Menu

Basis

Column Júlia: “In mijn beleving kon God vooral luid zwijgen”

De Jonge Theoloog der Nederlanden over ‘roeping’

Júlia Herku

Júlia Herku is in 2025 de Jonge Theoloog der Nederlanden. Als tiener wilde ze psycholoog worden, maar dat veranderde toen ze besefte wat haar het meeste had geholpen toen ze het zelf moeilijk had. Dat was God. Als Jonge Theoloog der Nederlanden onderzoekt ze hoe gezinsstructuren de godsbeelden van mensen beïnvloeden. In deze columnserie volgen we wat Júlia meemaakt als Jonge Theoloog.

Luid zwijgen

Een paar maanden geleden begon mijn avontuur als Jonge Theoloog der Nederlanden. De uitreiking was ‘s avonds, tijdens de Nacht van de Theologie, maar de hele dag stond voor mij in het teken van deze gebeurtenis. Na mijn corveetaken in de leefgemeenschap waar ik woonde, dat wil zeggen: plees poetsen, begon ik aan mijn stille tijd.

Mijn stille tijd was allesbehalve stil. Ik was vooral zelf veel aan het woord. Het thema ‘roeping kwam ter sprake, iets waar ik vaak met Hem over praat. Ik zei weleens tegen anderen dat ik mij geroepen voelde, maar ik wilde geen woorden in Zijn mond leggen. Zijn stem moest mij ergens toe roepen, dus begon ik er regelmatig over tijdens het bidden, in de hoop iets te horen. Maar in mijn beleving kon God vooral luid zwijgen.

In de houdgreep

Zoals Jakob worstelde ik met God. Ik wilde pas uit gebed gaan, als ik Zijn zegen had ontvangen. Ik probeerde Hem in de houdgreep te krijgen door al mijn onzekerheden op te noemen. Onzekerheden waarvan ik dacht dat ze me zouden diskwalificeren voor mijn werk in de kerk – en mogelijk ook als Jonge Theoloog der Nederlanden – zoals mijn kennis, mijn leeftijd, mijn dyslexie, en ga zo maar door. Zo bleef ik worstelen, hopend op een weerwoord dat me gerust zou stellen, dat mijn onzekerheden zou wegnemen.

Ik probeerde Hem in de houdgreep te krijgen door al mijn onzekerheden op te noemen

Maar toen ik eindelijk besloot te zwijgen, werd ik naar Exodus 3 getrokken. Daar las ik hoe Mozes door God werd geroepen, terwijl hij zichzelf totaal ongeschikt vond voor de taak die hem werd toebedeeld. Pas toen Mozes klaar was met zijn eigen onzekerheden en zijn mond hield, sprak God. God ging niet in tegen zijn onzekerheden door hem te vertellen wat een geweldige en geschikte man hij was – iets wat ik ook graag van God zou willen horen, behalve het man-gedeelte dan. Nee, God zei: “Voorzeker, Ik zal met u zijn”.

Heilige grond

Na het lezen en herlezen van Gods woorden, begon het bij mij te landen. Ik had dan geen doornstruik die in de fik stond, ik verstond Zijn heldere stem niet en ik hoefde geen volk uit Egypte te leiden, maar op dat moment mocht ik net als Mozes mijn schoenen uitdoen. Waar iets van mijzelf plaatsmaakte voor meer van Hem, daar was heilige grond.

En wat wil ik graag dat Hij meer en meer grond inneemt in mijn leven. Ik voelde mij aangetrokken tot de titel Jonge Theoloog der Nederlanden, maar dacht dat ik niet goed genoeg zou zijn. Het verlossende inzicht was dat dat ook niet hoefde. God opende een deur, ik mocht naar binnen, en Hij deed het echte werk. Er was meer dan zwijgen.

Waar iets van mijzelf plaatsmaakte voor meer van Hem, daar was heilige grond

Make-up en bidden

Na deze semi-stille tijd kwam een huisgenootje mij helpen met mijn make-up en het uitzoeken van geschikte schoenen – bezigheden die nogal contrasteerden met mijn voorgaande worstelingen. Daarna bad ze voor me, een heerlijke combinatie die christelijke vriendinnen kunnen bieden: je make-up doen en bidden. Haar gebed verzegelde de woorden die tot me hadden gesproken, en ik vond rust.

Ik ben trots op je

Voor de Pieterskerk in Utrecht sprak ik af met mijn ouders en (pleeg)broers en -zussen. Voor God en voor hen zou ik mijn bedankspeech houden die ik had voorbereid, bedacht ik me, of ik nou wel of niet de Jonge Theoloog zou worden. God was met mij, hoe dan ook.

God was met mij, hoe dan ook.

Mijn zus begreep niet echt waarom we er allemaal waren. Ze zei: “Ik ben trots op je, en daar gaat het toch om?” Ik staarde haar aan, vol zenuwen. Hoe kon ze zo nuchter zijn? Ik vroeg haar wat ze precies bedoelde. “Oh, sorry, sorry…”, zei ze. “Ik dacht dat je al niet meer in aanmerking kwam voor die titel.”

Daar stond ik dan, na al mijn dramatische gedachtespinsels, het luide zwijgen en de diepe openbaringen van die dag. Ik schoot in de lach. Wat heeft God toch een goed gevoel voor humor. Opgelucht stapte ik de kerk binnen. Gelukkig, dacht ik, hing het niet allemaal alleen van mij af.

Júlia Herku is vierdejaarsstudent Theologie aan de Christelijke Hogeschool Ede. In 2025 is ze de Jonge Theoloog der Nederlanden.

Meer lezen?

Wellicht ook interessant

Basis

Leven als rijke westerling in een extreem arm land

Hoe ziet het volgen van Jezus eruit op een plek die je niet goed kent, die je niet goed begrijpt, en die enorm verschilt van de plek waar je vandaan komt? Op die vraag probeert Arjen Zijderveld in deze serie antwoord te geven. In oktober 2025 verhuisde hij samen met zijn vrouw en twee kinderen van 4 en 2 van Nederland naar Malawi, wegens het werk van zijn vrouw. In Malawi komt hij als rijke westerling echter voor allerlei ethische dilemma’s te staan, lezen we in het eerste artikel. Wanneer knijp je een oogje toe?

None

Voetballen voor God en vaderland

Heilig gras, clubiconen, de hand van God – in de voetbalwereld barst het van de religieuze symboliek. Supporters zingen op zondag hun liederen, verlangen vurig naar een overwinning en danken het team na de weelde van drie punten. Bovendien lijkt er op het professionele veld ruimte te zijn voor ‘echte’ religie. We zien voetballers kruisjes slaan, het gras kussen en bezield omhoog wijzen na een doelpunt. In deze serie leggen we voetbal en geloof naast elkaar: wat hebben ze gemeen en wat juist niet? Dit keer is sportjournalist Frank Van de Winkel aan het woord over geloof in het Belgische en Nederlandse nationaal voetbalelftal.

Nieuwe boeken