Filippenzen 4:18Nu is alles mij vergoed, en heb ik zelfs meer ontvangen. Mij ontbreekt niets.Schriftlezing: Filippenzen 4:10-23UitlegDe apostel begint (vs. 10) met een dankbetuiging aan het adres van de gemeenteleden, omdat het hun nu eindelijk gelukt is hun zorg voor hem te laten zien. Het ‘nu eindelijk’ drukt uit dat de Filippenzen hun gift al eerder bij de apostel hadden willen laten bezorgen, maar dat zich nu pas de kans hiertoe voordeed. In het beeld dat in het Griekse woord anethalete (aor. van anathalloo, ‘(weer) (doen) uitspruiten’) meekomt, gesproken: het zat reeds in de knop of het lag al als
Het volledige Premium-artikel lezen?
Dit artikel is voor Premium-leden.
Log in en lees onbeperkt alles op Theologie.nl. Nog geen lid?
Krijg toegang tot ruim 11.500 artikelen, waaronder verdiepende vakinhoud, preekschetsen, exegeses, kindermomenten en preekvoorbeelden.
Bekijk Premium >
InloggenLid worden