Menu

Premium

Kerststal

Bij Lucas 2,1-20 / Lucas 2:1-20

Dit verhaal schreef ik met de levende kerststal voor ogen die we als kerk jaarlijks samen met de kinderboerderij organiseren.

Femke, Sofie, Inge, Daan en Ruben zijn vandaag Jozef, Maria en drie herders in de kerststal bij de kerk. Door de sneeuw lopen ze er naartoe.

‘Waar is je pop?’ vraagt Sofie aan Femke.

‘Die zou jij meenemen!’ zegt Femke.

‘Niet,’ zegt Sofie. ‘Welles!’ Bijna ontstaat er ruzie.

‘Hoho,’ zegt Daan, ‘ruzie maken helpt niet om een Jezus te krijgen. We moeten een ander plan verzinnen. Straks komen de mensen, dan moet er een Jezus zijn. Weet je wat: ik ga bij de kinderboerderij een cavia lenen, dan leggen we die in de kribbe en dan is dat Jezus.’

‘Nee,’ zegt Sofie, ‘dát kan niet!’

‘Nee,’ zegt Inge, ‘een cavia als Jezus, dat slaat nergens op. Het moet een mens zijn.’

‘Dan moet één van ons Jezus zijn en in het stro gaan liggen,’ zegt Femke.

Ze kijken elkaar aan. Wie zou dat dan moeten zijn?

‘De jongste!’ zegt Daan.

‘Dat vind ik geen goed idee,’ zegt Ruben. Hij is als jongste al vaak genoeg de pineut…

Wat nu? De mensen komen zo.

‘Hé Inge, wat doe jij nou?’

‘Ik maak een Jezus van sneeuw,’ zegt Inge. Ze is al bezig met het hoofd.

Dat is een goed idee! Samen zoeken ze naar besjes voor een rode mond, naar takjes voor sprieterig haar, en naar twee takjes voor dichte ogen, want een slapende baby is wel zo makkelijk.

‘Ik heb nog een idee!’ zegt Femke. Ze zet haar zilveren diadeem op het sneeuwpophoofd. Dan is Jezus klaar. Ze glimmen alle vijf van trots.

‘Hee, Daan, wat ben jij aan het doen?’

‘Ik maak een schaap,’ zegt Daan.

O, wat een goed idee! Nu hebben ze allemaal de smaak te pakken. Met alle sneeuw proberen ze de kerststal vol te maken met dieren.

De mensen die later komen kijken naar de kerststal zien Jozef, Maria, de herders, een prachtig kindje Jezus van sneeuw en drie schapen. En weet je wat ze nog meer zien? Een paar cavia’s van sneeuw, want die zijn makkelijker om te maken…

Wellicht ook interessant

Jan Luyken (1700), Origenes onderwijst zijn studenten.
Jan Luyken (1700), Origenes onderwijst zijn studenten.
Basis

Waarom ‘Eeuwig’ toch niet altijd een goed vertaalwoord is

Enkele publicaties vorig jaar, waaronder het boek “Het einde van de Hel” van Reinier Sonneveld, hebben de eeuwenoude discussie of God alle mensen uiteindelijk zal redden1 weer nieuw leven ingeblazen. Een belangrijk argument tegen de leer dat voor ongelovigen de hel de eindbestemming zou zijn, is dat de Hebreeuwse en Griekse woorden die meestal met “eeuwig” vertaald worden, niet de betekenis “eindeloos” hebben. Dat was aanleiding voor het blad Met Andere Woorden (MAW), een vakblad voor Bijbel en vertalen, om een themanummer uit te geven rondom dit woordje, “eeuwig” en “eeuwigheid”. En, hoewel vertalers zich het liefst op de tekst zelf focussen, ontkom je er niet aan keuzes te moeten maken die aan een dergelijke discussie raken.2 Zo moet een vertaler kiezen of hij meegaat in het zo bekende “eeuwig” en “eeuwigheid”, of in navolging van kritiek en diverse onderzoeken voor een andere weergave kiest. In het themanummer verdedigden enkele artikelen de keuze voor “eeuwig”. In de studievertaling waar ik aan mee mag werken, de Nieuwe Concordante Vertaling (NCV),3 is echter een andere keuze gemaakt. In dit artikel laat ik graag zien waarom “eeuwig” toch niet altijd een goed vertaalwoord is.

Een open boek, een zwevend model van de planeet aarde zweeft erboven, tegen de achtergrond van de ruimte met sterren.
Een open boek, een zwevend model van de planeet aarde zweeft erboven, tegen de achtergrond van de ruimte met sterren.
None

Bijbel en sciencefiction

In de komende tijd verschijnen er op theologie.nl diverse artikelen over theologie en
sciencefiction, een genre dat zowel in literatuur, film, videogames als in meer te vinden
is. t Hoe ziet het christendom eruit als we allemaal onze gedachten hebben
geupload in servers, is dat een soort eeuwig leven? Of zou er ook buitenaards leven zijn
dat religieus aangelegd is, en hoe speelt het christendom een rol daarin? Zouden
mensen moeten evangeliseren onder aliens, of komen aliens over 100 jaar misschien bij
ons op aarde evangeliseren?

Nieuwe boeken