Menu

None

Goed omringd

Man omhelst zijn oma
Beeld: Zhanna Danilova/iStock.com

Weten waar je goed in bent, wat je wilt, wat je kunt. Weten waarom je soms ‘dichtklapt’ of waardoor je onredelijk reageert. Allemaal handig om te weten. Toch betekent zelfreflectie niet alles. Uiteindelijk hebben we de ander nodig. Om onszelf te vinden, en onszelf te geven.

Wie zijn leven niet wil geven,
niet wil delen
met zovelen,
met een ander,
gaat verloren.

Wie wil geven wat hij heeft,
die zal leven,
opgegeten,
die zal weten dat hij leeft.

Huub Oosterhuis (uit: Verzameld Liedboek, 2004)
© Gooi en Sticht ­– Utrecht.

Dit lied van Huub Oosterhuis kun je maar beter niet gedachteloos meezingen; het is beslist een straffe tekst. Oosterhuis vertolkte in dit lied een uitspraak van Jezus: ‘Want ieder die zijn leven wil behouden, zal het verliezen. Maar wie zijn leven verliest omwille van Mij en het evangelie, zal het behouden’ (Marcus 8:35). Jezus wist waarover Hij sprak. Zijn eigen leven brak als brood en het diende als voedsel voor velen. ‘Opgegeten’, schreef Oosterhuis. Hij noteerde bij het lied dat het om een canon gaat; al zingend hebben we de ander nodig om dit lied goed te laten klinken.

Zingen in de rosse buurt

De eerste keer dat ik dit lied hoorde, was op de Wallen. Ik was te gast bij een groep vrouwelijke religieuzen. Deze Franciscanessen zochten de rosse buurt uit om daar hun leven te delen met velen. Overdag bezochten ze oudere ex-prostituees. ’s Nachts boden ze verslaafde prostituees een plek om op adem te komen. Het lied van Huub Oosterhuis was hun leidraad. Zij vonden hun roeping door te delen, zonder voorbehoud.

Ik denk nog vaak in dankbaarheid aan hen terug, omdat ik hun inzet als zeer opmerkelijk en inspirerend heb ervaren. Hun levensstijl staat nogal haaks op wat ik om me heen zie. Als ik in een boekhandel verdwaald ben tussen de zelfhulpboeken, en dat zijn er tegenwoordig nogal veel, lijkt het wel of iedereen bezig is met zelfontplooiing, zelfontwikkeling en zelfreflectie. Het is een bloeiende markt, waar goeroes goud geld verdienen aan iedereen die met zichzelf aan de slag wil. Ben ik getraumatiseerd? Ben ik verwaarloosd? Het zijn vragen die gesteld mogen worden. Maar wie zijn aandacht exclusief op zichzelf richt, is niet snel klaar. Of misschien kun je rustig stellen: die komt aan niets anders meer toe!

Hoe word ik gelukkig?

Mag een mens dan niet de ruimte nemen om met zichzelf aan de slag te gaan? Is zelfinzicht niet een voorwaarde om je op een gezonde manier voor anderen in te zetten? We hoeven toch niet terug naar de jaren vijftig, waar met name aan vrouwen de dienstbaarheid als ideaal werd gepresenteerd? Het is toch niet gezond om ‘opgegeten’ te worden?

Het is in de nabijheid van de ander, dat wij onszelf vinden.

Dat is allemaal waar, maar ons individualisme lijkt nu grenzeloos. Bovendien ben ik bang dat eindeloze zelfreflectie, anders dan de goeroes beloven, niet leidt tot een gelukkiger leven. De Vlaamse psychiater Dirk de Wachter schrijft in zijn boek Vertroostingen wat hem in het ziekenhuis troostte, toen hij was opgenomen voor een zware behandeling tegen kanker. Dat was niet zijn bloeiende zelfinzicht, maar een schoonmaakster. ‘Ik had nood aan een mens, aan nabijheid’, schrijft hij. De schoonmaakster, die een warm woord voor hem had, was precies wat hij nodig had. Hij concludeert: ‘Het is in de nabijheid van de ander, dat wij onszelf vinden.’ Zijn boeken en lezingen zijn een voortdurende oproep tot die nabijheid, met ‘kleine lievigheden’, die een groot verschil maken.

De kunst van het omringen

Toen aan De Wachter in een interview werd gevraagd hoe het met hem ging en hoe hij zichzelf staande hield tijdens zijn ziekte, antwoordde hij: ‘Ik ben goed omringd.’ Misschien is het lied van Oosterhuis wel een oproep om ons daarin te bekwamen: de kunst van het omringen.

Folly Hemrica is theoloog en redactielid van Open Deur. Zij werkte o.a. als justitiepastor en straatpastor.


Ik en wij
Open Deur 2024, nr. 5

Nieuwe boeken