Menu

Filters

Auteur

Hoofdthema

Pleinen

Soort materiaal

Andere bronnen

None

Kerkelijke betrokkenheid in baptisten- en evangelische gemeenten

Sinds vorig jaar bezoeken Johan (33) en Aline (29) regelmatig met hun kinderen Joas (2) en Eva (4) de zondagse samenkomsten in de gemeente. Ze komen uit een traditionele kerk in het centrum, maar voelen zich aangetrokken tot de diversiteit van sprekers, de liedkeuze en het kinderwerk in onze gemeente. Na een jaar sluiten ze zich graag aan als vriend van de gemeente. Tijdens het kennismakingsgesprek wordt gevraagd welke taken ze in de kerk zouden willen oppakken. Een ongemakkelijke stilte volgt. ‘Moet dat dan?’ Veel contact met andere mensen uit de kerk hebben ze niet. Ze bezoeken tweemaal per maand de samenkomsten, de andere zondagochtenden worden gevuld met mountainbiken en andere kostbare tijd en aandacht voor het gezin, die doordeweeks nogal eens ontbreekt.

Basis

Discipelschap door creatieve ‘kliederkerk’: verbinding met andere kerkplekken nodig

Kliederkerk, een missionaire vorm van kerk-zijn waarin jong en oud samen op een creatieve manier de betekenis van bijbelverhalen ontdekken, heeft een aantrekkingskracht op een voor kerken lastig te bereiken doelgroep: gezinnen met jonge kinderen. Het aantal kliederkerken in Nederland groeit, gemeenten en deelnemers zijn enthousiast.

Basis

José Sanders: ‘De wegen om te gaan uitnodigend schetsen’

José Sanders is sinds 1 februari 2017 hoogleraar Narratieve Communicatie aan de Radboud Universiteit. Haar onderzoek richt zich op narratieven: verhalende teksten. Zij richt zich enerzijds op hun talige vormen (structuur en stijl) en hun cognitieve representatie, en anderzijds op hun communicatieve functie in toepassingen door organisaties, zoals in de narratieve journalistiek en narratieve gezondheidscommunicatie. Volgens Sanders is het uitwisselen van verhalen zelf al een goede strategie.

Basis

Retorica en preek: grondgedachten en enkele praktische aspecten

De aanduiding ‘retorisch’ heeft in het huidige Nederlands eerder een negatieve dan een positieve bijklank. Als we zeggen dat iemand ‘retorisch geweld’ gebruikt, is dat weliswaar minder erg dan ‘verbaal geweld’ en zeker dan ‘fysiek geweld’, maar het is ook geen reclame. Er komt iets in mee van ‘mensen meenemen met mooie woorden’ of zelfs ‘een rad voor de ogen draaien’. Die twee, bedrog en schone schijn, zijn al vanaf de Oudheid de grote valkuilen van de retorica. Toch is het te kort door de bocht, als iemand daarom de retorica (of welsprekendheid) als zodanig gaat wantrouwen.

Nieuwe boeken