< Terug

De ‘Sjechinah’ is onder ons!

Maandag, Theologenblog-dag. Deze week opent Willem Ouweneel de week door stil te staan bij 'heerlijkheid', 'wonen' en Sjechinah. We staan geregeld stil bij een toekomst waarin mensen bij God wonen, maar God wil ook temidden van mensen wonen.

Willem Ouweneel

“Een Kerk die niet samenkomt, heeft geen kracht.”

Het woord Sjechinah komt niet in de Bijbel voor, maar de zaak des te meer. Het is een rabbijnse term, die ook in de christelijke theologie is doorgedrongen. Het woord betekent letterlijk ‘wonen’ en doelt op de heerlijkheid van God die te midden van zijn volk ‘woont’, vanaf de berg Sinaï tot de nieuwe hemel en aarde.

Het eerste wat God van zijn volk vraagt als Mozes tot Hem opgeklommen is op de berg Sinaï, is dat Israël een ‘tent’ (misjkan, ‘woning’, van dezelfde stam als sjechinah) bouwt waar Hij te midden van zijn volk zal komen wonen. (Exodus 25:1-9) Dat noemen we de tabernakel. Een voorproefje daarvan was Gods ‘wonen’ (Deuteronomium 33:16) in de brandende doornstruik, (Exodus 3:1-6) waar Mozes de opdracht krijgt het volk Israël uit te leiden uit de slavernij van Egypte en ze naar de berg Horeb/Sinaï te leiden. Het ‘wonen’ van God in de tabernakel werd werkelijkheid in Exodus 40:34-38, met zulke trefwoorden als ‘wolk’ en ‘heerlijkheid’.

Mensen wonen bij God, dat is mooi – God woont bij mensen, dat is minstens zo mooi

Het theologisch belang ervan heeft alles te maken met ‘Allerheiligen’, dat miljoenen christenen zes dagen geleden gevierd hebben. Ik bedoel: christenen zijn mijns inziens vaak te veel gericht op het feit dat de gestorvenen ‘bij God wonen,’ terwijl in de Bijbel de nadruk misschien nog wel meer ligt op het feit dat God bij mensen wil wonen: in de nieuwe schepping zal de ‘tent’/’tabernakel’ van God ‘bij de mensen’ zijn en Hij zal ‘bij hen’ wonen – niet zozeer (of niet alleen maar) ‘zij bij Hem’. (Openbaring 21:3) Mensen wonen bij God, dat is mooi – en daar mag je wat mij betreft met Allerheiligen best aan denken – God woont bij mensen, dat is minstens zo mooi.

De Sjechinah rustte op Jezus

De ‘woonplaats’ van de Sjechinah op aarde was allereerst de tabernakel – concreet: Gods heerlijkheid troonde op de ark van het verbond – en in het verlengde daarvan de ‘eerste tempel’, die van Salomo. (1 Koningen 8:10v.; 2 Kronieken 5:13v.; let weer op de sleutelwoorden ‘wolk’ en ‘heerlijkheid’) Na de Babylonische ballingschap werd de ‘tweede tempel’ gebouwd, maar opvallenderwijs daalde de Sjechinah daarop niet neer – onder andere omdat de ark er niet meer was. (Jeremia 3:16)

Toen Jezus bij deze ‘tweede tempel’ stond, zei Hij: “Breek deze tempel af, en Ik zal die in drie dagen weer opbouwen.” (Johannes 2:19-21) Daarmee doelt Hij op zijn eigen lichaam. De reden: in de ‘tweede tempel’, waar Hij bij stond, woonde de Sjechinah niet, en in Hem wel! Zijn Goddelijke natuur – vanaf zijn verwekking – is iets anders dan dit ‘wonen’ van de Sjechinah op Hem: dat was het geval sinds de Heilige Geest op Hem was neergedaald. (Lucas 3:22) We zien dat het mooist op de berg der verheerlijking, waar naast ‘heerlijkheid’ ook het sleutelwoord ‘wolk’ terugkeert: “Er kwam een wolk en overschaduwde hen [= Jezus, Mozes en Elia], en zij [= de drie discipelen] werden bang toen zij [= de eerstgenoemden] de wolk ingingen.” (Lucas 9:34) ‘Overschaduwen’ – dat is hetzelfde woord dat de Septuaginta ook gebruikte in Exodus 40:34!

Het rusten van de Sjechinah op de Kerk wordt alleen daar praktisch zichtbaar waar de Kerk ook ‘samenkomt’ tot lofprijzing, gebed en verkondiging

De Sjechinah rust op de Kerk

Met ‘Kerk’ bedoel ik natuurlijk niet een denominatie, maar de ‘heilige vergadering der ware christgelovigen,’ die in deze strikte zin ontstond op de Pinksterdag, (Handelingen 2) toen de Heilige Geest, na de hemelvaart van Jezus, ook op haar neerdaalde. Sindsdien is de Kerk als een ‘derde tempel’: de tempel van de Heilige Geest, (1 Korintiërs 3:16; vergelijk Efeziërs 2:21v.) de tempel waarin Christus Zelf woont. Zoals de rabbi’s zeiden: “Waar twee of drie samenzijn, bijvoorbeeld om de Torah te bestuderen, daar is de Sjechinah in het midden.” – zo zei Jezus: “Waar twee of drie vergaderd zijn in mijn naam, daar ben Ik in hun midden.” (Matteüs 18:20)

Dit betekent trouwens ook dat het rusten van de Sjechinah op de Kerk alleen daar praktisch zichtbaar wordt waar de Kerk ook ‘samenkomt’ tot lofprijzing, gebed en verkondiging. In de begintijd werd dat soms wel heel drastisch zichtbaar: “Terwijl zij baden, werd de plaats waar zij waren vergaderd, bewogen; en zij werden allen vervuld met de Heilige Geest en spraken het woord van God met vrijmoedigheid.” (Handelingen 4:31) Een Kerk die niet samenkomt, heeft geen kracht.

De Sjechinah zal rusten op de nieuwe aarde

In deze tweede column van me zal ik maar niet de twistappel opgooien of er ook een Messiaans rijk komt, dat bij de wederkomst van Christus begint en waarin opnieuw een letterlijke tempel in Jeruzalem gebouwd zal worden, waarop wederom de Sjechinah zal neerdalen – zie trouwens Ezechiël 43:1-5. We springen nu maar over naar de nieuwe aarde, die ik al even noemde.

Niet alleen katholieken (vooral met Allerheiligen), maar ook veel protestanten zien als hoofddoel van het geloof dat zij straks bij God in de hemel mogen wonen. Dat is natuurlijk ook mooi. Maar de andere kant is, herhaal ik, minstens zo belangrijk: “Zie, de tabernakel van God is bij de mensen en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen zijn volk zijn, en God Zelf zal bij hen zijn, hun God. En Hij zal elke traan van hun ogen afwissen, en de dood zal niet meer zijn, noch rouw, noch geschrei, noch pijn zal er meer zijn.” (Openbaring 21:3v.)

Willem Ouweneel is emeritus hoogleraar systematische theologie, productief auteur en spreker.

Sinterklaas is zo populair omdat hij in zijn tijd als kerkleider zoveel zegen verspreidde dat we daarvan vandaag nog steeds kunnen genieten. Hij had de glans van een oudtestamentische profeet, als bijvoorbeeld Elisa.

In zijn nieuwe boek met Bijbelstudies ‘Op weg naar de hemel’ wijst Henk Binnendijk de weg naar de hemel aan de hand van een bijzonder beeld uit het Oude Testament: de tabernakel. De tabernakel toont ons wie God is en hoe groot Gods plan met een mensenleven is. Aan de hand van de tabernakel laat Henk Binnendijk zien wat het offer van Jezus betekent. En dat God garant wil staan, dat Hij zijn doel met de mens bereikt. De tabernakel is het mooiste beeldmateriaal dat God ons heeft gegeven. Tot in de kleinste details heeft Hij dit concept persoonlijk aan Mozes gedicteerd. Henk Binnendijk laat zien hoe de tabernakel ook in deze tijd van grote waarde is.

op weg naar de hemel

< Terug