< Terug

Wat is radicale theologie?

In dit Theologisch drieluik introduceert Jos de Keijzer je met radicale theologie.

Deel 2: deconstructie
Deel 3: goed nieuws

Op 8 juli verschijnt de reactie op dit drieluik, geschreven door Bram Kalkman.






Jos de Keijzer

“Radicale theologie gaat verder dan een atheïstisch ‘nee’ tegen god; er is een grondigere ‘nee’ nodig.”

Theologisch drieluik: radicale theologie (deel 1)

Wat is radicale theologie? Goeie vraag. Ik weet het niet precies en ik vraag me af of er wel iemand is die een juist antwoord kan formuleren. Toch noem ik mezelf sinds enige jaren radicaal theoloog. In de beweging die radicale theologie genoemd wordt, herken ik steeds meer van mijzelf en mijn worsteling met het christelijke geloof. Daarom toch maar een poging om uit te leggen wat radicale theologie is.

Is god dood?

Mijn kennismaking met radicale theologie is in verschillende stadia verlopen. De eerste keer was ik nog een kind en hoorde ik van theologen (op zich al een verdachte groep) die durfden te beweren dat God dood is.

De tweede keer was het via de Amerikaanse apologeet Bill Craig, die zijn lezingen regelmatig begon met een ironische verwijzing naar een cover van Times Magazine uit de jaren 60. Op een zwarte achtergrond stond met grote witte letters: “Is God dead?” Vervolgens ging Bill verder met te zeggen dat God de laatste jaren weer springlevend is. Mede dankzij—tromgeroffel—het baanbrekende werk van apologeten als hijzelf.

Radicale theologie is in twee opzichten radicaal: het is iconoclastisch en het gaat terug naar de wortel

De derde keer dat ik met radicale theologie in aanraking kwam, was ik een dissertatie aan het schrijven over de theologie van Bonhoeffer. Mijn kennismaking met Bonhoeffers theologie, die op diens beurt wortels heeft in de theologie van Luther, had al de nodige taboes doorbroken. Daarnaast was een van mijn medestudenten (die bezig was met een dissertatie over Rudolf Bultmann en Slavoj Žižek) tot mijn verbazing atheïst. Hij had het vaak over een zekere Thomas Altizer, een vurige bepleiter van de dood van god. Altizer hoorde bij dat clubje theologen dat het in de jaren 60 aandurfde om een radicaal nieuw geluid te laten horen: god is dood. Hij was medeverantwoordelijk voor die gewraakte Times cover.

Ik was de voor eigen parochie prekende apologeten allang vergeten en wist dat ik deze keer goed moest luisteren. Zo ben ik van Bonhoeffers theologie uiteindelijk verhuisd naar de radicale theologie. En met veel plezier mag ik wel zeggen.

Radicaal

Radicale theologie is radicaal in twee opzichten. In de eerste plaats is radicale theologie iconoclastisch. De beeldenstorm is er niets bij. Alle goden moeten er aan geloven, ook degene die beweren dat ze geen afgod zijn—juist die! De god van het christendom ook dus. Bovendien, de oplossing voor de ontkerstening van het Westen is niet een terugkeer naar god, een reveil, maar een verder en nog grondiger loslaten van de god die alle touwtjes in handen heeft.

Er is een theologische noodzaak om god zijn bestaansrecht te ontnemen

Radicaal komt van radix, wat wortel betekent. Radicale theologie gaat terug naar de wortel. Dat is de tweede betekenis. Waarom geloven we wat we geloven? Als je kijkt waar de christelijke religie vandaan komt en hoe die ontwikkeld is, ga je begrijpen dat op belangrijke momenten vreemde beslissingen zijn genomen die nu klakkeloos als waar geaccepteerd worden. Radicale theologie schrikt daarin niet terug voor moeilijke vragen en verstrekkende conclusies; er zijn namelijk geen taboes of heilige huisjes. Radicale theologie heeft dit gemeen met Luthers theologie van het kruis.

Dodelijk

Radicale theologie is dus dodelijk voor goden. De theologen van de jaren 60 benoemden wat iedereen eigenlijk al wist: de Westerse christelijke god werkt niet meer. En dus zeiden ze dat gewoon. Maar er is ook een theologische noodzaak om god zijn bestaansrecht te ontnemen. Westerse theologie heeft al vroeg een verkeerde afslag genomen. Theologen gaven zich over aan een geforceerde integratie van de god van Jezus in een allesomvattend filosofisch systeem. Cognitieve obsessie was het gevolg. En nog steeds gaat het er telkens om het juiste ding te weten om erbij te horen: ‘insider knowledge’, de juiste leer, catechese, systematische theologie, ‘wat de bijbel zegt’, etc.

Wie denkt dat met de dood van god het werk klaar was, heeft het mis. Radicale theologie is doorgegaan en is ook vandaag een beweging die springlevend is. Het staat in een kritische dialoog met christelijke theologie maar net zo goed de maatschappij. Bij nader inzien is de god van het christendom nooit echt doodgegaan.

Radicale theologie focust op de religieuze drijfveer die ook (en juist) in een geseculariseerde maatschappij achter schermen aanwezig is

Toen na de Verlichting het christelijke geloof langzaam de grip verloor op de maatschappij is de christelijke god incognito gegaan. Hij dook weer op in de vorm van ideologieën als kapitalisme, marxisme, consumentisme, hedonisme, fascisme, populisme, neoliberalisme, etc. Het geloof als zodanig aanvallen is daarom voor radicale theologen niet interessant; dat doen zelfovertuigde atheïsten al. Het gaat erom god—of het structurele denkprincipe achter ideeën—bloot te leggen.

Radicale theologie focust op de religieuze drijfveer die ook (en juist) in een geseculariseerde maatschappij achter de schermen aanwezig is. De mens is ten diepste religieus. We zijn niet zozeer homo sapiens maar homo religionis. We wijden ons leven toe aan een doel, een god, een ideologie en dat kan positieve of negatieve gevolgen hebben, maar aanbidden zullen we. Ook de moderne mens is een religieus bevlogen mens.

Afgrond

Goden, ideologieën, wereldbeelden en politiek-economische systemen hebben als uiting van de religieuze drijfveer een maatschappelijk regulerende functie. Meestal, echter, zijn ze vooral ook pogingen om de dood te ontvluchten. Met filosoof Slavoj Žižek, stelt radicale theologie dat de realiteit in de kern gekenmerkt wordt door een gat, een leegte, een afgrond. In elke wetenschappelijke discipline, elke existentiële benadering, in elke religie en ideologie, kom je als je goed kijkt een scheur tegen, een paradox; iets wat niet klopt.

De wortel van alle kwaad en ellende is de stofzuiger van betekenisloosheid die aangejaagd wordt door onze sterfelijkheid. Daar slaan we voor op de vlucht. We bedenken religies en ideologieën om die betekenisloosheid te kunnen negeren. Zo pretenderen we dat het leven zin heeft. Daarom heeft radicale theologie meer met een dode god dan een opgestane Heer. Dode goden zitten onze realiteitszin niet langer in de weg.

Radicale theologie gaat verder dan een atheïstisch ‘nee’ tegen god; er is een grondigere ‘nee’ nodig

Theologie

Is radicale theologie dan nog wel theologie? Ja, maar het is anti-theologie. Het maakt de weg vrij voor een authentiek mens-zijn. Verrassend vaak (maar niet altijd) zie je bij radicale theologen een heroriëntatie op Jezus. Maar dan wel zo dat die het christelijk geloof ontstijgt. Bonhoeffer voorzag een godsdienstloos christendom. Radicale theologie geeft er inhoud aan.

Dat maakt radicale theologie een enfant terrible, die geen plaats krijgt aan de tafel van de theologen. Maar dat hoeft ook niet. Radicale theologie zaagt juist de poten onder die tafel vandaan en probeert kerk en wereld zijn ingebeelde zekerheden te ontnemen. Radicale theologie ontketent dus een kritiek op kerk, christendom, theologie en maatschappij. Maar het gaat tegelijkertijd verder dan een atheïstisch ‘nee’ tegen god omdat na de verdwijning van god, de goden van onze hersenspinsels toch springlevend blijven in ideologieën en denksystemen. Dus er is een grondiger ‘nee’ nodig dan het atheïsme.

In een recent boek, Onzeker weten, wordt een mooie poging gedaan om radicale theologie te introduceren in Nederland. Ik beveel het boek van harte aan. Toch wil in mijn volgende twee blogs (dit is de eerste van een drieluik) een stap verder zetten. Onzeker weten is al beter dan zeker weten. Zeker! Maar misschien is ook onzeker weten te veel van het goede. Stoppen met onze cognitieve obsessie is één; het weten zelf een trap onder de kont geven is twee. Is te veel willen weten niet dé verleiding waar Adam en Eva voor vielen?

Jos de Keijzer is theoloog en freelance copywriter. Hij voltooide in 2017 zijn studie systematische theologie in de Verenigde Staten waar hij zijn dissertatie schreef over de invloed van Luther op de vroege theologie van Dietrich Bonhoeffer. Na zijn terugkeer naar Nederland is hij als zelfstandig tekstschrijver begonnen voor het bedrijfsleven en de dienstverlenende sector. Zijn dissertatie is in Duitsland gepubliceerd onder de titel Bonhoeffer’s Theology of the Cross.

Bram Kalkmans reactie verschijnt op 8 juli

< Terug