< Terug

Preekschets voor de 2e zondag na Epifanie – 1 Korintiërs 2:4

De boodschap die ik verkondigde overtuigde niet door wijsheid, maar bewees zich door de kracht van de Geest.

1 Korintiërs 2:4

Schriftlezing: 1 Korintiërs 2:1-10

Het eigene van de zondag

Deze zondag behoort in het kerkelijke jaar tot de tijd van Epifanie, een liturgisch hoogfeest. Kerst is weliswaar voorbij, maar de vreugde ervan werkt in het hele jaar door. In deze periode horen we verhalen over de verschijning (epifanie)en van Jezus, de mensgeworden God. Traditioneel gaat het om de aanbidding door de wijzen (6 januari), de doop van Jezus door Johannes de Doper en de bruiloft te Kana, op de zondagen daarna. Met deze verhalen is het levensprogramma van Jezus uiteengezet. Tegelijkertijd zijn deze drie verhalen zó overbekend dat een nieuw licht op wie Jezus is, welkom is. Paulus neemt ons mee in de betekenis van zijn leven en sterven voor gelovigen, zoals hij predikte in de multiculturele wereld van zijn tijd.

Uitleg

De brief is een reactie van Paulus op vragen vanuit de gemeente te Korinte, een multiculturele en –-religieuze havenstad. Paulus heeft deze gemeente gesticht. Hij noemt zichzelf ‘vader van de gelovigen in Korinte’ (1 Korintiërs 4:15). Ook na zijn vertrek is het contact gebleven. In Korinte wordt aan waarden als vrijheid en waarheid veel belang gehecht. De inwoners zijn geïnteresseerd in nieuwe spirituele ervaringen. De christelijke gemeente moet constant hun positie bepalen ten opzichte van deze context: meedoen of afwijzen?

Paulus zegt in dit gedeelte duidelijk dat de gemeente zich, opnieuw, op Christus moet richten. Hij brengt zijn boodschap in vers 1 als ‘geheim van God’ (NBV). In het Grieks staat er musterion (geheimenis) in de versie van Nestlé-Aland (26e druk). Er zijn ook handschriften die marturion (getuigenis) hebben. Het woord ‘geheimenis’ sluit beter aan bij de aangekondigde volledige openbaring van Gods wijsheid aan het einde der tijden.

Paulus maakt gebruik van een tegenstelling: zijn zwakheid tegenover de kracht van de Geest (vers 3 en 4) In vers 5 herhaalt hij dat voor de gemeente in Korinte: menselijke wijsheid is geen basis voor het geloof, de kracht van God wel. Overigens werkt hij dat pas verder uit het 1 Korintiërs 15:3-8.

Volwassen zijn in het geloof (vers 6) heeft niet met het bereiken van een bepaalde leeftijd te maken, maar met rijping en oordelingsvermogen. Is iemand in staat om de (geloofs)zaken op waarde te schatten en te beoordelen? De teleios staat tegenover onmondigen. Vraag is hoe het bestuur van de stad Korinte de leden van de christelijke gemeente beoordeelt: slaven en vrouwen zijn lange tijd beschouwd als onmondig. Uit wat voor leden bestaat de gemeente in Korinte eigenlijk?

Met de machthebbers in vers 6 en verderop in vers 8 doelt Paulus op concrete regeringsleiders, kort samengevat in ‘Rome’. In vers 8 zet hij deze wereldleiders op hun nummer: als zij de échte wijsheid hadden gehad, hadden zij Jezus Christus niet gekruisigd. Met hun daad – het laten kruisigen van Jezus Christus – hebben zij, hoe ironisch, juist meegewerkt aan de geheime wijsheid van God en diens heilsplan.

Het citaat uit vers 9 levert onduidelijkheden op. Lambrecht meent dat Paulus Jesaja 64:3 en Jeremia 3:16 combineert. De auteurs van Studiebijbel verbinden Jesaja 64:4, Jesaja 52:15 en Jesaja 65:16-17. Het meest aannemelijk vind ik de verklaring van Wright: ‘Het citaat komt zelf niet uit het Oude Testament, maar uit een ander oud Joods boek, dat sommigen in de oude kerk kenden, maar dat verloren is gegaan.’ (40-41) Dat klinkt als een goedkope oplossing. Tegelijkertijd doet het ook recht aan het geheimenis van de wijsheid van God, als Wright schrijft: ‘Wijsheid, zo blijkt, is niet slechts verstandelijke informatie, ook niet de elegantie en schoonheid van abstracte theorieën; ze bloeit als een tuin, ze stroomt als een machtige rivier, ze voldoet aan de behoeften van de mens op welk niveau dan ook, op manieren waar we nu zelfs niet naar kunne raden. Dat is het wat God heeft klaarliggen voor de mensen die hem liefhebben.’ (41) God openbaart zich door de Geest aan mensen die hem liefhebben en erkennen. Zo hebben gelovigen deel aan het heilsplan van God.

Aanwijzingen voor de prediking

Waar je hart vol van is, stroomt je mond van over. Paulus’ hart is vol van Christus, zoveel is wel duidelijk. Zijn prediking is dan wel niet volgens de geldende Griekse regels van logica en welsprekendheid, Paulus heeft wel effect en succes gehad. Er is een gemeente in Korinte ontstaan en hun vragen leggen zij aan deze grote apostel voor. Hij zegt over zichzelf dat hij niet welsprekend is. Daarmee verwijst hij naar het enige wat hij wil prediken: Jezus Christus de gekruisigde. Enerzijds is het fraai dat hij verwijst naar de inhoud van zijn boodschap, anderzijds heeft deze actie ook een irritant trekje. Alsof hij zichzelf als trucje neerhaalt om het accent nog meer op zijn boodschap te leggen.

Paulus maakt de net gestichte christelijke gemeenschappen duidelijk dat zij deel uit maken van Gods heilsplan met deze wereld. Gods verleden, heden en toekomst – de joodse drieslag van gedenken – komt, in Paulus’ ogen samen in de openbaring van Jezus Christus.

Opvallend is dat Paulus in dit gedeelte alleen spreekt over Jezus Christus de gekruisigde. Hiervoor is wel een verklaring: in de eerste eeuw van de gebruikelijke jaartelling werden meer mensen gekruisigd, daarin is Jezus niet uniek. De kruisiging als executie werd als zó aanstootgevend gezien dat er niet meer in het openbaar overgesproken werd. Paulus doet dat juist wel. Hij gelooft dat de kruisiging de sleutel is tot het mysterie van het leven. Het nieuwe of hervonden geloof van de christenen in Korinte onderstreept dat.

Ik zou deze, in mijn ogen, wat beperkte benadering van Paulus zeker uitbreiden naar de opstanding. Kruisiging en opstanding kan ik niet los van elkaar zien. Desalniettemin blijft de ambivalentie van het kruis staan: in het lijden is het heil verborgen. Deze boodschap is in Korinte niet eenvoudig, en anno 2021 ook niet. Zoiets zeg je niet plompverloren tegen iemand die in een moeilijke situatie zit. Hopelijk geven Paulus’ woorden in een preek inspiratie tot een open mind van de hoorders voor de werking van de Geest van God. Deze kracht is anders dan een vermeende religieuze ervaring die niets met het leven van doen heeft. Het effect van Gods Geest dringt door in het gehele leven.

Ideeën voor kinderen en tieners

Paulus en zijn ideeënwereld bij kinderen en tieners voor het voetlicht brengen, is niet eenvoudig. Aan kinderen in de basisschoolleeftijd zou deze lezing een aanknopingspunt kunnen zijn om met Paulus kennis te maken. Ook zijn leefwereld, de reizen en de multiculturele plaatsen waar hij komt kunnen dan besproken worden.

Tieners zouden een fictieve Paulus kunnen interviewen en vragen naar zijn levensverhaal, naar het waarom van zijn werk als apostel en de kern van zijn boodschap. Zij weten vast een manier om dit als verhaal op Instagram (of een ander social medium) te plaatsen. Paulus vertelt zijn boodschap kort en krachtig. Een interactieve verwerking zou kunnen zijn dat jongeren bij ouderen (coronaproof) op bezoek gaan om van de oudere generatie te horen hoe zij tegen Paulus aankijken, en dit filmen. Een selectie van deze filmpjes zou opgenomen kunnen worden in de kerkdienst. De oudere generatie is daarmee zichtbaar gemaakt. Deze werkvorm past in zowel een live kerkdienst, als in een livestream.

Liturgische aanwijzingen

Naast de epistellezing 1 Korintiërs 2:1-10 stel ik als evangelielezing Johannes 2:1-11 voor, zoals ook het Oecumenisch Leesrooster en de Gottesdienstordnung – Perikopenordnung, een initiatief van de Verenigde Evangelische Lutherse Kerken in Duitsland. Beide lezingen diepen de visie op en het belang van Jezus Christus verder uit. Wie drie of meer lezingen gewend is, kan eventueel Jesaja 62:1-5 en Psalm 96 nog toevoegen. In de prediking zou je je dan kunnen concentreren op het betekenis van de Gods betrokkenheid in Jezus. Deze is zo groot dat Paulus er niet over kan zwijgen.

Het NLB (2013) heeft een suggestie bij 1 Korintiërs 2:6-16: lied 848. Dichter Henk Jongerius vertolkt de zoektocht van de mens naar waarheid en zin. Nu is alles nog verborgen maar door de Geest van God wordt alles aan ons geopenbaard. Facetten uit de epistellezing komen in dit lied terug, waarbij het geheimenis bewaard blijft. Uit de rubriek Epifaniëntijd in het NLB (514-534) is lied 527 ook passend. Huub Oosterhuis beschrijft in open beelden de komst van Jezus in onze wereld.

Het Liedboek voor de Kerken (1973) geeft bij 1 Korintiërs 2:9 twee mogelijkheden: gezang 262 en gezang 396. Het eerste gezang sluit aan bij het – vermeende – citaat uit Jesaja en bij de voorgestelde lezing uit het Oude Testament. Gezang 396 zal vaker gezongen zijn in een dienst op Oudjaarsavond dan op gewone zondagen. Het lied raakt het mysterie waarover Paulus rept, licht aan.

Geraadpleegd

< Terug