Kierkegaards taak
Søren Kierkegaard (1813-1855) beschouwde het als zijn voornaamste taak om mensen opmerkzaam te maken. Dat klinkt vrij bescheiden. Hij zegt niet dat hij mensen wijzer wil maken of veranderen, hij wil niets uitleggen, geen beweging starten, geen revolutie in de theologie of in de maatschappij in gang zetten – hij wil alleen maar opmerkzaam maken. Maar Kierkegaard zelf ziet dat opmerkzaam maken helemaal niet als een bescheiden opgave, integendeel. Als hij in 1855 op 42-jarige leeftijd op straat in Kopenhagen in elkaar zakt, en een paar weken later overlijdt, is hij ‘op’. Wat ook precies de lichamelijke oorzaak van zijn overlijden is geweest, hij had alles gegeven om zijn lezer, de ‘ene lezer’5 waar het hem altijd om ging, opmerkzaam te maken.
Een mens dwingen een andere mening aan te nemen, een overtuiging, een geloof, dat kan ik in der eeuwigheid niet; maar één ding kan ik, in één opzicht het eerste (want het is de voorwaarde voor het volgende, dat wil zeggen: deze mening aan te nemen, deze overtuiging, dit geloof) in een ander opzicht het laatste, als hij dat volgende niet wil: ik kan hem dwingen opmerkzaam te zijn.
Mijn schrijverswerkzaamheid, 39
Volgens Kierkegaard kan de ene mens de andere maar in beperkte mate helpen. Waar het echt om draait in het leven, speelt zich af op een niveau waarop we met onszelf alleen zijn. Daar moet iets gebeuren, bij wanhopige mensen, maar dat is hetzelfde als zeggen: bij iedereen. Want, hoewel de ene mens zich dat meer bewust is dan de ander, en hoewel vertwijfeling zowel heel acute als meer sluimerende vormen kan aannemen, angst en vertwijfeling horen bij het mens-zijn.
Kierkegaard was ervan overtuigd dat er zich op dat diep persoonlijke niveau iets kon afspelen waardoor het leven open bloeit. Wanhoop kan tot hoop worden, wantrouwen tot vertrouwen, geslotenheid tot liefdevolle relatie. Hoewel hij zijn leven wijdt aan het schrijven over die verandering, is hij zich er voortdurend van bewust dat hij de kern nooit zal kunnen benoemen. Dat is feitelijk onmogelijk, want het is iets dat uniek is en persoonlijk, iets dat gebeurt en nooit te vangen is in woorden. Maar het is ook nog eens af te keuren, want zodra je het pretendeert te kunnen uitleggen en overdragen, breng je een ander in de verleiding jouw woorden, erger nog, jouw methode over te nemen. En zo breng je iemand eerder verder bij zichzelf vandaan dan dat je haar helpt om zichzelf te vinden.
Kierkegaard zag zijn onmacht om een ander mens rechtstreeks tot een overtuiging, tot een levensovertuiging, laat staan tot een leven in geloof te brengen, dus zeker niet als zijn persoonlijke beperking. Het gaat hier om een heel principieel punt. Dat wat er echt toe doet in het leven, kan de ene mens niet aan de ander geven. Als we opmerkzaam worden in de zin waarin Kierkegaard zich dat voorstelt, dan komen we ergens vóór te staan, waarna we alléén verder moeten. Kierkegaard is een gids naar dat intrigerende punt in het geestelijk landschap. Dat kan voor de één ‘het laatste’ zijn, je kunt daar blijven staan en niet verder, of zelfs terug willen. Voor de ander is dat punt het eerste, want de eigenlijke weg begint pas daarna.
Naar de rand van een afgrond
Met het opmerkzaam worden op dat punt begint een unieke, individuele weg, en we hebben alle vrijheid om te weigeren die te betreden. Rond die opmerkzaamheid spelen zich dan ook allerlei spannende taferelen af, vooral bij de mensen die het niet zien zitten om verder te gaan. Er worden kampementen opgeslagen om er toch maar vooral lang te kunnen blijven vertoeven. Om nog eens uitvoerig na te denken over alles wat eraan vooraf is gegaan, om twijfels te delen over ‘hoe nu verder’? Er worden boeken en gedichten geschreven over het verlangen naar en de onmogelijkheid om verder te gaan. Er worden bijeenkomsten georganiseerd, van gezellige feesten tot ernstige vergaderingen om elkaar maar vooral te vermaken of bezig te houden. Dat alles om de keus om verder te gaan zo veel mogelijk te vergeten of om er juist eindeloos over te blijven praten.
Wanhoop kan tot hoop worden
Opmerkzaamheid kan dus voor sommige mensen ‘het laatste’ zijn, maar dat betekent niet dat degenen die verder durven gaan, de opmerkzaamheid achter zich kunnen laten. Opmerkzaamheid is geen eindstation, maar ook geen doorgangsfase, waarna ze niet meer van belang is. Opmerkzaam worden en daarnaar gaan handelen betekent opmerkzaam blijven. Een opmerkzaam bestaan speelt zich af in een wonderlijk grensgebied, ergens tussen ‘bewust worden’ en ‘doen’. Het is een besef dat voortdurend omgezet wil worden in handelen, maar dat gaat nooit vanzelf.
Er moet iets plaatsvinden, dat Kierkegaard aanduidt als een sprong. Een belangrijk aspect van het opmerkzaam worden bestaat namelijk uit het besef dat we, als we voorwaarts gaan, alle grond onder de voeten lijken te verliezen. Kierkegaard blijkt ons tot aan de rand te hebben gebracht van iets dat eruitziet als een afgrond. Het is dan ook niet zo verwonderlijk dat op dat punt vaak frustratie en kwaadheid ontstaan richting de gids, die zonderlinge Kierkegaard, die zich aan leek te bieden als reisleider naar een beter bestaan, en die nu zomaar, op de rand van die afgrond, verstek lijkt te laten gaan. Spoorde die man eigenlijk zelf wel, met zijn verbroken verloving, zijn soms onnavolgbare schrijfsels en zijn scheldpartijen tegen de kerk? Waarom heeft hij ons zo moeilijk laten doen, en laat hij ons vervolgens achter met een ‘zoek het verder zelf maar uit’!?
Zoals gezegd, voor Kierkegaard is het antwoord op die vraag heel duidelijk: het kan niet anders. Grotere pretenties hebben is alleen maar gevaarlijk. Want zodra er met definities en gebruiksaanwijzingen over het leven wordt gesproken en geschreven, gaat er iets mis.
Het leven moet geleefd worden als unieke ontdekkingstocht door unieke mensen en daarbij passen geen algemeenheden. Als we daarin over het leven denken en spreken, vervreemden we ervan en doen we onszelf volgens Kierkegaard ernstig tekort. En dus wil hij geen leraar zijn, geen macht uitoefenen met zijn woorden, zelfs geen gezag hebben.
Hij wil opmerkzaam maken.
Geert Jan Blanken werd ten tijde van zijn studie pedagogiek aan de Vrije Universiteit gegrepen door het werk van de Deense filosoof Kierkegaard. Het liet hem niet meer los.
Geert Jan Blanken, Wakkere wijsheid. Kierkegaards lessen in opmerkzaamheid. Uitgeverij: Utrecht, KokBoekencentrum Uitgevers, 2025. 223 pp. € 21,99. ISBN 9789043543590
