Aleman – De ziel van het brein
Inleiding
De afgelopen twee jaar ben ik sterker betrokken geraakt bij onderzoeksprojecten naar religie en spiritualiteit. Zo vroeg Brian Ostafin, hoofddocent klinische psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen, mij mee te denken met een onderzoek naar hersenactiviteit tijdens religieuze ervaringen van verwondering en ontzag. Voor dit onderzoek gaan mensen in de MRI-scanner en wordt de activiteit van hun brein gemeten tijdens filmpjes die de ervaring van ontzag bevorderen en tijdens het lezen van korte teksten uit de Bijbel. Voor een ander onderzoeksproject vroeg Bart Haverkamp, promovendus aan de Vrije Universiteit, mij vanuit de neuropsychologie mee te denken bij het opzetten van zijn onderzoek naar de rol van de hersenen bij hechting en gebed in de christelijke traditie. Hij borduurt daarbij voort op onderzoeksresultaten die laten zien dat iemands hechtingsstijl samenhangt met godsbeeld en godservaring.
Een hechtingsstijl is de manier waarop mensen omgaan met nabijheid, vertrouwen en afhankelijkheid in relaties. Deze stijl wordt meestal gevormd in de kindertijd op basis van ervaringen met verzorgers, en beïnvloedt de manier waarop iemand later relaties aangaat. Dat geldt voor vriendschappen en liefdesrelaties en kan zich uitbreiden naar de relatie met God. Er zijn grofweg drie hechtingsstijlen: veilig, angstig en vermijdend. De bevindingen uit eerder onderzoek lieten zien dat mensen met een veilige hechtingsstijl vaak een positief beeld van God hebben en Hem ervaren als liefdevol en betrouwbaar. Bij een angstige hechtingsstijl kan God zowel nabij als onvoorspelbaar of afwezig worden ervaren, vooral in moeilijke tijden. Mensen met een vermijdende hechtingsstijl ervaren God eerder als afstandelijk of onpersoonlijk. Haverkamp onderzoekt in hoeverre hersennetwerken die betrokken zijn bij verschillende hechtingsstijlen invloed uitoefenen op de relatie die christenen met God ervaren tijdens het gebed.
Wanneer mensen bidden, mediteren of zich verbonden voelen met het hogere of heilige, worden bepaalde delen van de hersenen actiever
Ik heb niet alleen onderzoek gedaan naar psychische problemen, maar ook naar veranderingen van onze hersenen bij het ouder worden. Dan gaat het over achteruitgang in onze cognitieve vermogens (zoals geheugen, concentratie en denken), en de manier waarop ouderen daarmee kunnen omgaan. Ik ontdekte dat het onderzoek naar ‘succesvol ouder worden’ (vooral uit de V.S.) laat zien dat spiritualiteit hierin ook een rol speelt. Bij succesvol ouder worden gaat het over de ouderen die ondanks leeftijd-gerelateerde achteruitgang van sommige functies toch nog kunnen doen wat ze graag willen doen en een goed welbevinden rapporteren. Deze ouderen doen vaker dan gemiddeld iets met spiritualiteit of religie. In hoofdstuk 7 van dit boek ga ik dieper in op de relatie tussen religie, spiritualiteit en hersengezondheid.
Wetenschappers gebruiken instrumenten zoals hersenscans om te onderzoeken wat er in onze hersenen gebeurt tijdens spirituele ervaringen en religieuze handelingen. Dit onderzoeksveld wordt ook wel neurotheologie genoemd en hoewel het misschien een beetje futuristisch klinkt, helpt het ons iets heel ouds te begrijpen: waarom mensen spirituele wezens zijn.
Wanneer mensen bidden, mediteren of zich verbonden voelen met het hogere of heilige, worden bepaalde delen van de hersenen actiever. De prefrontale cortex bijvoorbeeld – die ons helpt focussen en beslissingen nemen – licht op tijdens meditatie. Tegelijkertijd kunnen delen van de hersenen, die ons helpen te begrijpen waar ons lichaam eindigt en de rest van de wereld begint, zoals de pariëtale kwabben, minder actief worden. Dit zou kunnen verklaren waarom mensen vaak melden dat ze tijdens het bidden of mediteren een gevoel van eenheid of verbondenheid met alles om hen heen ervaren. In hoofdstuk 4 en 5 ga ik hier dieper op in.
De hersenwetenschap kan ook helpen te begrijpen waarom religie zo’n grote rol heeft gespeeld in de geschiedenis van de mens
Interessant is dat een ander deel van de hersenen, de temporale kwab, in verband wordt gebracht met krachtige spirituele ervaringen. In zeldzame gevallen hebben mensen met epilepsie die dit gebied aantast intense visioenen of religieuze gevoelens. Dat betekent echter niet dat spirituele ervaringen slechts ‘storingen’ zijn – het laat gewoon zien dat onze hersenen gebouwd zijn om dit soort diepe, emotionele momenten te hebben.
De hersenwetenschap kan ook helpen te begrijpen waarom religie zo’n grote rol heeft gespeeld in de geschiedenis van de mens. Sommige onderzoekers denken dat spirituele overtuigingen mensen hielpen om in groepen bij elkaar te blijven door het bevorderen van vertrouwen, samenwerking en gedeelde waarden. En als we kijken naar de manier waarop de hersenen omgaan met zaken als empathie, medeleven en moreel denken, zien we dat ze gebieden gebruiken die nauw verbonden zijn met ons spirituele en religieuze gedrag.
In dit boek komen niet alle religies of vormen van spiritualiteit aan bod. Dat heeft enerzijds te maken met het feit dat ik niet uitputtend kan zijn in het bestek van een populairwetenschappelijk boek, en anderzijds met het feit dat er naar veel vormen van spiritualiteit (nog) geen onderzoek beschikbaar is. Het onderzoek dat ik bespreek, is een selectie, maar ik denk dat het een representatieve selectie is. Het neurowetenschappelijk onderzoek naar religie betreft het vaakst de christelijke traditie. Daarnaast is er veel onderzoek gedaan naar mindfulness-meditatie. Dat over de christelijke traditie meer gegevens voorhanden zijn dan over andere religies wordt veroorzaakt door het feit dat het grootste deel van dit onderzoek plaatsvindt in westerse landen, waar het christendom cultureel dominant is. Dit maakt het eenvoudiger om proefpersonen te vinden en gestandaardiseerde metingen te doen binnen een bekende religieuze context. Bovendien weerspiegelen de onderzoeksvragen vaak impliciet een westers wereldbeeld, waarin christelijke vormen van religie als norm worden gezien. Daarnaast is er zoals gezegd veel onderzoek naar mindfulness-meditatie. De reden hiervoor is dat deze vorm van meditatie is losgemaakt van zijn boeddhistische oorsprong en toegankelijk is gemaakt voor een breed, seculier publiek. Mindfulness is eenvoudig te trainen, goed te meten in experimentele opstellingen en is een geaccepteerde benadering in zorg en onderwijs. Dit maakt het aantrekkelijk voor onderzoekers die geïnteresseerd zijn in de effecten van spiritualiteit op het brein en welzijn.
Soms vinden mensen het resultaat van hersenonderzoek ontnuchterend: is dat alles? Is een diepe betekenisvolle ervaring die mijn leven veranderd heeft terug te brengen op de activiteit van bepaalde groepen hersencellen? Ik denk dat het bestuderen van de rol van onze hersenen de betekenis van spirituele ervaringen niet wegneemt. Het feit dat we kunnen zien wat er in de hersenen gebeurt, maakt die momenten niet minder echt of belangrijk. Sterker nog: het begrijpen van de rol van de hersenen kan onze overtuigingen verdiepen doordat het ons laat zien dat we van nature zijn ingesteld op verwondering, ontzag en verbondenheid. Het zou een misverstand zijn te denken dat de neurowetenschap de zingeving die mensen ontlenen aan religieuze overtuigingen en spirituele ervaringen ‘wegverklaart’.
Hersenwetenschap kan ons helpen religie en spiritualiteit te begrijpen, ook al is de bijdrage van hersenwetenschap vooralsnog beperkt. Het onderzoek staat immers nog in de kinderschoenen. En, los daarvan, krijg je pas een volledig beeld van religiositeit en spiritualiteit als je ook andere wetenschappen erbij betrekt, zoals sociologie, culturele antropologie en filosofie. In dit boek kijk ik vooral vanuit de neuropsychologie. Op de flappen van het omslag is een weergave van de hersenen afgedrukt met daarin de gebieden aangegeven die het vaakst genoemd worden in dit boek. Zo kan de lezer snel een gebied opzoeken.
Tot slot: een spirituele ervaring heeft impact op mensen juist doordat het een ervaring is. Hoe je iets ervaart en welke betekenis je eraan hecht, is iets heel persoonlijks. De wetenschap kan helpen het te begrijpen, maar zal het nooit in een formule kunnen vatten. Dat is ook helemaal niet de bedoeling. Of je jezelf nu beschouwt als religieus, spiritueel of gewoon nieuwsgierig, de hersenwetenschap levert een fascinerend inkijkje in ons innerlijke leven. Ze laat ons zien dat de zoektocht naar betekenis – door gebed, meditatie, rituelen of momenten van bezinning – een diepmenselijke reis is. En of je onze hersenen nu als bron daarvan ziet of als medium, ze hebben ontegenzeggelijk een sleutelrol. Over die rol gaat dit boek.
André Aleman is hoogleraar cognitieve neuropsychiatrie aan het Universitair Medisch Centrum Groningen en de Universiteit Maastricht.
André Aleman, De ziel van het brein. Een neurowetenschappelijke zoektocht naar spiritualiteit. Uitgeverij: Utrecht, KokBoekencentrum Uitgevers, 2025. 208 pp. € 21,99. ISBN 9789043538589
