God on the move
Stabilitas loci is de huisregel van God. Voor Hem niet elke zeven jaar een nieuwe woning. Hij woont waar Hij woont, in de tempel te Jeruzalem. Maar dan ziet een priester God zitten op een troon met wielen.
Stabilitas loci is de huisregel van God. Voor Hem niet elke zeven jaar een nieuwe woning. Hij woont waar Hij woont, in de tempel te Jeruzalem. Maar dan ziet een priester God zitten op een troon met wielen.
Wie het boek Judit voor het eerst openslaat, zal het wellicht verrassen dat het personage waarnaar het boek vernoemd is, pas halverwege het verhaal opduikt. Het geheel valt zo in twee grote delen uiteen: hoofdstuk 1–7 en 8–16. Dit ondersteunt de globale golfslag van beweging en tegenbeweging door het boek heen.
Wanneer je de Österreichische Galerie Belvedere in Wenen binnen stapt, kom je haar tegen: Judit met het hoofd van Holofernes in haar hand, geschilderd door Gustav Klimt. Ook in andere kunstvormen keert ze op tijd en stond terug als thema en bron van inspiratie. De vrome doch verleidelijke weduwe die de generaal van de overheersers onthoofdt om haar volk te redden, is niet weg te bannen uit ons cultureel erfgoed.
Wie in de NBV Studiebijbel leest hoe volgens Lucas 1,42 Elisabet haar zwangere nichtje Maria jubelend begroet met de woorden ‘De meest gezegende ben je van alle vrouwen’, ziet in de kantlijn een verwijzing naar Rechters 5,24 en Judit 13,18.
De ontstaanstijd van het boek Judit – vermoedelijk aan het einde van de tweede eeuw voor Christus – was een spannende tijd voor de groep die zichzelf als erfgenamen van Abraham zag. In meer dan één opzicht waren ze druk bezig zichzelf opnieuw op de landkaart te zetten.
Het schilderij ‘Judith en de appel’ heeft helemaal niks met de Bijbelse Judit te maken. En nu zou u als lezer al kunnen denken: ‘Hallo! Had dat schilderij dan niet genoemd!’
Het boek Judit is geen beschrijving van een historische situatie, maar het schetst een ideaaltype gelovige. Het verhaal wordt daarbij in hoge mate gestructureerd door een veelheid aan gebedsvormen.
Het Judit-verhaal met zijn heftige dramatische contrasten tussen geloof en geweld, dorst en dronkenschap, wanhoop en godsvertrouwen, kuisheid en lust, biedt aantrekkelijke stof voor librettoschrijvers en componisten.
De brieven aan Timoteüs en Titus in het Nieuwe Testament staan samen al lange tijd bekend als de Pastorale brieven, omdat ze kerkelijke instructies van de apostel Paulus bevatten voor de genoemde ontvangers, Timoteüs en Titus.