De eerste slag: water wordt bloed
Magie hoort bij de religiositeit van Egypte. JHWH sluit zich hierbij aan met grote wonderen en tekenen (7:3) die vaak de tien plagen worden genoemd. Vanuit het Hebreeuws is de vertaling ‘tien slagen’ beter. Het gaat immers om het Hebreeuwse werkwoord nakhah (hif.: slaan) dat in onze perikoop driemaal voorkomt (7:17.20.25). Wij horen hoe Mozes en Aäron zich eerst moeten bewijzen tegenover de wijzen, de tovenaars en de magiërs van Egypte (7:8-13) en hoe vervolgens de eerste slag in Egypte plaatsvindt (7:14-25). Het hart van Farao blijkt onvermurwbaar.