Tomas
‘Hoe kunnen we de weg weten?’ Dit citaat uit Johannes 14,5 is een toepasselijke openingszin aangezien het een uitspraak betreft van de enigmatische figuur die in dit nummer van Schrift centraal staat: de apostel Tomas.
‘Hoe kunnen we de weg weten?’ Dit citaat uit Johannes 14,5 is een toepasselijke openingszin aangezien het een uitspraak betreft van de enigmatische figuur die in dit nummer van Schrift centraal staat: de apostel Tomas.
Toen Willibrord aankwam op de kust die nu de Nederlandse kust is en de bewoners ontmoette, kreeg hij medelijden met hen. Ze streden een wanhopige strijd tegen de onstuimige en onberekenbare zee. Bij elke storm stroomde de zee het land binnen en verwoestte landerijen, huizen en bezit. Niet weinigen vonden de dood in het kille water. Nadat Willibrord de verhalen over hun ellendige leven had aangehoord, liep hij naar de zee. Langs de vloedlijn trok hij een streep en sprak het water toe: ‘In de naam van Jezus, hier ligt voortaan je grens.’ Terwijl hij langs de vloedlijn liep, ontstonden er onder zijn voetstappen duinen.
Ruim vier maanden geleden kwam mijn boek Maria: Icoon van genade op de markt. Het weekend van Hervormingsdag, Allerheiligen en Allerzielen was een mooi moment om een voorlopige balans op te maken en terug te kijken op enkele reacties. Ik deel ze hier graag.
Hervormingsdag en Allerheiligen/Allerzielen vielen dit jaar samen. Enkel toeval? Een kwestie van ironie dat deze twee herdenkingsfeesten dit jaar samenvielen? Of meer dan toeval en ironie?
Een artikel over humor is zoiets als praten over spelen of een dissertatie over dans. Na een poosje voel je het verlangen van luisteraar en lezer: zullen we gaan spelen? Laten we dansen! En iedereen roept: ja! Dus ik kan wel iets schrijven over het verschil tussen ironie en sarcasme, over de angst voor heiligschennis, dat het uitmaakt of de grappenmaker zelf op het spel staat of niet, of de grap bedoeld is om te vernietigen of om te helen. Maar dat doe ik niet.
De 25ste editie van de Pride heeft als thema: TAKE PRIDE in us. Nick Everts benadert deze oproep vanuit de queertheologie: theologie die vertrekt vanuit de positie van hen die anders zijn. Als zij niet meer welkom zijn in de kerken, in de canon, aan de tafel van onze lieve Heer, is Christus zelf dan wel aanwezig?
Het is al weer even geleden dat het autobiografische boek van Lale Gül verscheen. In Ik ga leven beschrijft ze het streng Turks-islamitische milieu waaraan ze zich ontworstelt. Dat gaat verbaal gezien met grof geweld, zeker als ze het over haar moeder heeft. Het boek getuigt van een vrijheidsstrijd waarin heel veel kapot gaat.
Volgens het Johannes-evangelie geeft Jezus twee keer de Geest. De eerste keer is als Hij sterft. ‘Hij boog zijn hoofd’, staat er dan, ‘en gaf de Geest’ (Johannes 19:30).
Er verschijnen de laatste jaren opeens overal verplaatsbare kapelletjes, altaars en tiny churches. Waarom eigenlijk en waar staan ze?