Water en wijn
Bij Johannes 2,1-11
Jezus is op een feest, samen met zijn leerlingen. Maria, de moeder van Jezus, is er ook. Maria let altijd goed op wat er gebeurt. Ze ziet het altijd als er iets mis dreigt te gaan. Misschien hebben jullie ook wel zo’n moeder.
Als het feest al een tijdje aan de gang is, ziet Maria ineens dat er een probleem is. Snel roept ze Jezus. ‘De wijn is op!’ ‘Dat kan ik niet zomaar even oplossen,’ zegt Jezus. Want zo makkelijk is het niet, om problemen op te lossen. Maar Maria legt zich daar niet bij neer. Misschien helpt het als ze het sámen proberen: Jezus en de bedienden die de wijn inschenken. Jezus zegt dat de bedienden water moeten pakken. Gewoon kraanwater. De bedienden doen maar wat Jezus hun vraagt, wie weet komt het goed. En jawel, als ze het water in de glazen schenken, blijkt dat het wijn geworden is…
Dat is wel heel bijzonder! Geloven jullie dat dat echt kan?
(Let op: elk antwoord is goed, je vraagt tenslotte naar de mening van de kinderen.)
Als je gelooft, dan is er soms veel meer mogelijk dan je denkt.
Gebed
God, soms willen we de problemen in de wereld niet zien. Het zijn er zo veel en wij zijn maar zo klein. Help ons om net als Maria te zeggen: Jezus, er is een probleem. Misschien kunnen we het zelf niet oplossen, maar U vast wel, samen met anderen of samen met ons.
God, wat hebben we nou eigenlijk te geven? Nou ja, we kunnen best wel wat, maar kunt U dat gebruiken? We zijn niet mega-sterk, of superslim of heel erg rijk. Tenminste, niet sterk of slim of rijk genoeg om de wereld te helpen. Maar als we nou gewoon ons best doen, verandert U ons water dan in wijn? Helpt U ons dan om van ons ge- woon-zijn het beste te maken dat er voor U bestaat?
God, soms proberen we iets uit, doen we iets voor het eerst. Help ons dan om te proeven wat slecht is en wat goed, wat smaakt als water en wat smaakt als wijn. Help ons om te kiezen voor het allerbeste, ook voor U.