, begin februari, die in het teken staat van samen gemeente zijn. Samen met iedereen – of je nou een (zichtbare) beperking hebt of niet. Vier de Ontdekzondag mee! Dit kan op elk moment in het jaar. Op de website van Dit Koningskind zijn naast preekschetsen ook liturgievoorstellen, collectefilmpjes en kinderbladen te downloaden. Het materiaal blijft beschikbaar.

Zie ook

Thema

Een pasgeboren baby, wat kan je daar vol verwondering naar kijken! Die kleine handjes, dat

lieve neusje, die schattige oogjes. Zo mooi gemaakt! Een meesterwerk van onze God,

geschapen naar Zijn beeld. Je feliciteert de ouders met hun prachtige kind.

Maar wat als bij de geboorte blijkt dat het kind niet zo perfect is? Dat het een beperking

heeft? Een kind met het Syndroom van Down, een kind dat nooit zal kunnen lopen, een kind

dat niet kan zien of horen of een kind met hersenaandoening. Wat zeg je dan?

Psalm 8 zegt over de mens: U hebt hem bijna God gemaakt. Maar wat als een van deze

creaties nou een beperking heeft? Hoe kijk je hier dan tegenaan?

In deze preekschets wordt een richtlijn gegeven om aan de hand van het thema Naar Gods

Beeld te ontdekken hoe we vanuit Gods ogen naar beperkingen kunnen kijken. Hoe geef je

mensen met een beperking een goede plek in de gemeente? Maar ook, wat zijn onze eigen

beperkingen? Want hebben we niet allemaal onze talenten en beperkingen?

Bijbelteksten en uitleg

Genesis

In Genesis lees je dat God een prachtige wereld maakt. Van alles wat Hij creëert, wordt

gezegd dat het goed is, maar wanneer God de mens heeft gemaakt, lees je dat het zeer goed

is. Geen chromosoom te veel. Geen spina bifida. Geen stoornis uit het autistisch spectrum.

Zo blijft het niet. In Genesis 3 zie je hoe de mens zichzelf in de ellende stort door tegen God

te kiezen. De gevolgen zijn groot. De zonde tast alles aan. Niets blijft onbeschadigd. De mens

die zo perfect was, krijgt te maken met ziekte, pijn en gebrokenheid. Vanaf dat moment is

ieder mens beperkt.

Psalm 8

Psalm 8 begint en eindigt met de lof op God. In de verzen 1-3 klinkt zijn naam Jahweh. De naam waarmee Hij zich aan mens en wereld verbindt. De psalm tintelt van verwondering over wat God heeft gemaakt. Opvallend is dat in vers 3 kinderen en zuigelingen worden genoemd. Kinderen, zelfs de allerkleinsten laten Gods grootheid zien. Niet eens zozeer door wat ze doen, maar vooral door wat ze zijn. Ze zijn voortgekomen uit Gods hand. Geschapen om je over te verwonderen en om lief te hebben. In het tweede gedeelte, vers 4-9, gaat het over de mens. De mens is kwetsbaar en sterfelijk (Enos) en vergeleken met de maan en sterren valt hij in het niet. En toch geeft God dat kwetsbare wezen, zijn scheppingswerk in handen en kroont hem (onderkoning onder de grote koning) met macht en glorie. Ook na de val in zonde blijft dat gelden. In kwetsbaarheid staan alle mensen naast elkaar. Net zoals alle mensen daarin naast elkaar staan, doordat ze beelddrager van God zijn.

Matteüs 25

In Matteüs 25 vertelt de Heer Jezus het verhaal over een heer die zijn bezit in beheer geeft van zijn drie knechten. Geen van de drie krijgt niets. De heer vraagt vervolgens maar één ding: wat hebben ze er mee gedaan? Talenten hebben we allemaal. Het talent om muziek te maken, om de juiste dingen te zeggen, om lief te hebben, het talent om heel veel liefde te kunnen ontvangen. Het talent om te kunnen zorgen en het talent om veel zorg nodig te hebben. Het een is niet beter of waardevoller dan het andere.

1 Korinthe 12

In 1 Korinthe 12 vergelijkt Paulus de gemeente met een lichaam, waarin ieder lid belangrijk is en waar je van geen één lid kunt zeggen: “ik heb jou niet nodig”. Hij zegt zelfs: God heeft ons lichaam zo samengesteld dat de delen die het nodig hebben ook zorgvuldiger behandeld worden”. Mensen in de gemeente van Christus hebben allemaal hun eigen mogelijkheden en beperkingen en hebben elkaar daarom hard nodig. Er is ook veel te leren van mensen met een beperking.

Voorbereiding

Om de boodschap van de preek dichtbij te brengen, is het mooi om voorbeelden te gebruiken van mensen met een beperking uit de eigen gemeente. Denk hierbij aan mensen met een verstandelijke maar ook met een lichamelijke of sociale beperking. Wellicht kun je deze mensen en/of hun ouders benaderen en het volgende met hen bespreken:

Ouders

  • Welke reacties kregen jullie bij de geboorte van jullie kind en hoe hebben jullie dat ervaren?

  • Hoe ervaren jullie het leven met een kind dat een beperking heeft?

  • Wat hebben jullie van de gemeente nodig om jullie gezin en kind een goede plek te geven?

  • Welke talenten heeft jullie kind?

Gemeenteleden met een beperking

  • Hoe ervaar je het leven met een beperking?

  • Hoe ervaar je jouw plek in de gemeente?

  • Wat zijn jouw talenten?

Meer materiaal bij dit thema is te downloaden bij Dit Koningskind.

< Terug