Menu

Premium

20. Getekend en hoopvol

Zie ook

Zacharia 9:9-13

Christenen lezen het OT wel zoals toeristen soms het Rijksmuseum doen. Eigenlijk alleen de beroemde stukken en benieuwd of de Nachtwacht er echt net zo uitziet als het plaatje in het eigen kunstboek. Dan heb ik het niet over mijn vader die aan tafel met ons de hele bijbel doorlas, maar over onze te vanzelfsprekende liturgische gewoontes. Tegen Pasen lezen we alleen vers 9 en 10 uit Zacharia 9 en daarna moet de profeet, net als de kerststal, weer een jaartje wachten. Op die manier is de koninklijke intocht in Zacharia 9 alleen een stukje van het draaiboek voor later, bij Mattheüs en Johannes. Of, de bescheidenheid van de koning op zijn ezel spreekt ons aan en dan helpen deze verzen ons aan een mooi woord over vrede en het vernietigen van het wapentuig. Maar ook dan moet je de tekst aanpassen en vanaf vers 9 niet verder lezen dan tot vers 10. Anders is het mooie eraf, want in vers 13 zijn pijl en boog en zwaard alweer terug.

Maar de tekst zelf gaat na vers 10 toch gewoon verder met “ik” (God) en “jij” (Sion). Ook in vers 11 – 13 spreekt God de stad Sion aan. Pas in vers 14 volgen er weer woorden zonder “ik”; daar wordt er óver God gesproken. Dat betekent voor de uitleg dat Mattheüs even moet wachten en dat we eerst iets verder moeten lezen dan gebruikelijk is in de kerk. Daarna nog eens nadenken over de verschillende generaties van schrijvers en lezers van de tekst, tot en met onszelf.

9. Juich luid, dochter Sion!
Roep het uit, dochter Jeruzalem!
Let op, jouw koning komt naar je toe.
Hij heeft het recht aan zijn kant en bevrijding ervaren.
Bescheiden en rijdend op een ezel,
op een ezelshengst, een ezelinnenjong.

10. Dan ga ik het strijdwagenpark uit Efraïm vernietigen,
En de cavalerie uit Jeruzalem.
Dan wordt de oorlogsboog vernietigd.
Hij zal vrede proclameren aan de volken.
en heerser zijn van zee tot zee
en van de rivier tot de uiteinden van de aarde.

11. Ook jij zelf –
om jouw verbondsbloed bevrijd ik je gevangenen uit de put waarin geen water staat.

12. “Keer terug naar de burcht, jullie, geketenden van de hoop!”
Juist vandaag is de bekendmaking:
Dubbel zal ik jou compenseren.

13. Want ik heb Juda gespannen als mijn boog
Efraïm erop klaar gelegd als pijl.
En ik heb jouw zonen paraat staan, Sion,
“tegen jouw zonen, Griekenland!”
Ik maak van jou het zwaard van een held.

Vers 9-10 is een aankondiging van vrede en hoop voor Jeruzalem en een reden tot vreugde. Het is een loflied op de intocht van de koning in de lijn van David, in de stijl van Psalm 72: een heerser op Gods gezag. ‘Hij is rechtvaardig’. Dat is niet een deugd (BGT), maar net als in Psalm 72:1, een positie die de koning van God heeft ontvangen (NBV). Hij is blijkens de uitkomst van zijn strijd met de vijanden in het gelijk gesteld en gered. (Psalm 33:16). En zo doet hij zijn intocht in Jeruzalem. Sommige vertalingen zien nu ook de koning zelf als een echte vredesvorst alle wapentuig wegdoen: ‘Hij zal de strijdwagens vernietigen’. De oude Griekse vertaling deed dat zo, en moderne vertalingen gaan daar soms in mee. Maar er staat een actie van God: ik zal het strijdwagenpark uit Efraïm vernietigen. En het gaat om zijn bevrijding van Israël. De wapens die hen bedreigen zal God uit Efraïm en uit Jeruzalem wegvagen.

Onverwacht gaat het hier over Efraïm: Noord-Israël. Straks gebeurt dat in vers 13 nog een keer. In Zacharia 1-8, in de Perzische tijd, ging het alleen nog over het Zuiden, Juda. Kennelijk wordt hier in Zacharia 9 een veel oudere tekst geciteerd die de hoop vertolkt voor geheel Israël, net als in Ezechiël 37.

Maar de hoofdlijn is Gods optreden als bevrijder van Sion en de terugkeer van de gedeporteerden (vers 11 – 13). God erkent hun lijden. “Om jouw verbondsbloed bevrijd ik je gevangenen”. Dat was een gebed in Psalm 79:10 en 11: Zie toch hoe gewond en geketend wij zijn. Dat is God niet ontgaan. In vers 12 spreekt hij de ballingen direct aan en .noemt hen “de geketenden van de hoop”. Dat is een unieke uitdrukking, maar hij lijkt toch sterk op teksten van gebed en hoop in de Psalmen (Psalm 9:19 79:11 107,10-14) en in Klaagliederen 3:29. God zal de dingen weer recht zetten.

Maar waarom gaat het daarna toch weer over wapens in vers 13? Is de vrede weer voorbij? Juda als boog. Efraïm erop klaar gelegd als pijl. Zij zijn Gods wapens voor het overleven van Sion. Zacharia opnieuw gelezen en toegepast in de tijd na de terugkeer, als de jonge Joodse gemeente zich staande moet houden en Gods heerschappij over de wereld blijft verkondigen.

Nog een latere toepassing is toegevoegd in de tijd van Alexander de Grote. Sion zal zich verweren tegen de Griekse overmacht. ‘En ik heb jouw zonen, Sion, paraat staan tegen jouw zonen, Griekenland!’

Zacharia 9 is een tekst van vele generaties. Het is een signaal dat profetenteksten zijn gelezen en herlezen; geschreven en herschreven, want Gods biografie met zijn volk staat niet stil.

Het citaat van Zacharia 9 bij Mattheüs staat in een lange traditie. Zacharia 9 is niet een voorspelling van Jezus’ intocht. Dan had de tekst over de koning op zijn ezel eeuwenlang nutteloos op de plank gelegen, totdat Jezus het script uitvoerde. Dan doe je het boek Zacharia geen recht en je doet Jezus geen recht. Hij maakt van de hoopvolle tekst een uitdaging. Jeruzalem, jij verwacht een koning? Hier is hij! Dat is Zacharia opnieuw gelezen en vrijmoedig toegepast in de Romeinse tijd. In Zacharia staat Sion centraal. Daar komt de koning binnen. In Mattheus staat Jezus centraal. Hij is degene die binnenrijdt in Jeruzalem en volgens het Evangelie de rol van de messiaanse koning heel anders vervult dan verwacht. Daar zullen we het als Joden en Christenen niet gauw over eens zijn. Maar misschien wel over onze ervaring met het lezen van de bijbel. Niet alleen de schrijvers, maar Gods manieren van aanwezig zijn onder ons houden de hoop levend en het leven in stand.

Lees het volgende artikel in deze serie: 21. Schapen worden helden

Wellicht ook interessant

None

Preview: God. Naar een andere filosofie

We beginnen dus nu aan een boekje over denken over God, over de Naam. Goed, maar is dat nog wel nodig? Kan dat zelfs nog wel? Niet dat het taboe zou zijn, nee, merkwaardig genoeg loopt de boekenmarkt over van titels over God en godsdienst. Iedereen schrijft over God tegenwoordig. Sinds kort bestaat het prestigieuze Journal for Continental Philosophy of Religion (Brill). Dat betekent dat er in elk geval interesse wordt getoond in dat filosofische terrein. Theologen, natuurlijk, maar ook filosofen, wetenschappers, politici, kunstenaars en nog anderen kunnen er niet over zwijgen.

None

Nicea voor Nu; hoe een oude belijdenis ons vandaag kan helpen

Drie initiatiefnemers – Jelle Huismans, Margriet Westes en Arnold Smeets – hebben ervoor gezorgd dat 32 schrijvers samen 47 korte, puntige bijdragen schreven over de Geloofsbelijdenis van Nicea. Steeds namen de auteurs een paar woorden uit de belijdenis voor hun rekening, waarover zij twee à drie pagina’s schreven. Dat maakt het tot een zeer toegankelijk boek. Met dank daarvoor: ik heb het met plezier gelezen en hier en daar zinnen onderstreept en smileys of kruisjes gezet bij uitspraken die mij boeiden of juist tegenstonden.

Basis

Boekrecensie Verblijven in de ziel van Esther Stoorvogel door Ludy Fabriek

Het boek Verblijven in de ziel van Esther Stoorvogel is een geweldige uitdaging om je innerlijke relatie met God als je hemelse Vader meer en meer te verdiepen. Het beeld van de ziel als een burcht met zeven verblijven spreekt heel erg tot de verbeelding. Zeker om de ontwikkeling van je geestelijke leven te zien als een reis door die verblijven op weg naar het hart van de burcht: de troonzaal. Het uiteindelijke doel van een kind van God is om zó dicht bij Hem te zijn, dat we volkomen één met Hem zijn. Vandaar dat de subtitel van het boek ook treffend gekozen is: De innerlijke reis naar het hart van God.

Nieuwe boeken