< Terug

Want een kind is ons geboren…!

In Jezus’ geboorte zien we oude profetieën vervuld. Maar tegelijk, de mensenwereld is nog niet zoveel veranderd. Wat betekent Jezus’ komst dan echt…?
RICHARD VISSINGA
Drs. R.S.E. Vissinga is emeritus-predikant in de Protestantse Kerk in Nederland. Hij is lid van de redactie van Ouderlingenblad.

In een themanummer waarin ‘geboorte’ zo centraal staat mag in de decembermaand een artikel over de geboorte van Jezus niet ontbreken. De kerk gelooft dat in dit kind, geboren in Bethlehem, God mens geworden is.

Een oud en sterk verhaal

Het verhaal van Jezus’ geboorte waarover Lucas vertelt moet wel ijzersterk zijn. Al bijna twintig eeuwen wordt het gelezen, overdacht en verkondigd. Waar andere verhalen tot op de draad versleten zijn, kunnen velen van binnen en buiten de kerk zich geen kerstfeest voorstellen zonder dit verhaal. Wat spreekt mensen van vroeger en nu hier zo in aan?

Het is een verhaal over mensen zoals wij in een wereld zoals wij die kennen tot op vandaag. Een wereld waarin machtigen de dienst uitmaken en machtelozen zich moeten schikken in hun lot. We hoeven alleen wat namen te veranderen voor een eigentijds verhaal. Het zal sommigen onder ons weinig moeite kosten zo maar hun eigen naam in te lezen in dit verhaal. Mensen die op reis zijn gegaan. Niet vrijwillig, maar omdat over hen besloten is.

Het kan gaan om een volkstelling, die een keizer uitschrijft om greep over zijn onderdanen te behouden, het kan ook gaan om een vluchtreis. Vrees voor eigen leven en dat van verwanten drijft vandaag miljoenen mensen op reis, naar verre en vreemde landen. Ze zijn, eenmaal daar aangekomen, lang niet altijd welkom. Vaak ontstaat er een slepende onzekerheid over al dan niet toegelaten worden en een even tergende onzekerheid over wat er daarna zal gebeuren. Er zijn zoveel mensen speelbal van machten die boven hen uitgaan, waaronder zij zich slachtoffer voelen, machten, die maar te bevelen hebben en aan wie zij dienen te gehoorzamen. De kracht van dit oude verhaal is dat zoveel mensen van alle tijden zomaar hun eigen levensverhaal ermee kunnen verbinden.

De kleine en de grote mensengeschiedenis

Een man en zijn hoogzwangere verloofde zijn op weg naar de plaats van zijn voorouders. Hij moet zich daar laten inschrijven omdat de keizer tot een volkstelling heeft besloten. Zij komen in Bethlehem aan, maar zijn daar niet de enigen. Het is er druk en vol. Er is geen plaats meer te vinden. In een schuur vinden ze een onderkomen. En daar bevalt de vrouw van haar eerste kind.

Vrees voor eigen leven en dat van verwanten drijft mensen op reis, naar verre landen…

Het is het oude liedje van de kleine en de grote mensengeschiedenis. De kleine, die van ons eigen leven, van onze nabije verwanten, van al die kleine en grote zorgen om het leven van alledag en van de dag van morgen. Die kleine mensengeschiedenis ligt ingevouwen in die andere, die grote, die door andere, grote, verre en ongrijpbare machten wordt bepaald. Je hebt maar te doen wat je gezegd wordt. Wij weten allemaal dat het altijd zo geweest is en altijd zo zal blijven.

Lucas, de evangelist die dit oude verhaal vertelt, wil zijn hoorders en lezers de ogen en oren openen voor nog een andere geschiedenis dan die kleine van de gewone mensen en die grote van de machthebbers. Hij vraagt aandacht voor de geschiedenis van God. En hij wil nieuwe hoop wekken, dat het écht anders kan worden.

God schrijft Zijn geschiedenis over de mensengeschiedenis – de kleine én de grote – heen

Gods geschiedenis

Het is voor hem heel duidelijk: ze kunnen wel denken dat ze de dienst uitmaken, de keizer daar, de landvoogd en de stadhouder hier, maar er zijn nog heel andere machten en krachten die hun invloed uitoefenen op mensen en de wereld. Voor Lucas was de volkstelling waartoe de keizer in Rome had besloten ongetwijfeld een voorbeeld van de willekeur van de machthebbers met alle grote en kleine ellendes als gevolg. Maar wat voor Lucas vooral telt is dat door deze keizerlijke maatregel een oude profetie bewaarheid wordt: de Messias wordt geboren in Bethlehem, de stad van de herder David. De keizer dacht nog meer greep te krijgen op zijn rijk en onderdanen, maar hij vergist zich: de maatregel dient een heel ander doel, namelijk redding en bevrijding door de komst van Gods Gezalfde.

Een bijzonder kind

Er wordt een kind geboren. Zoals er zoveel kinderen werden geboren en worden geboren tot op vandaag. Sommige in nog veel erbarmelijker omstandigheden dan hier. Maar hoe dan ook, de geboorte van elk kind wekt hoop op, hoop dat het anders, beter zal worden. Een nieuw mensenkind bergt ongekende mogelijkheden in zich, ook om het beter te gaan doen dan zijn ouders. Als het tenminste voldoende kansen krijgt, zoals schoon drinkwater en naar school kunnen gaan. Voor veel kinderen zijn die kansen er niet. Voor hen is er geen toekomst; zij sterven van de honger voordat ze hun mogelijkheden tot ontplooiing hebben kunnen brengen. Veel kinderen die wel opgroeien leiden een zwervend bestaan in de grote steden van de wereld en vervallen noodgedwongen tot misdaad.

God komt op aarde om recht te zetten en recht te doen, om te helen en te vernieuwen

Over de geboorte van het kind in Bethlehem worden grote woorden uitgesproken. Eerst aan het adres van herders, die in de nacht de wacht hielden bij hun kudden op het veld. ‘Vandaag is in de stad van David voor jullie een redder geboren.’ Een Redder, een Bevrijder. Het einde is in zicht, het einde van de onderdrukking en de ellende. Het zijn woorden waarin een oud verlangen tot vervulling komt, de komst van Gods Gezalfde, waarover de profeten gesproken hebben. Dat aan onheil en onrecht, aan geweld, onderdrukking en wanhoop, ja zelfs aan ziekte en dood eenmaal een einde zal komen. Dat God op aarde zal komen om recht te zetten en recht te doen, om te helen en te vernieuwen. Dat de aarde zal worden zoals God haar heeft bedoeld. De woorden bij de geboorte van het kind in Bethlehem roepen dat oude verlangen, dat diep verborgen in de harten van zovele mensen leeft, weer tot leven. De Redder, de Heiland, de Heelmaker van mensen en dingen, hij is niet meer alleen een belofte, maar ons bestaan binnen gekomen. Hier, in dit kind. Geen wonder dat hemelse engelenkoren in een spontane lofzang uitbreken: ‘Eer aan God in de hoogste hemel en vrede op aarde voor alle mensen die hij liefheeft.’

Een oude belofte gaat in vervulling

Eeuwen daarvoor waren ook al van die grote en hoopvolle woorden uitgesproken over de geboorte van een kind. Het waren de donkere dagen waarin de profeet Jesaja leefde, lang voordat Jezus werd geboren. Het kleine rijk van Juda is door de grote wereldmacht Babel onder de voet gelopen, vele inwoners van dorpen en steden zijn gedeporteerd.

Jezus is het licht in het duister, hoop voor alle mensen…

Wie zijn achtergebleven, wonen in een land van diepe duisternis. Maar Jesaja ziet dat over hen de heerlijkheid van de Heer als een licht zal opgaan! De Assyriërs zullen het land verlaten, hun laarzen en uniformen zullen in het vuur gesmeten worden. Het zal zijn als in die nacht heel lang geleden, toen Gideon en zijn honderd mannen de Midianieten uit het land joegen en Galilea bevrijdden van de onderdrukkers. Er breekt een nieuwe tijd aan. Het teken daarvan is de geboorte van een Kind, aan wie zulke grote namen gegeven worden: Wonderbare Raadsman, Goddelijke held, Eeuwige vader, Vredevorst (Jesaja 9, 1-6).

Eeuwen later gaat Jezus wonen in Kafarnaüm, in het gebied van Zebulon en Naftali, Galilea van de heidenen. De evangelist Matteüs ziet daarin die oude profetie van Jesaja tot leven komen en in vervulling gaan. Jezus is het licht. Zij die wonen in de schaduw van de dood worden door zijn licht beschenen.

Jezus: redding uit nood, schuld en dood

Jezus: licht in het duister, hoop voor alle mensen, onuitwisbaar teken van Gods nabijheid en zorg. Het is om hem, om zijn geboorte, die wij het kerstfeest vieren, dat het oude verhaal van Lucas 2, nog steeds en steeds weer in staat is mensen van alle tijden te raken en aan te spreken.

Omdat het oude verlangen wordt gewekt en de hoop nieuw leven wordt ingeblazen, dat al die dingen waar mensen onder gebukt gaan en zuchten, van gisteren en vandaag, van elders een veilig heenkomen moeten zoeken, van ziek worden en moeten sterven, van schuldig worden aan elkaar en aan het leven, van elkaar tekort doen en tekort gedaan worden, dat al die dingen niet eindeloos zullen doorgaan; al die dingen waar je zo machteloos tegenover staat en die je ook zo moedeloos maken. Dat allemaal heeft niet het laatste woord en trekt niet aan het langste eind. Zoals God eenmaal een woord sprak: licht, en het werd licht, zo spreekt Hij opnieuw, nu in de geboorte van dit kind, en zegt daarmee tot alle mensen: deze wereld van macht, onrecht en geweld zal het niet redden; Ik kom om te redden uit nood en schuld en dood.

Want een Kind is ons geboren!

De geboorte van een kind, het optreden van een mens, woorden over een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, over vrede en gerechtigheid – zijn ze sterk genoeg om ons vandaag te inspireren en moed en kracht te geven om het vol te houden? Kunnen we ons geloof erop bouwen? De kerk leeft niet alleen van het kerstfeest, maar viert straks ook Pasen en Pinksteren. De Redder van de wereld overwint de dood en staat op als een belofte voor allen die in Hem geloven. En zijn Geest zal mensen inspireren om achter Hem aan te gaan, zijn woorden na te zeggen en na te leven. En met vallen en opstaan, soms met volle overtuiging, dan weer zoekend en aarzelend doen zij de ervaring op: in dit kind is God zelf ons bestaan binnengekomen; wij zijn niet alleen, wij gaan niet alleen; Hij gaat met ons mee, in en door alle dingen – God, wiens Naam is Immanuel, God met ons. Want een Kind is ons geboren!

< Terug