Epifanie
OT: Jesaja 60,1 -6 Psalm: Psalm 72 EV: Matteüs 2,1 -12 Epistel: Efeziërs 3,1 -12 Overig: Alternatieven:
OT: Jesaja 60,1 -6 Psalm: Psalm 72 EV: Matteüs 2,1 -12 Epistel: Efeziërs 3,1 -12 Overig: Alternatieven:
In Psalm 72,10-11 wordt verteld dat koningen uit de volkeren zullen neerbuigen voor ‘de koning(szoon)’ met geschenken. In Jesaja 60,3.6 wordt verteld hoe de volkeren naar Sions stralende licht komen met hun koningen en met goud en wierook. In Matteüs 2 gaat het echter niet over ‘koningen’, maar over ‘wijzen’ of ‘magiërs’ die achter het licht van een ster aangaan om een pasgeboren koningskind te vinden. Maar zonder de Schrift komen ze er niet. Ook Paulus betrekt de volkeren erbij (Ef. 3,1-12).
De Jesajaperikoop wordt standaard gelezen bij Matteüs 2,1-12 vanwege het licht waar de volken op afkomen. ‘Volken laten zich leiden door jouw licht, koningen door de glans van je schijnsel’ (Jes. 60,3 – NBV21). In deze gedachtegang zijn de magiërs uit het Oosten de vertegenwoordigers van die volken, die de lichtende jij-persoon in Jesaja, die dan de Messias zou zijn, eer komen bewijzen.