< Terug

Verlangen naar wat ons wordt aangereikt

Een theologie van verlangen, is een theologie van gemis. Verlangen richt zich immers op wat er niet, of nog niet, is. Er kan een nostalgisch aspect aanzitten, wanneer we verlangen naar iets dat verloren is gegaan, maar ook een eschatologisch perspectief, als we verlangen naar iets dat nog komen moet. In feite zijn beide gericht op de toekomst. Ook het nostalgische verlangen kan hooguit gericht zijn op herstel, en dat zal nooit in het terugdraaien van de tijd kunnen liggen. Verlangen kenmerkt zich daarom door een gerichtheid op de toekomst. Een theologie van verlangen richt zich daarbij op de belofte van God. Hoewel het eschatologische perspectief nooit uit het christelijke denken is verdwenen, kreeg het thema, zoals Van den Brink en Van der Kooi het uitdrukken, ‘vaak iets lichtelijk vermoeiends’. Moderne vrijzinnige theologen wezen vanuit hun wetenschappelijke wereldbeeld iedere speculatie over enig Jenseits van de hand, terwijl orthodoxe geloofsgenoten dikwijls tevreden waren met ‘de status- quo gepaard aan een sterkte binnenkerkelijke gerichtheid’. Speculeren over hoe de geschiedenis in het licht van God af zou lopen, werd een verplicht maar ongeïnspireerd nummer. In de twintigste eeuw is het eschatologische denken echter opnieuw in de belangstelling komen te staan. Van den Brink en Van der Kooi beschrijven drie golven van eschatologische bezinning, waarin de toe- komst van God op verschillende manieren ter sprake komt. Zonder op de details van deze voorstellen in te gaan, betekent deze hernieuwde belangstelling voor de eschatologie dat ‘het vanuit de toekomst is dat Gods heerschappij op ons afkomt… Van daaruit trekt Hij heel de geschiedenis als het ware naar zich toe’.

Lees verder

< Terug