10e zondag van de Zomer ( Jesaja 51:1-6, Psalmen 138, Romeinen 11:25-36 en Matteüs 16:21-27) De aanhef van Jesaja 51 maakt direct al duidelijk dat het niet woorden voor iedereen zijn. Hij richt zich tot mensen die gerechtigheid najagen en de Eeuwige zoeken. Die worden op een spoor gezet. Kijk naar de rots waaruit jullie gehouwen zijn en de holte van de put waaruit jullie gegraven zijn. Het is minder lief dan sommige vertalingen ons aanreiken. De diepte waaruit wij komen, grijpt nogal aan. Abraham en Sara, met alle nabijheid waarmee Genesis hen voor ons neerzet, waren geen romantische zielen.
Het volledige Premium-artikel lezen?
Dit artikel is voor Premium-leden.
Log in en lees onbeperkt alles op Theologie.nl. Nog geen lid?
Krijg toegang tot ruim 11.500 artikelen, waaronder verdiepende vakinhoud, preekschetsen, exegeses, kindermomenten en preekvoorbeelden.
Bekijk Premium >
InloggenLid worden