< Terug

Wachten

Bij Marcus 13: 24-37 (33-37)

In verband met corona gaan we ervan uit dat er geen of weinig kinderen in de kerk zijn, maar dat zij wel thuis kunnen meekijken.

Wat is wachten moeilijk!

Vandaag was Jonas vroeg uit school. Iets met de verwarming of zo.

Ze mochten veel eerder weg dan anders. Lekker hoor.

Als Jonas thuiskomt, is zijn moeder er niet.

Hij gooit zijn rugzak op de bank en zijn jas gaat over de stoelleuning.

Er ligt geen briefje op tafel. Misschien is ze maar even weg en snel weer thuis.

Jonas schenkt vast een glas limonade in.

Zal hij er een stukje chocola bij nemen? Of zou dat niet mogen?

Een koekje dan. Dat mag vast wel.

Waar blijft zijn moeder toch?

Jonas kijkt door het raam of hij haar auto aan ziet komen.

Misschien moet hij haar anders even bellen.

Zou het nog lang duren nu?

Jonas drinkt zijn glas leeg en eet zijn koekje op.

Als hij naar beneden kijkt, ziet hij dat hij zijn schoenen nog aan heeft.

Die zijn best wel vies. Je ziet precies waar hij gelopen heeft.

Misschien moet hij dat toch maar even schoonmaken.

En dan meteen zijn jas maar aan de kapstok en zijn rugzak er netjes onder.

Anders begint zijn moeder straks meteen te mopperen.

Hij kan meteen zijn huiswerk wel even maken.

Hé, hoort hij daar de deur? Ja hoor, daar is ze eindelijk.

‘Ben je er al?’ zegt ze. ‘Moest je lang op me wachten? Je hebt je tijd in ieder geval wel goed besteed. Wat is het hier netjes en je bent ook al bijna klaar met je huiswerk!’

Om over door te praten

  • Vind jij wachten moeilijk?

  • Hoe kun je ervoor zorgen dat wachten minder lang lijkt?

  • Wat vind je ervan dat Jonas vast zijn huiswerk gaat maken?

< Terug