Menu

Basis

Het goede nieuws voor nog zovelen

Wat drijft de zendingsorganisaties, aangesloten bij de werkgroep ‘De minst-bereikten’ van NZR en MissieNederland, die zich richten op wereldregio’s waar veel mensen wonen en werken die nog nauwelijks van God en het Goede Nieuws van Jezus Christus gehoord hebben? Een portret in viervoud van de contouren van het werk van OMF Nederland, CAMA Zending, Frontiers en People International.

‘Samen optrekken in Oost-Azië’

Hoeveel bevolkingsgroepen, met hun eigen taal en cultuur, hebben geen eigen kerk die het evangelie deelt met de eigen bevolking? Dit is zomaar een vraag die voorbijkomt in de workshop ‘The Task Unfinished’ die door OMF Nederland is ontwikkeld. Inmiddels hebben vele kringen en gemeenten een inkijkje gekregen in de onvoltooide zendingstaak. Alleen al in Oost-Azië, het werkgebied van OMF (Overseas Mission Fellowship), zijn er zeshonderdvijftig miljoen mensen die de Naam van Christus niet gehoord hebben.

Het is Gods verlangen dat iedereen behouden zal worden en Hem zal kennen en aanbidden. En zijn belofte is dat dit ook gebeurt als iemand zijn Naam aanroept (Romeinen 10:13). Elke vrouw, man en kind is kostbaar in zijn ogen en zijn grote reddingswerk in deze wereld is erop gericht om verzoening en herstel te brengen voor eenieder van hen. Daarbij heeft Hij iedere natie, stam, volk en taal op het oog (Openbaring 7:9).

Miljoenensteden

In díe missie van God staat OMF en om die reden richten wij ons nog steeds op de ‘onbereikten’. Daarbij gaat het lang niet alleen meer om de taal-en cultuurgroepen in afgelegen gebieden. In toenemende mate richt OMF zich op grote ‘onbereikte’ sociaal-maatschappelijke groepen in de miljoenensteden van Oost-Azië.

Urgentie en ontspanning

In de tweede helft van de negentiende eeuw ervoer Hudson Taylor een enorme last voor de vierhonderd miljoen Chinezen die God niet kenden: ‘A million a month, dying without God.’

Hoewel zich bewust van deze enorme urgentie, leerde hij in de jaren dat hij in China werkte ook om deze grote taak in ontspanning te benaderen. In die combinatie van urgentie en ontspanning mag OMF ook in de eenentwintigste eeuw de volken van Oost-Azië dienen.

Gelukkig hoeven zendingsorganisaties deze kar niet zelf te trekken. Het is Gods werk, en het is God die ervoor kiest om nog steeds mannen en vrouwen te roepen en bereid te maken het evangelie te brengen waar het nog niet bekend is. Ook in deze tijd, waarin Oost-Azië er radicaal anders uit ziet dan honderdvijftig jaar geleden.

Cruciale rol

Er zijn op veel plekken in Oost-Azië bloeiende kerken. Duizenden Oost-Aziatische zendelingen voegen zich bij zendelingen die voorheen voornamelijk uit het Westen kwamen. Inmiddels vormen zij een meerderheid in veel teams van OMF in Oost-Azië.

We geloven dat onze Oost-Aziatische broeders en zusters een cruciale rol zullen spelen in het brengen van het evangelie naar de ‘onbereikte’ plaatsen en bevolkingsgroepen van Oost-Azië. We zijn dankbaar dat we daarin samen mogen optrekken en hen in deze roeping dienen.

— Maarten Kommers is directeur van OMF Nederland.

‘Waar Christus niet genoemd wordt’

De kerk heeft veel te doen in deze gebroken wereld: liefhebben, recht en gerechtigheid doen, omzien naar armen en eenzamen, genezen, vrijlaten … maar zij heeft één alomvattende, alles overstijgende opdracht: discipelen maken onder álle volken (Matteüs 28). Dit is de opdracht die Christus ons heeft toevertrouwd. Dit is waar de evangeliën over gaan, waar de apostelen mee bezig waren en waar Paulus naar de gemeenten over schreef.

Toen

In een document uit 1905, genaamd Our Trust, van CAMA-stichter A.B. Simpson, staat over de CAMA:

‘Deze beweging staat voor een toewijding tot het bereiken van de meest verwaarloosde velden, de betreden paden van andere werkers te vermijden, te streven naar de verder gelegen regio’s in plaats van te bouwen op andermans fundament, om het Evangelie te verkondigen waar Christus niet genoemd wordt.’

Vandaag

De laatste decennia wordt er veel toegeschreven aan de missie van de kerk. Zij moet het konink rijk bouwen, gerechtigheid bewerken, shalom en de hemel op aarde brengen, het cultuurmandaat afmaken en aansluiten bij missio Dei. Maar de kerk kan dat alleen in Christus doen. Zonder de Koning, geen koninkrijk; zonder de Vredevorst, geen shalom; zonder Christus, geen gerechtigheid.

Het is heel eenvoudig. Wil de kerk de gebroken wereld dienen, dan begint dat door de wereld bekend te maken met Christus. Als er niemand is die Hem bekendmaakt, dan moeten we mensen daarheen zenden om dat te doen. Iedereen moet over Christus kunnen horen. CAMA Zending gelooft dat iedere persoon de kans moet hebben om Jezus te leren kennen. Het is in Jezus dat mensen een nieuw en eeuwig leven hebben. De grootste nood, armoede, onrecht en vervolging is dat niet iedereen deze kans krijgt.

CAMA Zending helpt mensen uit die nood door onder elk volk lokale gemeenten te stichten. Deze gemeenten maken Christus bekend aan hun volksgenoten.

Hoe?

In 1897, tien jaar na de eerste uitzending en midden in de koloniale tijd, ontdekten CAMAzendelingen de kracht van de lokale gemeente:

‘Wij geloven dat Afrika door zijn eigen mensen geëvangeliseerd moet worden; want zij, natuurlijk, begrijpen hun eigen mensen het beste.’

Vandaag is het niet anders. CAMA Zending helpt mensen uit hun grootste nood door onder elk volk lokale gemeenten te stichten. Deze gemeenten maken Christus bekend aan hun volksgenoten. Zij brengen vergeving, verzoening en vergeving in Christus. De lokale gemeenten zenden zelf weer eigen mensen uit naar gebieden waar Christus niet genoemd wordt. Totdat iedereen het hoort.

— Boudewijn van Schoonhoven is directeur van CAMA Zending.

‘Overal in de moslimwereld’

Het feit dat Gods voetafdrukken op aarde te vinden zijn, omdat het evenbeeld van zijn Wezen en de schittering van zijn Heerlijkheid hier rondgelopen heeft, is voor vele volken onbekend gebleven. Zij hebben er nog ‘nooit van gehoord’.

De kreet ‘Nooit van gehoord’ hoorden we ook nogal eens als we iets vertelden over Frontiers en het werk dat we doen. De Nederlandse tak van Frontiers was lang vrij onbekend, maar daar is duidelijk verandering in gekomen in de loop der jaren. Toen Frontiers werd opgericht in 1982, werd onze oprichter, dr. Greg Livingstone, letterlijk voor gek verklaard omdat hij nota bene sprak van het stichten van ‘Jezus volgende-gemeenschappen’. Het idee van het zien ontstaan van groepjes volgelingen in de moslimwereld werd naar het rijk der fabelen verwezen, want ‘je mocht al blij zijn als je ergens je hele leven werkte om twee tot drie moslims tot geloof te zien komen’.

‘Resistance’?

De redenen van deze negatieve houding beschrijft Livingstone in zijn boek Planting Churches in Muslim Cities. De hoofdoorzaken waren onder andere:

-het minieme aantal werkers dat uitgezonden werd naar moslimlanden;

-weinig resultaat en regelmatige vervolging van deze sporadische werkers;

-bepaalde missionaire theologische benaderingen die vonden dat je alleen daar moest gaan waar God aan het werk was, dus dat je plaatsen en volken moest vermijden waar dat niet evident was;

-het was de eigen fout van moslims, want zij weerstaan iedere uiting van christendom en tezamen vormen zij de zogenaamde ‘resistance belt’.

Dat laatste is wel heel speciaal, omdat de meeste volken en mensen in het ‘10/40-window’-gebied plus Indonesië, nooit van Hem gehoord hadden en dus moeilijk ‘resistance’ konden plegen.

Gemotiveerd

Deze redenen, plus nog een groot aantal andere, motiveerden dr. Greg om Frontiers op te richten. Waar hij eerst werkzaam was bij de Arabische Wereld Zending (gericht op het Arabische deel van de wereld), ontdekte Greg dat er buiten die wereld nog zovele andere moslims waren die het Goede Nieuws nooit gehoord hadden en alleen de namen van Jezus en Maria kenden vanuit de Koran.

Werken in teams

Frontiers’ benadering van het werken in teams en het semi-onafhankelijke karakter van die teams, sloeg enorm aan. Tel daarbij op dat Frontiers ook open stond (en nog!) voor het pionieren op het vlak van contextualisatie en het uitvinden van nieuwe missionaire modellen in de moslimwereld.

Dankzij de visie van deze gepassioneerde, niet te stuiten presbyteriaanse predikant, is er nu sprake van ruim tweehonderdvijftig uitgezonden teams die overal in de moslimwereld – vaak samen met anderen – honderden kleinere en grotere gemeenschappen van Jezus-belijdende ex-moslims geplant hebben.

Het gebied waar sprake was van ‘nooit van gehoord’ is een stuk kleiner geworden! Frontiers nodigt je uit om samen na te denken over wat er nog moet gebeuren en wat onze rol daarin zou kunnen zijn, zodat niemand ooit meer kan zeggen: ‘Nooit van gehoord’!

— Jan Zwart is Frontiers-teamleider trainingen in Utrecht.

‘Gods heerlijkheid bekendmaken aan Centraal-Aziaten’

People International is een internationale, interkerkelijke zendingsorganisatie die zich heeft gespecialiseerd in het bereiken van nog (grotendeels) ‘onbereikte’ bevolkingsgroepen van Centraal-Azië door tussen hen in te leven.

We streven ernaar dat door ons getuigenis groepen gelovigen ontstaan die een gemeente van Christus kunnen vormen en ondersteunen hen in hun geestelijke groei.

Diep geraakt

Het verhaal van People International begon toen een kortetermijn zendingswerker eind vorige eeuw een Oezbeekse christen ontmoette die wanhopig verlangde naar de Bijbel in zijn eigen taal. Een jaar later kwam deze werker terug met de Bijbel en kreeg te horen wat de christen was overkomen: hij was gearresteerd en in een psychiatrisch ziekenhuis geplaatst waar hij stierf doordat hij een overdosis drugs toegediend kreeg. De gebeurtenis raakte deze zendeling zo diep, dat hij zich ging inzetten voor langetermijnzending in dit gebied. Hieruit is Gairdner Trust Ministries geboren.

Het werk begon met het sturen van onderzoekers naar de toen weinig bekende streken van Oezbekistan, Tadzjikistan en Xinjiang en het verspreiden van informatie binnen de westerse kerk over de noden van de Centraal-Aziaten. Er kwam steeds meer bekendheid en dus kwam er ook meer werk. Al snel wilden anderen weten hoe ze ingeschakeld konden worden.

People International werd zo de eerste zendingsorganisatie die zich specifiek ging richten op de voornamelijk onbereikte islamitische volken van Centraal-Azië. Gebedsgroepen startten en mensen kwamen werken op het zendingskantoor. In 1987 kreeg de organisatie een nieuwe naam: People International. Met de naamswijziging werd besloten eveneens de doelstelling van de organisatie uit te breiden met evangelisatie en gemeentestichting in Centraal-Azië. Tegenwoordig is het voornaamste doel ervoor te zorgen dat meer langetermijnwerkers in teams de visie van People International verwezenlijken.

Hart voor hen

Met minder dan 0,2 procent christenen onder een bevolking van bijna een half miljard inwoners is Centraal-Azië het meest ‘onbereikte’ gebied ter wereld. Voor veel volken in deze regio geldt dat er geen Bijbel is in hun eigen taal, geen Jezus-film, geen bestaande, levensvatbare kerk en in veel gevallen niet één zendeling of christen. Omdat wij geloven dat God houdt van mensen uit álle volken, geloven wij dat het belangrijk is om ons juist op deze volken te richten, volken die de minste kans hebben om het evangelie van Jezus Christus te horen. Wij hebben hart voor de mensen van Centraal-Azië omdat God hart heeft voor hen.

— Nienke is communicatiemedewerker bij People International.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken