Bij Numeri 20,2-13, Romeinen 12,6-16 en Johannes 2,1-11Soms gaat het in de exegese om het stellen van de juiste vragen. Ook de vragen die tot nog toe onderbelicht zijn gebleven. Bijvoorbeeld: waar om zijn er zes watervaten op de bruiloft te Kana? Voor welk joods reinigingsritueel zijn ze nodig, en wie heeft ze daar ‘neergezet’ (Gr.: keimai)? We nemen gewoonlijk aan dat die vaten er staan voor een ritueel dat met de bruiloft zelf te maken heeft. Maar is dat ook zo?Door in de concordantie te zoeken naar wetsteksten waarin de combinaties van de woorden ‘water’ en ‘vaten’ in elkaars