Een ladder van zegen
Marianne Vonkeman is predikant van de Protestantse Gemeente Santpoort-Velsenbroek en geeft geestelijke begeleding. Zie www.sporenvangod.nl.
Daar ligt hij dan: Jakob, die zijn eigen blinde vader en oudere tweelingbroer heeft beetgenomen. Hij ligt te slapen op de harde grond, een steen onder zijn hoofd. Dan gaat de hemel open, engelen klimmen en dalen op een hemelse ladder, de stem van God klinkt en zegent Jakob. ‘Alle volken op aarde zullen wensen zo gezegend te worden als jij en je nakomelingen’, zegt God. ‘Ik zal je altijd terzijde staan.’
Heeft een zegen dan helemaal niets te maken met je daden? Nee, niets. Dat is nu net het verschil tussen beloning en zegen.
GESCHENKEN
Zegen is het gratis geschenk dat je onverdiend ontvangt. Zoals bijvoorbeeld je leven. Of je kinderen. Of de zon die opgaat over gelovigen en ongelovigen. Gezondheid, vriendschap, talenten, een vruchtbare aarde, het zijn toch allemaal geschenken? De nabijheid van God die altijd bezig is om mensen tot hun bestemming te brengen: het is een onverdiende zegen en niet een beloning voor ons goeie gedrag.
VOOR WAT HOORT WAT
Jakob begrijpt nog niet wat een zegen betekent. Een mens moet toch zelf voor zijn eigen zegen zorgen? Desnoods met bedrog, als het niet gaat zoals je wilt? Als Jakob wakker wordt, maakt hij van die goddelijke zegen meteen een deal: ‘Als U mij inderdaad helpt en ik veilig terugkeer, dan beloof ik dat U voortaan tien procent van mijn inkomen krijgt.’ Eerst zien dan geloven. Jakob, de bedrieger, zit vol wantrouwen want zijn god lijkt op hem. Van genade en zegen heeft hij nog geen benul. Voor wat hoort wat – dat is beloning. Zomaar gegeven – dat is zegen.
DOORGEEFSYSTEEM
Jakob de beetnemer ligt te slapen met een steen onder zijn hoofd. Misschien is dat al het begin van de zegen: dat hij de gevolgen van zijn gedrag niet kan ontlopen, al vlucht hij er voor weg. Een zegen krijg je wel zomaar, maar is niet zomaar. Een bijbelse zegen heeft altijd te maken met bestemming. Jakob is ergens voor bestemd. De roeping van zijn vader en grootvader zal in Jakob voortgezet worden: ‘in jou zullen alle volken gezegend worden’.
Ondanks zichzelf is Jakob bedoeld om een zegen te zijn voor de wereld – en dat is de reden waarom God hem zegent. De zegen van God is een doorgeefsysteem. Je krijgt het en geeft het door, dat is precies de werkingskracht van een zegen. Een beloning mag je voor jezelf houden. Een zegen kun je niet voor jezelf houden. Een beloning is fijn, maar een zegen is meestal pijnlijk.
CONFRONTATIE
De zegen van God begint direct te werken. Jakob komt terecht bij de broer van zijn moeder. Zijn oom -duidelijk familie -neemt op zijn beurt Jakob beet, en bedriegt hem over het meisje dat Jakob wil trouwen en de dieren die hij met zijn werk verdient. Zijn vrouw zal hem bedriegen en later zijn zonen. Jakobs hele levensverhaal kun je lezen als één grote confrontatie met zijn eigen karakter. En dat is precies de zegen van God. Hoe zou hij anders verlost worden van zijn op zichzelf gerichte leven? Hoe zou hij anders de God hebben leren kennen die niet beloont maar zegent? De God van Israël verlost mensen niet door straf en beloning, maar door de werkingskracht van zijn zegen. Die zegen geeft zichzelf door tot heel de wereld erin deelt. Wie heeft de moed om met Jakob mee te roepen: ‘ik laat u niet gaan tenzij u mij zegent’?
‘IK LAAT U NIET GAAN TENZIJ U MIJ ZEGENT’: DIT ZEGT JAKOB TEGEN EEN ONBEKENDE MET WIE HIJ ’S NACHTS WORSTELT, LATER IN ZIJN LEVEN. DEZE GEBEURTENIS STAAT BESCHREVEN IN GENESIS 32.
LLUSTRATIE: ANNEMARIE VAN HAERINGEN. UIT: ‘KINDERBIJBEL’ VAN D.A. CRAMER-SCHAAP. 2017, PLOEGSMA, 40E DRUK.
Verbaasde engelen
Wat beweegt die engelen om die ladder op en af te gaan? Volgens een uitleg uit de joodse traditie gaan de engelen de ladder op en af uit pure verbazing. Beneden op aarde zien ze een landloper, op de vlucht, die in het veld ligt te slapen. In de hemel zien ze diezelfde Jakob als een koningszoon afgebeeld op Gods troon. Ze reppen zich weer naar beneden om te gaan kijken. Is die landloper de koningszoon? Is het beeld op Gods troon het beeld van die vluchteling die daar ligt te dromen? Jawel, het is dezelfde mens. Het is de verschoppeling Jakob, op weg naar zijn bestemming, op weg het beeld te worden dat in de hemel van hem bewaard wordt.