De lezer, aangekomen in het zogenoemde Nieuwe Testament, is zich van geen kwaad bewust. Voor je het weet ben je al in Betlehem. Matteüs is nog maar net begonnen met zijn verhaal over de geschiedenis van de Messias. Voor wie er ook maar een ogenblik bij stil staat: de naam van Betlehem is dan al genoemd. Samuël moet immers naar Jesse, boer in Betlehem, om onder diens zonen een die God uitgezocht heeft tot koning te zalven. Saul is nog gezalfd met olie uit een breekbaar kruikje. David, ten langen leste uiteindelijk toch (Zijn dit al je jongens? – 1
Het volledige Premium-artikel lezen?
Dit artikel is voor Premium-leden.
Log in en lees onbeperkt alles op Theologie.nl. Nog geen lid?
Krijg toegang tot ruim 11.500 artikelen, waaronder verdiepende vakinhoud, preekschetsen, exegeses, kindermomenten en preekvoorbeelden.
Bekijk Premium >
InloggenLid worden