< Terug

De gekruisigde regeert

Maandag is de dag van de Theologenblog; een actuele blog uit de pen van een richtinggevend theoloog. Deze week is dat Bram van de Beek, die schrijft over Jezus' koningschap.

Bram van de Beek

Hemelvaart daagt uit tot de volharding der heiligen.”

Als laatste van de christelijke feestdagen die direct betrekking hebben op Jezus’ komst op aarde, vieren we Hemelvaart. Het is de dag van zijn intronisatie: het is de bevestiging van zijn koningschap. Al te makkelijk vergeten we daarbij dat Hij is weggegaan naar de hemel en dat de gestalte van zijn koningschap op aarde die van de aan het kruis doodgemartelde man is.

Hij is koning

Meer dan in eerdere generaties van christenen wordt de hemelvaart van Jezus nu verbonden met zijn koningschap. Niet zijn weggaan, maar zijn heerschappij staat centraal. Dat past bij ontwikkelingen in de theologie waarin het koninkrijk van God op de voorgrond is komen te staan. Er is genoeg bijbelse grond om aan het koningschap van Christus alle aandacht te geven. Niet voor niets is Psalm 110 de meest geciteerde psalm in het Nieuwe Testament. “Zit op de troon aan mijn rechterhand.”

Christus mag dan koning zijn, maar Hij heerst wel uit de onzichtbaarheid en de afwezigheid.

Maranatha

Toch kan daarbij niet over het hoofd worden gezien dat Hij naar de hemel is gegaan. Hij is niet meer onder ons. Hij mag dan op de troon zitten, maar die troon staat wel in de hemel. Daar stond de troon van God altijd al en het was alleen aan een paar visionaire profeten zoals Jesaja en Ezechiël er even een glimp van op te vangen. De HEER was altijd al koning, maar op aarde schitterde Hij door afwezigheid. Zelfs de tempel waar Hij woonde, is verwoest.

Christus mag dan koning zijn, maar Hij heerst wel uit de onzichtbaarheid en de afwezigheid. Daarom zegt de kerk ‘maranatha’, ‘kom HEER’, en ze voegt eraan toe; ‘Kom snel!’ Want het is haast niet meer uit te houden, nu het onrecht heerst op aarde en de wereld slechts strijd wil.

Hemelgeloof

De meeste mensen, ook de meeste christenen, zijn gericht op de toekomst van de aarde. Ze hebben niet zoveel meer met het hemelgeloof van vroegere generaties. Het koninkrijk van God wordt voorgesteld als een utopie van een rechtvaardige wereldsamenleving. Of ze zelf geloven dat die er ooit zal komen, is de vraag. Maar het geloof daaraan helpt in elk geval je daarvoor in te zetten en zo oriëntatie aan je leven te geven. Zo kan het koninkrijk van God worden bijgezet in het kabinet van zingevingscategorieën.

In de hemel

Het is niet voor niets dat Jezus is opgevaren naar de hemel. Zijn koninkrijk is niet van deze wereld – dat heeft Hij zelf gezegd. Hij is na de opstanding ook niet gewoon teruggekomen om zijn missie voort te zetten. Hij is naar een andere werkelijkheid gegaan, naar de werkelijkheid van God. Hij heeft beloofd dat Hij zal terugkomen. Maar dat is ook al niet om hier een blijvend koninkrijk te vestigen. Ook het burgerschap van zijn navolgers is in de hemel. Na de dood ga je naar Hem toe, schrijft Paulus.

Zo hebben mensen in de kerk altijd geloofd. Alleen hebben we daar tegenwoordig moeite mee. We kunnen ons bij de hemel weinig meer voorstellen. De aarde vraagt al voorstellingsvermogen genoeg. Daarom is Hemelvaart ook geen grote feestdag. We weten er eigenlijk niet goed raad mee. Dat is trouwens niet helemaal nieuw. Hemelvaart is nooit een officiële feestdag geweest zoals eerste Kerstdag. Hoe streng mijn vader ook was op de zondagsviering, op Hemelvaartsdag werkte hij ’s  middags weliswaar niet op het land, maar toch in de moestuin. Mensen beleven de hemelvaart toch met een gevoel van gemis. Het zit niet lekker met die dag.

Zijn leerlingen waren geen stoere volhouders tot het bittere einde. Als dat al zo was toen Jezus bij hen was, hoeven we ons geen illusies te maken over zijn personeel nu Hij op afstand regeert.

Aards koningschap

Toch is Christus koning. Hij regeert de hele wereld. Alleen heeft dat koningschap vandaag dezelfde trekken als zijn aanwezigheid op aarde had: dat van de gekruisigde. Waar mensen Hem als Heer belijden en zijn koningschap erkennen, worden ze geconfronteerd met andere claims. Er zijn andere machten die de heerschappij op aarde claimen, soms bruut, soms via geniepige intriges. En hoe meer christenen geraakt zijn door Christus des te meer last ze daarvan hebben.

Je ziet het koningschap van God op aarde, alleen moet je dan wel goed kijken. Het draagt de trekken van lijden. Je treft het aan bij mensen die weigeren te buigen voor de overheersende machten. Ze zijn wereldvreemd en worden zo behandeld.

Zijn grondpersoneel

In de hemel heeft Christus de nodige engelen ter beschikking. Die heeft Hij niet willen inzetten om zijn koninkrijk op aarde te vestigen. Op aarde moet Hij het doen met grondpersoneel. Zij leven laag bij de grond, heel aards. Dat was al zo toen Hij zelf nog op aarde was. Zijn leerlingen waren geen stoere volhouders tot het bittere einde. Ze maakten zich eerder druk om het sociogram van hun eigen groep en hun plaats daarin. Als dat al zo was toen Jezus bij hen was, hoeven we ons geen illusies te maken over zijn personeel nu Hij op afstand regeert. Daarom is het extra lastig dat Hij naar de hemel is gegaan.

De Geest is de Parakleet, niet alleen de Trooster, maar vooral de advocaat die ons bijstaat. En die zal pas succes hebben bij het hoogste beroep. Het laatste oordeel heet dat.

Zijn Geest

Toen Jezus was weggegaan heeft Hij zijn Geest gegeven. Die blijft altijd bij ons, als onze Trooster. Maar ook dan moeten we bedenken dat het de Geest is van Hem die in de wereld de Gekruisigde is. Christus blijft in doodsnood tot het einde van de wereld. De Geest is daarom de Parakleet, niet alleen de Trooster, maar vooral de advocaat die ons bijstaat. En die zal pas succes hebben bij het hoogste beroep. Het laatste oordeel heet dat.

Hemelvaart daagt uit tot de volharding der heiligen.

Hij wordt de ‘doctor seraphicus’ genoemd, Bonaventura (1221-1274). Is het omdat hij in zijn contemplatieve oeuvre zo vaak zinspeelt op de serafijnen? In zijn boek ‘deDe reis van de ziel tot in God’ is de seraf met zijn drie keer twee vleugels het compositie-motief voor het hele werk, zowel naar vorm als naar inhoud. Ik word steeds weer tot dit ‘stille tijd ’ boekje’ getrokken en hoop dat ik in deze blog iets van vonken kan laten overspringen: – seraf komt tenslotte van saraf, vuur.

Altijd dat kruis van dr. A. van de Beek is een verantwoording van zijn stellingname dat de christelijke theologie draait om Christus en dat Hij is in deze wereld het meest zichtbaar aan het kruis. Daar, aan het kruis, leren wij God kennen. Van de Beek wordt niet moe om dit steeds weer aan de orde te stellen. Zijn lezers worden er soms wel moe van: altijd maar weer dat kruis. In dit boek legt Van de Beek uit dat zijn benadering juist pastoraal en missionair essentieel is.

altijd dat kruis

< Terug