< Terug

Radicale theologie als goed nieuws

In dit Theologisch drieluik introduceert Jos de Keijzer je met radicale theologie.

Deel 1: wat is het?
Deel 2: deconstructie

Op 8 juli verschijnt de reactie op dit drieluik, geschreven door Bram Kalkman.






Jos de Keijzer

“We hebben een Jezus nodig die voorbij gaat aan religie zodat hij relevant kan worden in de strijd tegen het religieuze.”

Theologisch drieluik: radicale theologie (deel 3)

In mijn vorige twee blogs heb ik aandacht besteed aan radicale theologie, een relatief nieuwe beweging in Nederland maar met wortels in de ‘God is dood’-theologie van de jaren 60. Na een korte introductie van radicale theologie ging ik over op een kritiek van het Westers christendom. Ik eindigde met: “Ja, maar Jezus dan?” Daar gaan we nu verder.

Goed nieuws

Het evangelie naar radicale theologie zegt: “God is dood en dat is goed nieuws. Niet langer hoeven we goden te vrezen, te aanbidden, of aan ze te offeren. God heeft zich in het vlees van Jezus gemanifesteerd, is vervolgens gestorven en blijft voor altijd onder ons. De dood van god is de aankondiging van vergeving van jezelf en anderen, de vrijheid anderen lief te hebben en voorbij jezelf te bestaan.”

Zonder opstanding

De dood van god kan op verschillende manieren opgevat worden: metafysisch, symbolisch, historisch en ethisch. Radicale theologen hebben geen gezamenlijke systematische theologie en denken allemaal weer anders over deze zaken. Wat hen mogelijk bindt, is de mening dat de opstanding er niet toe doet. Het gaat juist om die dood van god. En dat is handig want het geloof af te laten hangen van een historisch onbewijsbare gebeurtenis is tactisch gezien onverstandig.

God is werkelijk een van ons geworden, heeft geleden, is dood gegaan en is het zaad van de toekomst geworden: een mensheid zonder goden

Maar ook hier een theologische reden. Kerkhistorici zeggen dat het vroege christendom effectief weerstand heeft geboden aan het docetisme dat leerde dat Jezus alleen maar op een mens leek. Maar zijn de o zo christelijke leerstukken van de maagdelijke geboorte, Jezus vermeende magische krachten en zijn opstanding uit de dood niet allemaal kleine stapjes richting van de ‘verontmenselijking’ van Jezus? Het christendom is juist wel docetisch zou ik zeggen! Het woord werd vlees maar net niet helemaal!

Jezus geïnterpreteerd

In metafysische zin kun je zeggen dat god vlees werd in Jezus. De ultieme daad van zelfontlediging, maar dan wel graag zonder achterblijver. De hele god werd in Jezus openbaar—maar dat is op zich niet genoeg. God stierf aan het kruis. En daarmee is de kous af. God is werkelijk een van ons geworden, heeft geleden, is dood gegaan en is het zaad van de toekomst geworden: een mensheid zonder goden.

Symbolisch gezien is Jezus niet echt god maar zijn zijn leven en dood een symbolische opvoering van een bepaald inzicht. Dit sluit nauw aan bij de historische interpretatie. Het is een inzicht dat langzaam en als gevolg van een ingewikkeld proces tot ontwikkeling is gekomen in het Westers denken. Daarin hebben Paulus, Luther, Hegel en Nietzsche een belangrijk aandeel gehad. Maar natuurlijk ook radicale theologie.

De ethische interpretatie

Volgens een ethische interpretatie van de dood van god, maakt het de weg vrij voor een leven zonder vrees voor goden, slavernij, hel of uitbuiting. De dood van Jezus is niet een offer aan een toornende god maar de dood van die god zelf. Er zijn geen offers, geen zondebokken, meer nodig. Ook niet economisch of politiek. Zijn dood roept op tot een einde aan geweld.

De dood van Jezus stelt dan ook weer de vraag naar de betekenis van zijn leven. Daar kom ik zo even op terug.

We hebben een Jezus nodig die voorbij gaat aan religie zodat hij relevant kan worden in de strijd tegen het religieuze

Religies en het religieuze

Naast het onschadelijk maken van de christelijke god, is een van de doelen van radicale theologie het gedachtegoed van en rondom Jezus te hertalen voor het Westen in de 21ste eeuw op een manier die relevant is en ons uitdaagt. Voorbij de onzin van magische waanideeën, schadelijke constructies van god, en vooral: voorbij de eis dat religie de weg naar Jezus is. Jezus bleef een religie na de ontkerstening van het Westen. Dat is het grootste obstakel om Jezus relevant te laten zijn in de wereld van vandaag.

We hebben een Jezus nodig die voorbij gaat aan religie zodat hij relevant kan worden in de strijd tegen het religieuze. Let op! Ik heb het over religie en het religieuze. Religies vormen een traditionele categorie van ideologisering. Het religieuze is universeel en omvat alle ideologieën, pathologieën en religies. Iedereen is religieus betrokken op het leven. Ook atheïsten, moeders, drugsdealers, kunstenaars, nudisten en nihilisten.

De religieuze drijfveer

Daarmee bedoel ik niet dat iedereen een bepaalde god aanbidt of religie aanhangt, maar dat mensen van hun leven altijd een project maken. Het dient een doel. En dat doel ligt in 99,99% van de gevallen in onszelf in plaats van erbuiten. Het religieuze is de innerlijke drijfveer die ons brengt tot gezamenlijke projecten als het kapitalisme, antisemitisme, fascisme, neoliberalisme, hedonisme, consumentisme… Zo kan ik nog wel even doorgaan. De religieuze drijfveer wil meestal omhoog, of het nu gaat om high zijn, inkomensprognoses, wolkenkrabbers, ruimteprogramma’s of seks. Omhoog, weg van het aardse leven.

Hoe passen we Jezus toe, niet als voorman voor religieus escapisme, maar als voorloper van authentiek mens-zijn?

Hoe ontwikkelen wij een interpretatie van Jezus voorbij religie die het religieuze in de mens blootlegt, aan de kaak stelt, en die oproept tot verandering? Kortom, hoe passen we Jezus toe, niet als de voorman voor een religieus escapisme, maar als de voorloper van een authentiek mens-zijn gericht op het praktisch transformeren van een onrechtvaardige wereld en een verwoeste aarde?

De nieuwe mens

Ik kom weer terug op mijn eerdere ethische interpretatie van Jezus’ dood als de dood van god. Wat was dan de betekenis van zijn leven? Ik stel het volgende voor. Als Jezus inderdaad de vleesgeworden god is, dan is openbaring niet informatie maar existentie. Het draait niet om dingen weten, maar om een aanwezigheid.

Openbaring is een soort zijn. Het is het soort zijn dat goden aan de kaak stelt en de poten onder macht en rijkdom wegzaagt. Het is het soort zijn dat naar armen omziet. Het is het soort zijn dat gekruisigd wordt omdat het volledig antithetisch is aan de wereld (inclusief het christendom). Het is een gevaar voor de gevestigde orde.

Jezus leefde binnenstebuiten; hij leefde niet voor zichzelf maar voor de ander

Het leven van deze zijnswijze is exocentrisch. Als egocentrisme het ‘ik’ centraal stelt, vindt exocentrisme zijn middelpunt buiten het ‘ik’. Jezus was exocentrisch, dat wil zeggen: hij leefde binnenstebuiten. Hij leefde niet voor zichzelf maar voor de ander. “Als het zaad niet sterft, kan het geen vrucht dragen. Wij zijn leven probeert te redden zal het verliezen.”—aldus Jezus.

Jezus was, ondanks zijn eigen religieuze context, een nieuw soort mens. Iemand in wie een nieuwe zijnswijze tot ontplooiing kwam. Als je dat god wilt noemen, ga je gang. Maar als je dat spoor volgt tot in de 21ste eeuw in onze context, leidt het tot een zich altijd vernieuwende uitdaging die aan religie geen boodschap heeft.

Ik keer weer terug naar de apologeten waar ik mijn drieluik mee begon. Ik concludeer dat de vraag naar het bestaan van god de verkeerde is. De vraag die we moeten stellen is: wat doe je met het woord god?

Jos de Keijzer is theoloog en freelance copywriter. Hij voltooide in 2017 zijn studie systematische theologie in de Verenigde Staten waar hij zijn dissertatie schreef over de invloed van Luther op de vroege theologie van Dietrich Bonhoeffer. Na zijn terugkeer naar Nederland is hij als zelfstandig tekstschrijver begonnen voor het bedrijfsleven en de dienstverlenende sector. Zijn dissertatie is in Duitsland gepubliceerd onder de titel Bonhoeffer’s Theology of the Cross.

< Terug