< Terug

Charles Finney en de regen

Drieluik: christelijke wonderverhalen (deel 2)

Het was droog rond het dorp aan het meer. De landerijen waren geel gekleurd. De weilanden zouden in dit seizoen groen van het gras moeten zijn, maar het gras was nu droog en dor. Soms verschenen er donkere, veelbelovende wolken aan de horizon. Zwaar en laaghangend kwamen ze aandrijven over het meer. Maar door een of andere oorzaak regenden de wolken zich daar al leeg en niet boven het land. Het was alsof ze door een onzichtbare hand ervan werden weerhouden het land te bereiken.

In het dorp woonde de zeer gelovige dominee Charles Finney. Tijdens een wandeling raakte hij in gesprek met een mededorpeling, Ralph, die niet echt bekend stond om zijn geloof. Het gesprek kwam, zoals vaak in die dagen, op de uitblijvende regen. Ralph zei scherp: ‘U preekt altijd over de wijsheid van de goede God. Maar wat is er wijs en goed aan dat Hij de wolken hun regenwater laat verspillen boven het meer, terwijl wij het zo nodig hebben op ons land?’ De woorden sneden door het hart van Charles Finney.

Hij ging terug naar huis. Daar knielde hij en bad tot God: ‘Heer, begrijpt U niet dat U het er zelf naar maakt dat mensen als Ralph kritiek hebben op U? U kon het zelf horen. Heeft hij soms geen gelijk? U mag dan wijzer zijn dan alles en iedereen op aarde, maar kan die wijsheid dan voor de wolken niet een beter spoor uitstippelen? U moedigt ons aan om te bidden. Nou, we hebben al heel wat gebeden om regen. Wij hebben ons werk gedaan. Wordt het geen tijd dat U eens aan het werk gaat?’ Dominee Finney stond op. Was hij in zijn gebed niet te oneerbiedig geweest? Hij twijfelde of hij de goede woorden had gebruikt en de goede toon had aangeslagen ten aanhoren van de Almachtige.

Plotseling flitste er licht. Daarop volgde een krakende donderslag. De toorn van God? Was dat zijn woedende antwoord op Finney’s brutale gebed? De dominee keek naar buiten en zag de donkere wolken naderbij komen. Het begon te regenen. Niet zo’n beetje ook. Twee uren lang donderde, bliksemde en regende het. Zo keerde zijn gebed terug in een geweldige, verfrissende regen.

Stephan de Jong is predikant van de Protestantse Gemeente Oudemirdum-Nijemirdum-Sondel, en verhalenverteller en beeldend kunstenaar. Dit wonderverhaal verscheen in zijn boek De lezende analfabeet.


< Terug