Wright – God en de pandemie
Karel Blei
Wright, Anglicaan, bekend populariserend nieuwtestamenticus, zoekt, midden in de coronacrisis, naar wat er n.a.v. deze pandemie bijbels kan worden gezegd. Om duiding (straf voor de zonde? oproep tot bekering?) kan het niet gaan. In het OT (Job!) klinkt vooral de klacht. En er is het verhaal van het kwaad, als duistere macht. Maar Jezus, geconfronteerd met menselijke ellende, zoekt niet een (hypothetische) oorzaak. Hij kijkt vooruit, om te zien wat God eraan gaat doen (Johannes 9).

Hij is zelf het ultieme ‘teken’ van Gods heerschappij, die komt en nu al, met hem, aanbreekt. Hier komt Wright op het thema waarover hij vaker schreef: de westerse traditie heeft Jezus’ kruisdood centraal gesteld, Jezus zou vooral verzoener zijn en menselijke zielen redden, maar zo is miskend dat het in heel Jezus’ optreden gaat om het komend (en al aangebroken) koninkrijk van God. Ja, ook om verzoening en redding, maar in dat kader (42). In Jezus, in zijn dood en opstanding, wordt Gods soevereiniteit, Gods macht openbaar. In het licht daarvan mogen wij het wereldgebeuren ‘lezen’. Zie maar de eerste christenen in Antiochië: bij dreigende hongersnood denken zij niet ‘waarom?’, maar reageren zij praktisch: met hulp aan bedreigde geloofsgenoten in Jeruzalem (Handelingen 11:27-30).
Dat brengt Wright op zijn tweede hoofdgedachte: God, die zijn koningschap vestigt, handelt via mensen (52). Opvallend is zijn uitleg van Romeinen 8:22-28, over het ‘zuchten’ van de schepping, waarin ook ‘wij’, christenen, door de Geest, biddend delen. Dat daarbij sprake zou zijn van ‘alle dingen’ die ‘meewerken ten goede’, nl. ‘voor wie God liefhebben’, zoals vers 28 vaak is vertaald, acht Wright een misverstand (en leidend tot stoïcijnse berusting); z.i. staat daar: God werkt ten goede samen met hen die Hem liefhebben’ (73). Bijbels, christelijk denken, ook i.v.m. de coronacrisis, houdt z.i. allereerst in dat we pas in Jezus zien wat het betekent dat God ‘de macht‘ heeft over de wereld. Dus dat daarmee niet strijdig is dat God over bepaalde zaken verdriet heeft; dat er kwaad is dat er niet zou moeten zijn en waarvan alleen kan worden gezegd dat God het overwint. Het houdt ook in: erkennen dat God het besturen van veel aspecten van zijn wereld ‘feitelijk aan mensen heeft gedelegeerd’ (85).
Dus, het gaat erom als kerk er voor de wereld te zijn (zoals Jezus er voor Israël was, 87-88). De eerste christenen gingen zich bekommeren om zieken en armen (dat was nieuw). Dat is nu nog onze roeping, ook waar gezondheidszorg verregaand overheidszaak is geworden: juist de kerk moet en kan opkomen voor een allround, volledig menselijke ziekenbenadering. Al met al een aardig boekje, met verrassende exegetische opmerkingen, maar toch wat oppervlakkig. Teneur: niet piekeren, maar de handen uit de mouwen. Moeten we het daarmee doen? Over de verhouding tussen verzoening en Koninkrijk Gods (in Nederland geen onbekend thema) zou meer gezegd moeten worden. De vragen rond het kwaad (het leed) raken dieper dan hier wordt gepeild. Dat God handelt via mensen wordt te gemakkelijk geponeerd; kan hier werkelijk van ‘delegatie’ worden gesproken? De exegese van Rom. 8 (als zou daar gezegd zijn dat God ‘met mensen samenwerkt’) is interessant maar onhoudbaar; eerder inleg- dan uitlegkunde.
Deze recensie is geschreven door Karel Blei en verscheen oorspronkelijk in Kerk en Theologie 2021, nr. 3, dat als thema ‘Heil’ heeft.
Tom Wright. God en de pandemie. Een theologische reflectie op het coronavirus en wat volgt. oorspr.: God and the Pandemic. A Christian Reflection on the Coronavirus and its Aftermath. Kees de Wildt (vert.). Utrecht: KokBoekencentrum, 2020. 112 pp. € 14,99. ISBN 9789043535564 / 9789043535571 (e-boek).